Stom

* Afschaffen 130 km/u
* Afstandsbediening die niet werkt
* Automobilisten die eerst remmen en dan richting aangeven
* Automobilisten die langzamer rijden dan max. snelheid
* Automobilisten met fietsen achterop
* Autopech
* Auto’s met knaluitlaten
* BN’ers
* D’66 stemmers
* De invloed van Linda de Mol
* De Randstad
* Deugmensen
* Dezelfde mensen in shows
* Doodwensen
* EU
* Facebook
* Files
* GroenLinks stemmers
* Haten
* Herfst
* Hooligans
* Humorlozen
* Is ipv eens
* Kutmuziek
* Lawaai
* Mannen met nagellak
* Mannen met teenslippers
* Me ipv mijn
* Milieuregels
* Motoren met knaluitlaten
* Naïevelingen
* Nederlandse benzineprijzen
* Nederlandse rappers
* Overdadige tattoo’s
* Pesten
* Profsporters die jammeren over geld
* Profvoetballers die mekkeren over druk
* Psoriasis
* Radio DJ’s
* Religie
* Relschoppers
* Snapchat
* Subsidies
* Temperaturen onder 23 graden
* Verbrijzelde schouder
* Vrouwen met filterfoto’s
* Vrouwen met lange oorbellen
* Vrouwen met piercings
* Vrouwen met te veel make up
* Werk
* Wilfred Genee
* Winter
* Zomertijd

En tenslotte * Mensen die mij stom vinden

(dees anekdoot kan t.a.t. aangevuld worden)

Uitslag

Rond half acht kwam ik thuis vanuit de nachtdienst en ik ging even boodschappen doen om de tijd te doden. Het was het bejaardenuurtje en ik vroeg me af waarom ik zo door kon lopen. ‘Blijkbaar maakt een nachtdienst mij 20 jaar ouder.’, redeneerde ik. Hmm, aandachtspuntje.
Tien voor half 10 zou ik gebeld worden, ik had dus nog een uurtje en een half. Ik besloot een rondje te gaan joggen. Hahahaha, nee natuurlijk niet! Ik heb een auto en desnoods een fiets, dan ga ik toch niet rennen?! Duh.
Nee, ik deed de muziek aan en ging op de bank liggen. Beetje voor me uit staren, daar ben ik immers een ster in.

Kwart voor tien, nog geen telefoon. En omdat ik nu toch wel wat lichtjes in m’n hoofd werd belde ik het ziekenhuis. “Oh, die tijd is een indicatie, ze gaan het lijstje af.”, meldde de vriendelijke telefoniste. Er zat niets anders op dan te wachten.
Half 11, ik schrok wakker van een geluid. Het was de wekker van m’n telefoon die op de tafel naast me lag. Ik drukte op het ding en ging rechtop zitten. “Hallo! Hallo, hoort u mij?”, hoorde ik vanaf de tafel. Ik snapte uit m’n slaapdronkenheid en pakte de telefoon op. Mevrouw de chirurg aan de lijn. “Goedemorgen.”, stamelde ik en bedacht tegelijkertijd dat ik gelukkig geen rare geluiden (een scheet zum bleistift) had gemaakt in die paar seconden dat de foon op tafel met de lijn open lag.

Nou ja, lang verhaal kort: HET IS NIET ERNSTIG, MENSEN! En zeker geen kanker! Ze vertelde nog van de bloedwaarden en hoe nu verder maar dat heb ik niet meegekregen, ik was te druk met een vreugdedansje doen.
Nee hoor, dat is gewoon voor dit verhaal niet zo belangrijk. En trouwens, het is medisch geheim. Dus lekker puh!

Belangrijkste is dat er een lastje van m’n schouders is gevallen en dat ik me geen zorgen meer hoef te maken.

Ik wil iedereen danken voor de meelevende woorden, gedachten en wat niet al, dat waardeer ik echt! Jullie komen allemaal in m’n testament.
Dat beloof ik.

Spannende tijden

Zo! Dat waren 2 spannende weken.
Ik heb sinds een tijdje een gevoelige linkertepel en mannen als ik doen daar dan lacherig over. Gaat wel weer over.
Maar toen ik op een woensdagochtend het blootgetorste (voormalig…. Ja, het gaat bergafwaarts….) prachtlijf eens goed in de spiegel bekeek, viel me op dat linkertet wat dikker was dan z’n broertje op rechts.  
Omdat m’n ogen ook met mach-snelheid achteruit gaan, vroeg ik ’s avonds een der verzorgsters van de kliniek om mijn bevinding te bevestigen maar natuurlijk nog liever om te ontkennen. Ze bevestigde het en zei er dwingend bij dat ik dit toch even echt bij de huisarts moest melden.

Ik liet dit advies een paar dagen en een weekend rusten en zag in die tijd dat de tet toch wel hele duidelijke vergroting ten opzichte van de andere begon aan te nemen.
Maandag 4 mei besloot ik dan toch de huisarts te bellen voor een afspraak want, om eerlijk te zijn, ik begon ‘m eigenlijk best wel een klein beetje te knijpen. Gelijk diezelfde middag was ik van harte welkom. Leuk mens, aardig mens maar wel met de boodschap dat ze het niet helemaal vertrouwde. Ze verwees me door naar het ziekenhuis.
SLIK!

Donderdag 7 mei stond ik al op tijd bij het ziekenhuis bij de aanmeldbalie om me aan te melden, want ja, dat doe je daar. Ik kreeg een briefje mee met daarop 3 afspraken. Eentje voor een gesprek met de chirurg, eentje voor de mammokamer en eentje voor de echokamer. Ik moest eraan geloven, ik ging door de kankermolen.
SLIK!
Ik probeerde kalm te blijven en over te komen maar op de mammokamer bleek dat vrij lastig en verloor ik bijna mijn ‘cool’. Bij pijn ben ik blijkbaar toch minder relaxed als ik wens en een tiet die door een soort bankschroef geplet wordt is best pijnlijk, kan ik melden.
De echomevrouw was niet van het praterige en zelfs mijn beroemde charmes werkten niet bij haar. Na mijn vraag hoe het er uitziet stond ze resoluut op en liep weg. “Dat hoor je niet van mij!”, snauwde ze. Ik zag dat als geen goed teken.
SLIK!

Het afrondende gesprek met de chirurg gaf me enigszins wat hoop want er zit dan wel een gezwel achter mijn borst en in m’n oksel maar waarschijnlijk een goedaardige, vertelde ze. Wel moet ik de komende maanden goed in de gaten houden of het groeit of minder wordt. Want het gezwel moet uit zichzelf weer slinken (ha!), zei ze. Groeit ie gestaag door, dan moet ie eruit, zei ze ook nog even tussen neus en lippen door.
SLIK!
Voor de zekerheid om kanker echt uit te sluiten liet ze me nog bloed prikken en zou ze me maandag 18 mei daarover bellen.

Ze heeft gebeld. M’n bloed is op 1 punt niet in orde (moet 8 zijn, bij mij is het 9) en nu wil ze nog een echo laten maken van m’n testi’s. Om alle zekerheid weg te nemen. SLIK!
Vrijdag 29 mei de testipic, vrijdag 5 juni de uitslag.
Het blijven dus nog even spannende tijden. 

Ik mag weer!

Die paar vaste lezers weten het inmiddels, 2x per jaar laat ik me geheel vrijwillig opnemen in een kliniek om te werken aan mijn lijf. En vanaf vandaag mag ik weer.
De afgelopen weken heb ik zelf het voorwerk al gedaan. Elke avond voor het slapen gaan even met de dumbells aan de slag, even de slappe tetten op kracht brengen schouder op kracht houden. En nu is het aan de kliniek om mijn lijf volledig zomerklaar te maken.


Vanmiddag half 1 krijg ik de eerste behandeling en deze zal anders zijn dan voorgaande jaren. Vanwege het coronavirus mogen de verpleegsters vanzelfsprekend niet te dicht bij mij in de buurt komen, laat staan aanraken, en dat is eigenlijk voor hen meer een gemis. 
Het zoutbad, de belichting en de zonnecabine kunnen gelukkig nog wel en eventueel kan ik zelf de crème aanbrengen. Maar ja, dat vind ik ook prima hoor. En het goeie is, lieve lezer, ik heb dit jaar recht op 41 (ÉÉN EN VEERTIG!) behandelingen! Wie spaart die heeft wat! Man, wat zal ik bruin worden!

Ik weet niet hoelang de coronamaatregelen nog aanhouden maar ik mag er toch vanuit gaan dat we eind juni weer fysiek contact met elkaar mogen en kunnen hebben. En laat dat nou net het moment zijn dat ik weer helemaal zomerklaar, te bezichtigen en zelfs te daten ben.
Toeval bestaat niet.

ps. De man op de foto ben ik niet. Ik draag nooit kettinkjes.
Ik denk, ik zeg het ff.

Pijn

“Papa, hoe vaak heb jij iets gebroken?” Met die vraag gingen we gisteravond naar bed.
Dus begon ik te vertellen over toen ik een jaar of 3 was en ik m’n pink tussen de deur kreeg omdat een oom (?) niet goed oplette. Dat ik daar m’n kromme pink aan te wijten heb. Ik liet het litteken zien. M’n jongens glimlachen.

Ik vertelde dat ik met m’n handpalm in het prikkeldraad vast kwam te zitten tijdens het klimmen. Ik liet het litteken zien. M’n jongens lachen.

Ik vertelde dat ik van een kar afvloog. Dat ik thuis op de bank van misselijkheid in slaap viel, dat m’n zus thuis kwam en met een ruk m’n handschoen uittrok en dat m’n pink langs m’n hand bungelde. Dat in het ziekenhuis 8 doktoren nodig waren om m’n pink weer op z’n plaats te zetten. M’n jongens proesten.

Ik vertelde dat ik van m’n 9e tot mijn 16e elk jaar een blauw oog heb gehad. M’n jongens slappelachen.

Ik vertelde dat ik 3x m’n linker en 2x m’n rechter sleutelbeen gebroken heb en dat een broer van een vriendje tijdens een van deze breuken eens spontaan op m’n schouder sloeg (Hé, lang niet gezien!).  M’n jongens schaterlachen.

Ik vertelde dat ik met een geleend brommertje onderuit ging en een meter of 20 over het asfalt stuiterde. Met m’n hoofd. Zonder helm. Hartje zomer. En dat de dokter tegen m’n hoofd klopte om te bepalen of ik, naast een halfhoofdschaafplek en een gekneusd jukbeen, ook een hersenschudding had. Dat had ik hem ook zonder dat geklop kunnen vertellen. M’n jongens bulderen.

Ik vertelde dat ik in het leger in een greppel donderde en dat toen mijn schouder zo’n harde klap maakte dattie verbrijzelde. M’n jongens bulderen, gieren en brullen en dopjes vocht kwamen mee.

Het zijn ontzettend leuke jongens hoor. Maar ze zijn zo sadistisch als de pest.