Two down

In 1986 stelde mijn lerares Nederlands voor als klas mee te doen aan ‘Doe maar Dicht maar’. Een landelijke gedichtenwedstrijd voor scholieren. Ik frommelde een licht erotisch raapsel over een tandenborstel in elkaar, juf zei dat ik ‘toch ’s een keer normaal moest doen’ en dat ze weigerde dit gedicht in te sturen. Ik hield voet bij stuk en zei haar dat dit mijn gedicht zou zijn. “Dit komt nooit door de jury”, zei ze.
Groot was mijn (en nog meer háár) verbazing dat ik enkele weken later uitgenodigd werd voor de Noord-Nederlandse finale in de Stadsschouwburg van Groningen.
Met mijn ouders ging ik die avond naar de schouwburg. Mijn ouders namen plaats in de zaal, ik werd verzocht me backstage te melden. Er waren 16 kinderen uitverkozen. We werden in tweetallen gedeeld, samen zouden we het podium op geroepen worden. Na de hele uitleg en rondleiding namen ook wij plaats in de zaal.
Het geheel werd gepresenteerd door Maarten Spanjer. Die kende ik wel van tv. Leuke man. Achter de piano zat een oude man. Geen idee wie het was.
Per tweetallen werden de winnaars het podium opgeroepen door Maarten, ze lazen hun gedichten voor, kregen applaus en hierna speelde de oude man op de piano een liedje. Zo kabbelde de avond rustig voort. Ik vond het wel mooi.
Het overgebleven tweetal was ik met mijn ‘maatje’. De oude man was klaar met zijn liedje, Maarten pakte de microfoon en riep alleen maatje op het podium. Huh??? Ik zat verbluft voor me uit te kijken. Zouden ze mij vergeten zijn? Ik begon te twijfelen. Nadat ‘maatje’ zijn gedicht had voorgedragen en weer naast me ging zitten hoorde ik Maarten mijn naam noemen. Hij vond mijn gedicht persoonlijk het beste gedicht en wilde mij alleen in de spotlights zetten.
Daar stond ik op het podium te shaken en te zweten een grote, donkere zaal in te staren. Met bibberende stem las ik mijn gedicht voor. Ik vond het doodeng. Het publiek lachte en klapte hard na de laatste zin. Ik werd iets meer ontspannen.
Maarten gaf me een hand, schreef iets bij mijn gedicht en gaf me een prijs (geen idee meer wat het was). De oude man kwam van achter zijn piano vandaan en ook hij gaf mij een hand en een schouderklopje. “Goed gedaan, jongen”, zei hij.
Alle 16 winnaars namen afscheid van het publiek en vol adrenaline zocht ik mijn ouders op in de foyer.

En die oude man? Dat was Heinz Polzer. Beter bekend als Drs. P. Hij stierf in 2015 toen ik dees anekdoot schreef.
En nu is Maarten Spanjer ook overleden. Hij zal mij na die avond natuurlijk wel vergeten zijn, maar ik zal hem, en dat moment in die schouwburg, altijd in mijn herinneringen meedragen.

Rust zacht, mannen.

Beste Xavi, beste collega,

Allereerst van harte gefeliciteerd met de ongeslagen reeks van 4 wedstrijden, de koppositie in groep B en een (weliswaar kleine) verbetering in het spel.

In tegenstelling tot velen zie ik wèl aanknopingspunten om dit Oranje verder uit te bouwen tot een onverslaanbare doelpuntenmachine voor het EK2028 in het Verenigd Koninkrijk, WK2030 in Marokko, Spanje en Portugal en EK2032 in Italië en Turkije.
Ten eerste zal je echt afscheid moeten nemen van wat spelers hoor. Zij zijn over the top, niet goed genoeg of gewoon te aandachthoerderig.
Nathan Aké = Over the top. Virgil van Dijk = Over the top. Denzel Dumfries = Over the top. Jeremie Frimpong = Niet goed genoeg (nooit geweest). Teun Koopmeiners = Niet goed genoeg. Kenneth Taylor = Niet goed genoeg (nooit geweest). Guus Til = Niet goed genoeg. Quinten Timber = Niet goed genoeg (nooit geweest).
Memphis Depay = Over the top + Aandachthoer. Noa Lang = Aandachthoer.
Joshua Zirkzee = Niet goed genoeg.
En wat mij betreft kan ‘bedankt voor alles’ gewoon in een Whatsappje. Dat hoef je heus niet helemaal uit te leggen.

Van je huidige selectie kun je Bryan Brobbey, Cody Gakpo, Ryan Gravenberch en Tijjani Reijnders op de niet-eerste-keuslijst zetten. Zij hebben elk wel iets wat eventueel bruikbaar kan zijn en dan heb je in elk geval, met Thijmen Blokzijl, Ro-Zangelo Daal, Ruud Nijstad, Mexx Meerdink, Jerdy Schouten, Kees Smit, Sean Steur en Givairo Read, een aardig sterke bank.
Dan is het ook een mooi moment om van keeper te wisselen. Bart Verbruggen is een redelijke (lijn)keeper hoor, maar meevoetballend valt hij erg tegen. En wees eerlijk, jij moet je toch kapot ergeren aan dat steeds achteruit lopen met het balletje onder de voet? Zet gewoon Robin Roefs onder de lat.

Dan de speelstijl:
We moeten zo snel mogelijk de snelheid voorin met Van Bommel, Malen en Summerville zien te benutten. Valente en Zechiël zullen zich poseren rond de 10-positie om, mits nodig, de 16 te penetreren/de ruimte aan te vallen.
Veerman sluit door naar de 6-positie en Frenkie zal voor zijn rugdekking zorgen. Deze beide spelers moeten de steekballen naar de voorste mannen verzorgen. Doelloos achterin rondspelen moet tot een minimum beperkt worden. De achterhoede gaat met +30 meter ruimte in de rug spelen. Dit kan makkelijk gezien de snelheid ook achterin te vinden is.

Bij balbezit tegenstander vormen Hato, van de Ven en Timber het defensieve blok en sluit aanvoerder Frenkie zich bij dit blok aan. Middenvelders Valente en Veerman vormen een tweemans defensief middenveld, Zechiël gaat op 6 spelen. Buitenspelers Van Bommel en Summerville komen naar binnen terwijl spits Malen in de punt voorin blijft staan. Bij opbouw van achteren tegenstander zullen Van Bommel, Malen en Summerville de eerste lijn hoog druk zetten. Zechiël sluit hierbij aan, Valente zal inzakken.

Nou, zoiets heb ik m’n hoofd. Kijk maar wat je er mee doet. Je kunt me altijd bellen hè, dat weet je.

Oja, nog een tipje:
Bij een corner van de tegenstander, laat gewoon Malen en Summerville op de middenlijn staan. De tegenstander zal dan twee keer nadenken om (lange) verdedigers (vaak goeie koppers!) mee naar voren te sturen.
Johan deed bij Barcelona niet anders 😏.

Tot 13 november 👋🏽

Groet,

Dick Teder,
Voormalig kampioenenmaker
(van een 3e klasse damesteam).

Ps. De vertaalknop zit rechts op dit scherm 😁😉





BAR

De Jodi bar was vroeger een begrip in Groningen. Het was mijn buurtkroeg en ik heb legendarische herinneringen aan deze plek. JOop en DIneke waren de uitbaters. Een gigantische bar aan de rechterkant, een dansvloer aan de linkerkant en achterin waren de wc’s, nóg een barretje en tafels om te kaarten.
De buitenkant zag er niet uit, een grote witte houten plaat met daarop bovenstaand logo (of iets wat erop leek) voor de ramen, en door de inganggordijnen kwam je binnen. Dan was het altijd maar de vraag hoe druk het binnen was. Vaak kon je aan de auto’s op de parkeerplaats al wel zien hoe gezellig het zou worden. Mooie tijd.

Begin jaren 90 verkocht Joop de kroeg aan Ismaël en Ismaël was mijn buurman van een paar deuren verderop. Zijn plan was om er een salsatent van te maken, maar daar kwam hij snel op terug. Wat hij wel deed was de boel verbouwen. De gigantische bar rechts en de dansvloer gingen eruit en een nieuwe bar kwam op de plek waar ik voorheen zo af en toe op vrijdagavond mocht DJ’en.
Schitterende en legendarische (karaoke)avonden heb ik daar meegemaakt.

Wat weinig mensen weten is dat die nieuwe bar door mijn pa is gemaakt.
Nah, en laat nou 4 oktober de geboortedag van hem zijn!
Hij zou vandaag 79 jaar zijn geworden.
Gefeliciteerd ouwe kluskoning!

Weltrussen mam

Mijn laatste uren met mijn moeder.

Met veel meer dan de toegestane snelheid reed ik naar Groningen, naar het UMCG. Ik had geen boodschap aan wetten, regels en andere weggebruikers, ik moest zo snel mogelijk naar m’n moeder. De scan die ze bij haar hadden gedaan gaf een kritiek beeld.
“Ik ga dood”, mompelde ze als eerste toen ik haar knuffelde. Ik nam dat met een korreltje zout want ik ken haar maar al te goed, ze was altijd ‘doodziek’ en telkens bleek dat het allemaal wel meeviel. Trouwens, haar moeder werd 96 dus daar klampte ik me aan vast.
Ze klaagde over pijn in de buik en in de rug en ze was door de morfine vanzelfsprekend heel suf. Met haar praten was lastig omdat ze steeds in slaap viel. Ze werd van de spoedeisende hulp afdeling naar een kamer gebracht en daar viel ze in slaap. Dat was voor mij het moment om buiten even bij te komen. En om bepaalde mensen te bellen en op de hoogte te brengen. Onderweg sprak ik de behandelende chirurg. De scan had uitgewezen dat ze een maagbloeding, bloedproppen in de darmen en in de longen had en dat haar bloeddruk gevaarlijk laag was. Opereren zou tè risicovol zijn gezien haar leeftijd, haar gewicht en haar conditie. Ik moest uitgaan van weken maar misschien wel dagen. Dat kwam even binnen!

Om half 9 kon ze echt niet meer wakker blijven en nam ik afscheid van haar en ik beloofde de volgende ochtend als ze wakker wordt er weer te zijn. Ik aaide haar over haar wang en gaf haar een kus op haar voorhoofd. “Weltrussen mam,”. Ze viel als een blok in slaap. Ik ging naar mijn ouderlijk huis.

Om 23.30 uur kwam hèt telefoontje, ze was overleden.
Ze is rustig en pijnloos in haar slaap gestorven, aldus de chirurg. Ik had er vrede mee. Dit was het beste voor haar.
Ik aaide haar nog één keer over haar wang en gaf haar een laatste kus op haar voorhoofd. “Weltrussen mam, ga maar naar pa”.

Wees

En zo ben je ineens ouderloos.
Na m’n vader, 19 jaar geleden, is afgelopen week ook mijn moeder overleden.

Rust zacht mam, en groeten aan pa.

Love you forever❤️