Lustrum

28 December 2007.

Ik bracht ’s ochtends zwagert en cleansis naar Schiphol. Ze zouden de jaarswisseling op Kreta vieren en omdat ik de Schipholtaxi van de familie was, was het logisch dat ze bij mij in de auto zaten. Het was gezellig, zoals altijd. Het was lachen, zoals altijd. Het was gieren en brullen, zoals altijd. Op de radio was de Top 2000 (die toen nog wèl leuk was) te horen. We zongen vrolijk met alle nummers mee. Ik vertelde zo af en toe een anekdote over de betreffende plaat. Het was voor hen leerzaam. Zoals altijd. Bij de vertrekbalie namen we afscheid, ik toog terug naar m’n auto.

Op de terugweg ging ik in m’n eentje verder waar we gebleven waren. Vrolijk meezingen met de klassiekers van de Top 2000.
Op de A9 belandden ze bij nummer 1119; Mike and the Mechanics met The living years. Mooi nummer. Ik zong vrolijk mee.

Tot ik het laatste couplet hoorde…………………..
‘I wasn’t there that morning
When my Father passed away
I didn’t get to tell him
All the things I had to say

I think I caught his spirit
Later that same year
I’m sure I heard his echo
In my baby’s new born tears
I just wish I could have told him in the living years’

Hoe treffend kan een tekst zijn? Was dat niet precies (nou ja, bijna dan) zoals het bij mij gegaan was?
Ik werd er stil van.

Ik was er inderdaad niet, die morgen dat m’n vader overleed.
M’n pa kreeg maandagavond een hersenbloeding en werd vanzelfsprekend met spoed naar het ziekenhuis gebracht. Het telefoontje van m’n zus een paar uur later behoedde mij ervan om, weliswaar met wat biertjes op, de auto in te springen. Pa was stabiel.
Ik ging de volgende dag naar het ziekenhuis in Groningen. Ik schrok toen ik zijn kamer binnenkwam. De stoerste man in m’n leven lag daar als een hulpeloos hoopje mens. Gelukkig was hij aardig bij positieven en al gauw keek ik dwars door dat scheefhangende gezicht heen en was het oude jongens krentebrood.
Bij m’n afscheid schudden we elkaars hand en gaf hij me een ‘komt wel goed, jongen-knikje’. Ik beloofde donderdag weer te komen. Donderdagochtend belde mien moe dat pa vrijdags weer thuis zou komen. We besloten daarom om zaterdag die 200 km te rijden. Naar pa’s vertrouwde omgeving.
Het is er niet van gekomen. De bloedprop (aneurysma) in zijn hoofd is geknapt terwijl hij stond te douchen, een half uur voor hij naar huis mocht. Gelukkig heeft hij er zelf niets van gemerkt, hij was op slag dood.

En ook ik zou inderdaad enkele maanden later vader worden. Zijn eerste zoon-kleinkind. Ik heb hem zelden blijer gehoord toen ik hem telefonisch vertelde dat hij weer opa werd. Voor de 5e keer.
Een week voor zijn overlijden bikkelde hij nog in ons nieuwe huis. En hij zou de kinderkamer wel even voor me behangen.
Maar hij had het ultieme excuus.

Vandaag is het 5 jaar geleden dat hij overleed. En ik mis ‘m. Ik mis hem heel erg. Je hoort niet op 59-jarige leeftijd te overlijden.
Nog bijna dagelijks denk ik dat ik die donderdag toch had moeten gaan. En nog bijna dagelijks denk ik, was hij wel op slag dood? Hoe lang heeft hij daar in die douche gelegen? Heeft hij pijn gehad? Heeft hij het voelen aankomen? Waarom stuurt het ziekenhuis hem naar huis terwijl hij een tijdbom in zijn hoofd had?
Maar m’n hart scheurt het hardst als ik af en toe naar mijn beide jongens kijk. Zo onschuldig en zo onwetend nog. Zij zullen hun opa nooit kennen. Hun opa die zo gek was op zijn kleinkinderen. M’n oudste weet wel wie hij is (“die is dood hè”), maar wat had ik graag gezien dat ze hem hadden meegemaakt.
En wat had ik graag gewild dat mijn vader mij als vader bezig zou zien. Ben ik wel een goeie vader? Hoe deed jij dat vroeger? Hoe kijk jij tegen deze huidige situatie aan? Ben je trots op me?
Het is niet anders. Ik zal het de rest van mijn leven zonder vader moeten doen. Dat is een harde en pijnlijke conclusie.

5 Jaar. Ze noemen het een lustrum. Maar daar wil ik niet van spreken. M’n vader lustte geen rum, hij was een bierdrinker.
Net als ik.
Inmiddels vader.

64


Vandaag zou ie 64 zijn geworden.
Hij had me binnenkort wel even kunnen helpen m’n naaie kwinne naar m’n zin te verbouwen maar hij heeft een erg goed excuus.
Denk dat ik het nu dus zelf maar even moet doen.

Proost ouwe!

Te kwaad

Vanavond was het dan zover. Vanavond werd het me even te kwaad. Eindelijk, zouden sommige mensen zeggen.
Ik ging nog even m’n dagelijkse lees, klets -en weltrustenroutine met Sam doen en toen ging het mis. Of goed, het ligt er natuurlijk aan hoe je het bekijkt.
We (de mannen) hadden weer eens een vruchtbare en gezellige dag gehad. Vanochtend nam ik ze mee naar het Militair Luchtvaart Museum te Soesterberg (Oooooooooh, da’s een dikke straaljager!) en vanmiddag zijn we een heul stuk wezen fietsen (met de gebruikelijke ijsco natuurlijk).
Sam was voorbeeldig. Teun ook maar dat is ie altijd. En dit verhaal gaat trouwens ook niet over hem.
Maar tegen de avond werd Sam wat irritanter en moest Teun het weer eens ontgelden.
Ik had er genoeg van. Het gezellige kletsen op bed werd een preek. Hij moet stoppen met Teun mishandelen en pesten, hij moet stoppen met “Weg Teun” zeggen en hij moet stoppen met woordjes als ‘Kut’ en ‘Stom’.
Hij wist zich niet echt een houding te geven en lachte wat. Maar met mijn serieuze porem en dito stem kreeg hij uiteindelijk wel de boodschap door. Tenminste, daar ga ik van uit.
Na de preek gingen we over tot mijn ouderwetse poep en pieshumor en lachten we wat af.
“Nou, geef papa een kus en een knuffel en dan ga je lekker slapen”, zei ik even later. Hij gaf me een dikke kus en hij sloeg z’n armpjes om m’n nek. Zoals altijd.
Even knuffelen en ik liet weer los. Maar Sam hield me stevig vast. “Je bent lief, papa”, zei hij.
En dat was het moment. Een brok nam plaats in m’n keel, m’n ogen werden vochtig.
Toen drong het tot me door dat hij binnenkort voor het ingrijpendste moment in zijn nog jonge leven staat. En misschien dat hij het onbewust ook voelt?
Ik hield me groot toen ik hem instopte. Buiten, met m’n sigaartje, rolde een traan over m’n wang. Mijn ondoordringbare emotieschild was gebroken.
Eindelijk, zouden sommige mensen zeggen.

(Nou, als dit gevoelige verhaal geen goed uitziende, ongehuwde, vermogende chicks trekt, dan weet ik het ook niet meer.)