In 2000 werd mijn leven serieus. Het lang leve de lol liet ik achter me, mijn relatie had de juiste fundering. We verhuisden van Zeist naar Wageningen en we betrokken daar een rijtjesflatje. Het 3e huis in het rijtje was de onze. In het 1e huis op de hoek woonden John en Katinka. Katinka was het type GOEIENDAG ZEG!! *fluit fluiiiiiiit* en John was een Amerikaan. En dan een echte. Type biker. Ruig, lang grijs haar en ‘fuck’ in bijna elke zin.
Voor hun deur was een soort terras waaronder de kelderboxen waren. Hier stond John zomers bijna dagelijks kippen te barbecueën op zijn enorme BBQ. Vanzelfsprekend werd hij al gauw mijn vriend. Ik legde wat kabels richting het terras voor muziek, verlichting en ventilatoren en avond aan avond zaten we bij ze voor de deur op het terras.
John was ouder dan wij, sterker nog, hij kon mijn vader zijn. Als je het een beetje ruim ziet. Ik was rond de 30 en hij 48 (of in die buurt). Hij was een rustige, coole dude. Behalve als hij gedronken had. Dan werd hij een ‘schijt aan alles’ gozer. Hilarisch!
De man had al een heel leven achter zich en kon fantastisch vertellen. Vooral over muziek. Hij was een kind van de 70’s rockbands en ik durf hier wel te beweren dat ik mijn ontzettende brede muziekkennis van tegenwoordig voor een groot deel aan hem te danken heb.
De aanslagen op 11 september maakten diepe indruk op hem. Ik bemerkte de dagen, weken erna dat hij een soort van hulpeloze woede over zich had. Washington was zijn geboortestad, zijn familie en vrienden woonden daar. En zijn stad was aangevallen. “Nobody fucks with us!” was zijn credo. En terecht.
Maar het leven kabbelde door, John kreeg een andere baan. Geen idee wat hij ging doen maar hij kreeg een BMW van de zaak. Trots was hij. Hij werd meer en meer een zakenman. En een modelburger. De avonden op het terras werden sporadisch. En in 2005 zijn ze verhuisd naar Utrecht (de nieuwe bewoners van hun huis was, oh ironie, een moslimgezin.)
Vlak voor ze gingen verhuizen hadden we een stapavond afgesproken. We spraken af bij hun thuis om wat vooraf in te drinken. Dat werd gezellig. Heel gezelig. De oude John was weer terug (“you’re nothing but a fart to me” bezorgde mij een lachstuip). De volumeknop ging vol open. En bij onderstaand nummer ging John volledig uit z’n dak. Schreeuwend en springend ging hij de kamer rond. Ik vond het prachtig om te zien. Nu denk ik dat het nummer wellicht een diepere betekenis voor hem had en dat zijn woede er op dat moment uit kwam.
Ik kwam hem een tijd terug tegen. Hij zag er somber en onverzorgd uit. Hij vertelde dat Katinka hem verlaten had en dat hij twijfelde om hier te blijven of terug te gaan naar de VS. Ik denk dat hij voor dat laatste gekozen heeft. Heb hem al een jaar of 8 niet meer gezien. Ik hoop dat het goed met hem gaat.
Net kwam het nummer voorbij op m’n Ipod en ik moest aan hem denken.
John, my American friend.
Mooi stukje!
LikeLike
Bedankt 👊
LikeLike
Een rijtjesflatje? Geen vrijstaande? Mooi nummer.
LikeLike
Mooi woord hè? Zelf verzonnen
LikeLike
Dat hoef je er niet bij te zeggen. Jij verzint immers alles zelf, het is zo jammer dat de groten der aarde er steeds met jouw materiaal vandoor gaan.
LikeLike
Ach joh, daar hoor je mij niet over. Trouwens, ik meen me te herinneren dat jij met hetzelfde kampt?
LikeLike
Nee, da’s waar. Ik hoor je daar nooit over en ik lees er ook nooit iets over.
LikeLike
Integriteit is mijn middennaam
LikeLike
Ken je deze versie?
Vriendelijke groet,
LikeLike
Nee, nog nooit eerder gehoord.
En ik vind het ook 3 keer niks, om eerlijk te zijn.
LikeLike