Supermarkt

Natuurlijk nergens plek in de parkeergarage dus reed ik door naar -1. Ook niks. Verder naar -2 en ook daar stond het vol. Goffer! Bij -3 was nog een plekje vrij, helemaal achterin. Zucht.
Met een kop op onweer liep ik naar de lift. ‘Defect’ stond op een briefje. Goffer! Ik wilde weer weggaan maar ja, ik had toch stroopwafels en een flesje cola voor het werk nodig dus nam ik de 6 trappen omhoog. Boven stond ik even uit te puffen met een sigaartje op de lip en het viel me op dat iedereen zo vrolijk was.
Het laatste winkelwagentje rukte ik uit de ketting en ja hoor, het was zo’n wagentje met één debiel wieltje. Zucht, heb ik weer.
Ik slingerde het ding richting stoeprand, tegen een vrouw aan. SORRYYYYYYY! Geeft niks, zei ze en ze nam het winkelwagentje bij de hand. Hé, wat gek. Bij die vrouw doet het debiele wieltje niet debiel.

Ik pakte een winkelmandje en keek nog eens om naar de vrouw met mijn winkelwagentje. Ze keek tevreden, bijna verliefd, viel me op. Keek iemand maar weer eens zo naar mij, mijmerde ik.
Ik flikkerde over een rode kruiwagen vol boodschappen en terwijl ik op de grond lag dacht ik wie nou zo achterlijk is om middenin het pad zo’n ding neer te zetten.

In het eerste gangpad stond zo’n kakmadam met dito man. Zullen we vegetarisch etuh?, vroeg ze. Nee, ik wil goed ééétuh, antwoordde hij. Ik dacht er het mijne van. Hé, hotdogs. Lekker, ik mikte ze in m’n mandje.
Bij het brood stond een vervelende man in een rollator. Ik hou niet van brood, ik hou niet van wachten, mopperde hij. Ik dacht, jezus vent, dan flikker je toch weer op! Ach pa, hou toch eens op met zeuren, zei een bolle gozer met een Red Bull shirt aan die er aan kwam lopen. Och mijn hemel, een volwassen vent die denkt dattie Max is, dacht ik. Zucht.
Hé, Groninger metworst. Lekker, ik mikte het in m’n mandje.

Ik moet me vergissen maar volgens mij zag ik bij de emballage een rat lopen. Gatver!
Hé, Pim’s. Lekker, ik mikte ze in m’n mandje.

Ik had inmiddels m’n mandje vol en liep richting kassa. Een lange rij. Vooraan stond een vent in sportkleding te blèren naar een grijze vent in de rij. TEUN, IK BEN FF NAAR BENEDEN. Weer zo’n lul die z’n portemonnee is vergeten, dacht ik. Zucht.

Ik was eindelijk aan de beurt en rekende af. Wilt u de kassabon? Nee. Spaart u ook zegeltjes? Nee. Spaart u ook voor het bestek? Nee. Spaart u ook voor de Efteling? Neehee! Wilt u in aanmerking komen voor een date met miss Supermarkt 2021? N……………… ehm nee, ik zit in m’n winterstop.
Oja, ik zag net een rat lopen in de winkel, zei ik. Oh, dat is geen rat hoor, dat is onze huishamster, die laten we vrij door de winkel lopen, zei het kassamiepje.
Nou, lekker hygiënisch, dacht ik. Zucht.

Ik betaalde 36 euro voor de parkeerticket en ben plankgas weggereden.
Boodschappen doen, man wat heb ik daar een hekel aan.

8 gedachten over “Supermarkt”

  1. Als je met ’n geestesgesteldheid van ‘er deugd helemaal niks’ de wereld in kijkt kom je dit allemaal tegen. Met zo’n attitude als van Rob Albers is de wereld helemaal in orde. Voor de vorm wil hij zich nog wel eens druk maken.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak je website op WordPress.com
Aan de slag
%d bloggers liken dit: