Nu komt het wel heul dichtbij

Hoewel ik het me totaal niet voor kan stellen hoor maar beter voorkomen dan achteraf denken ‘oja fuk krijg de tring is ook zo’, niewaar?

NOG MAAR 400 DAGEN, MENSEN en dan mag ik mezelf een halve eeuwer noemen. Een Abraham. Een man op de helft van de herfst van zijn leven. Een werknemer 20 jaar vóór zijn pensioen. Slappe patat. Kortom, dan word ik 50. En dat, lieve lezer, komt ineens wel heul dichtbij.

Ik weet niet hoe het met de voorbereidingen voor het verrassingsfeest staan en eigenlijk wil ik dat ook niet weten want dan zou het geen verrassing meer zijn (duh), zie dees anekdoot maar als een dringende reminder.

NOG MAAR 400 DAGEN, MENSEN! En dat is in deze vluchtige tijd om voor je er erg in hebt!

Rest mij alleen nog jullie succes te wensen met organiseren, voorbereiden en plannen.

Ik ❤️ jullie stuk voor stuk.

Sjans

Ik parkeerde de voiture op de oprit van m’n kapster. Dat had ze aangeboden en eigenlijk was dat reuze handig want haar toko zit om de hoek van het centrum. En trouwens, bevrijdingsfestival in Wageningen, dat is me altijd een partijtje druk! Vind dan maar eens een plekkie.

Hand in hand (want een zee aan volk) wandelden we richting m’n sluiproute. Helaas, een of andere nono had bedacht dat deze route afgesloten diende te worden. Zucht, pechvogels zijn we ook.

We moesten nu een stuk verder lopen maar het liep tegen drieën en tegen drieën zou het defileren beginnen en onze vriend John zou eraan meedoen en we liepen tegen de dranghekken van de route aan en het weer klaarde heul erg op dus kwam alles weer netjes samen. Geluksvogels zijn we ook!

Achter en rondom ons werd het almaar drukker. Ik zette m’n jongens tegen het hek aan, zelf ging ik er breed gerugd achter staan. Ik wil ruimte om me heen, punt. Naast me kwam een gezonnebrilde leuk ding staan. Paar jaar jonger dan ik (gokje hoor) en met cool haar. Haar zoon wurmde zich naast mijn jongens tegen het hek.

Het defilé liet wel erg lang op zich wachten en dat kwam mijn gezicht niet ten goede. Ik ging norser en norserder kijken. In mijn ooghoek zag ik dat leuk ding me af en toe aankeek (waarschijnlijk in de hoop dat er oogcontact zou komen ofkors). Ik bleef nauwlettend mijn jongens scherp in de gaten houden. Want heul druk.

Ja! Daar kwamen ze aan. In één van de voorste auto’s zat onze John. Wat een prachtvent is het ook! Vrolijk zwaaien en ronduit lachen. Helaas zat hij aan de verkeerde kant en zag hij ons niet (of wij stonden niet aan de goede kant natuurlijk, dat kan ook).

De drum/doedelbands en veteranen stroopten voorbij. Hier en daar werd gestrooid met chocola. Een koetjesreep werd net niet gevangen door zoon van leuk ding en plofte voor Sam op de grond. “Pak ‘m!”, zei ik en hij klom tussen de spijlen door. “Nou jammer, misschien vang je de volgende.”, zei leuk ding expres op een luide toon tegen haar zoon. Sam deelde de reep netjes met Teun, zoals ze opgevoed zijn.

Ik zag het beteuterde gezichtje van dat jochie en ik vroeg of hij misschien een Mars wilde. In mijn vaderlijke wijsheid had ik 2 Marsen en een Twix meegenomen want ook die stillen stevige trek immers. Het ventje was dolblij en ook leuk ding kon mijn geste erg waarderen. Ik vroeg of zij een Twix wilde want mijn jongens hoefden niet (😳🤔). “Als we ons leven niet kunnen delen dan maar een Twix.”, zei ik gevat. Ze vond ‘m hilarisch. Het contact was gelegd. Samen klapten we voor de veteranen, samen praatten we wat. Ik haalde een stel van mijn standaard 1982 grappen van stal, ze lachte wat af en ze raakte zelfs af en toe m’n arm aan. Nou, en dan weet je het wel, ❤️ is in the air. Had ik me daar zomaar even sjans zeg!

Na een uur en 3 minuten had ik het wel gezien. Het was tijd om mijn jongens kennis te laten maken met live blues. Ik pakte hun hand, we draaiden om en liepen weg. Toen ik nog even omkeek zag ik leuk ding me nastaren.

Shit, dacht ik. Vergeten haar te vertellen over m’n principe: Als ik de jongens heb, geen vrouwengedoe.

Nou ja, wellicht volgend jaar weer een kans.

2018 ——> 2019

2018 is voorbij. Gelukkig. Opgeflikkerd ermee! Kom maar op met 2019! Veel minder dan 2018 kan het toch niet worden.

Langzaam klim ik weer uit het dal waarin ik mezelf gegooid heb, langzaam krijg ik mijn leven weer op de rit, langzaam wordt het lichtje aan het einde van de tunnel groter. Het is een harde les geweest maar hé, het zijn harde tijden!

Ik kijk vooruit en ik heb daar sin an. Laat ik zeggen dat er weer een zonnetje in m’n leven schijnt. Een waterig piepklein zonnetje weliswaar maar dat is ook een zonnetje. In het begin zal het nog even aanpoten worden en zal ik een duwtje nodig hebben om me weer aan het rollen te krijgen maar zoals Ringo al zong “with a little help from my friends” moet het lukken, dunkt me. En zo niet, dan toch.
2019 moet en zal het jaar van mijn doorstart worden. Wens me geluk.

Ik wens je een fijn 2019.