Rijkswaterstaat

Ken je dat imposante gebouw van Rijkswaterstaat langs de A12 bij Utrecht? Zal wel niet hé? Geeft niks hoor. Wat de fuk moet je ook bij Utrecht in de buurt doen immers? Hoe verder van de Randstad hoe beter, zeg ik altijd.
Maar goed, ik ken het gebouw dus wel en ik heb daar een fantastisch lollige anekdoot over te vertellen. Lees gerust verder.

In mijn tijd in de machowereld reed ik eens ’s nachts met collega E. in onze patrouillewagen op patrouille. Ik zeg patrouillewagen maar het was eigenlijk gewoon een Polootje en ik zeg op patrouille maar eigenlijk was het gewoon een controleronde hoor, maar voor het verhaal klinkt het gewoon allemaal net even iets spannender.

E. en ik waren het ‘een dienst niet gelachen is een klutdienst’ type en ook tijdens deze patrouilleronde viel de ene woordgrap over de andere heen. Ik weet ze niet allemaal meer maar geloof me, het was dikste pret in de auto.
Toch weet ik nog eentje als de dag van gisteren (ik gebruik ‘m zelfs nog wel eens) en dat is ook niet zo gek want het was me daar eentje, lieve lezer!
Lees gauw verder!

We reden over de A12 terug naar HQ vanuit de richting Woerden en in de verte doemde het imposante gebouw van Rijkswaterstaat op. Mooi verlicht.
E. reed en ik zat op de bijrijdersstoel. Wat op zich wel handig was omdat de kofferbak toch een stuk minder ruim en comfortabel is dan die gladjakkers van reclamejongens je altijd willen laten geloven.
We hadden net de tranen droog en het werd even stil in de auto. Even allebei een moment op adem komen. Het gebouw kwam dichter en dichterbij.
Plots zei ik “Ik geloof dat daar Rijkswater staat”………………..

Met zijn grootste rollende ogen uitdrukking draaide E. zijn hoofd heel langzaam naar mij en hij zag mijn gezicht met mijn gigantischte smile ooit. Ken je dat, dat je een grap maakt en dat je dan iemand net zolang aankijkt tot hij begint te lachen? Nou, dat deed ik dus.
We stopten bij het dichtstbijzijnde tankstation want we moesten allebei onze slip verschonen. Nee hoor, we hadden gewoon zin in wat lekkers.
Maar mensen, wat een dijenkletser was dat zeg!

Goddegoddegot, ik ben me d’r ook eentje hoor.