Intens blij

Word jij ook wel ’s intens blij van een nummer? (ja, van 69 hoor ik sommige mannen denken, zucht). Nee, ik bedoel intens genieten van een liednummer.

Vroegah luisterde ik nog naar de radio en één van de shows die ik bijna nooit miste was De avondspits met Frits Spits. Van maandag t/m vrijdag tussen 18 uur en 19 uur op Hilversum 3. Legendarische radio, jongeluitjes!

Wat me al die jaren is bijgebleven is hoe enthousiast Frits altijd door een geweldig nummer heen schreeuwde aan het einde van de show. Ik had al die jaren alleen geen idee welk nummer het nou eigenlijk is. En dat is knap klut voor een muziekfreak als moi.

Viavia hoorde ik van een zekere Dr. Pop, een typetje van Gerard Ekdom. “Hij vindt platen die jij niet kunt vinden.” Ik was benieuwd en dus stuurde ik een bericht.

Nou, nul reactie natuurlijk, duh. Die flinkert weet het ook niet ofkors (misschien ook wel hoor, ben een paar keer anoniem gebeld. Maar anonieme bellers 🖕🏼).

Er zat niets anders op dan zelf maar op onderzoek uit te gaan. Na 35 jaar mocht dat ook wel, dunkte me. En, lieve lezer, na intensief zoeken heb ik ‘m eindelijk gevonden!!!!!! \😁/(staat gewoon op de wiki pagina van De avondspits)

Mag ik je voorstellen aan General public met Dishwasher. Lekkah nummah. Heerlijk eenvoudig rechttoe rechtaan gedrum, fijn moppie gitaar, uiterst prettig basloopje en een vrolijk pianootje tussendoor. Dit nummer zou eigenlijk de basis moeten zijn voor elk nummer.

Ik kan niet wachten het aan mijn jongens te laten horen. Teunemans zit regelmatig in de auto naast me mee te airdrummen, daar is dit toch het perfecte nummer voor?

Geniet ervan en laat je meevoeren naar het prachtige jaar 1984.

Lekkere lijven

MusicHaha, laat je niet misleiden door de borstel (voor m’n nieuwe lezer; titel = borstel. Is een woordgrapje mijnerzijds) hierboven. Dees anekdoot heeft namelijk helemaal niets te maken met lekkere lijven. Het is een trucje van ons schrijvers om lezers te lokken. Whoehahaha, gotcha!

Neen, dit verhaaltje hoort in de categorie ‘Och ja, verrek’.
Ik vind het namelijk weer de hoogste tijd om jullie jeugd te onderrichten over muziek. Echte muziek. Zoals het vroeger werd gemaakt. (Dààààààààààààg, klutmuziekliefhebber).

Deze keer wil ik het over de superband Supertramp hebben. Ik vind het een beetje een ondergewaardeerde band. In elk geval bij het grote publiek. Ik herinner me nog dat m’n ex-schoonvader ooit zei dat hij Supertramp niet zo je-van-het vond. Dat deed me pijn. Een muziekliefhebber die dat zegt!
Waarschijnlijk kun jij wel een paar hitjes van ze opnoemen (Give a little bit, Dreamer, It’s raining again enzetra) maar een beetje muziekliefhebber gaat voor het overige werk. Onder aanvoering van Roy Hodgson, die tegenwoordig bondscoach van Engeland is (nee hoor, grapje), met z’n hoge en herkenbare stemgeluid hebben ze werkelijk schitterende meesterwerken gemaakt.

Ik noem een School. Ik noem een Goodbye stranger. Ik noem een Fool’s overture (juist, dat nummer van Veronica’s concertagenda). Ik vind ze prachtig.

Symfonische rock roels al jaren bij mijn gehoor!

Dat Roy Hodgson klassiekers kan maken bewees hij met onderstaand chanson. Uit z’n solocarrière.
Per toeval stuitte ik er op en het is inmiddels een grijsgedraaid werkje in mijn voiture, kan ik melden. Ik weet zeker dat jij ook zoiets hebt van ‘OCH JA, VERREK’. Graag gedaan.

En veel luisterplezier.

Tot een volgende keer maar weer.

Zomerhit 2013

in zee

Als het weer je zwoksels, een zwiemel, een zwaad alsook een gutsend zwoepgat oplevert weet je hoe laat het is. HET IS ZOMERRRRRRRR!!!!!

En met de 3e opvolgende dag met bovenstaande lichamelijke ongemakken kunnen we spreken van zomer. De zomer van 2013. Ik ben d’r zóóóó blij mee. Ik word er zóóóó wappie van. Ik zit zóóóó prettig in m’n velletje. Man man man, ik kan het bijna niet onder woorden brengen. Maar ik ben dan ook een blank negertje hè (oeps, dat mag je niet meer zeggen! Sorry, negertjes. Och, nu doe ik het weer….sorry). Dus kan mij de zomer niet lang genoeg duren.

Bij de zomer van 2013 hoort natuurlijk ook mijn zomerhit van 2013.
Ik hoor je je afvragen waar een zomerhit nu eigenlijk aan moet voldoen om in aanmerking te komen voor de titel “Manus’ zomerhit”.
Nou, da’s niet zo heel erg moeilijk hoor.

Ten eerste moet er een lekker vrolijk deuntje op zitten. Zo’n deuntje waarmee je je niet schaamt als je lafjes met een open raampje rijdt.
Dan de tekst. Is niet in alle gevallen belangrijk maar het heeft wel m’n voorkeur. Een tekst die je vrolijk mee kunt zingen zonder dat je je hoeft te schamen als je lafjes met open raam rijdt. En natuurlijk moet de tekst geen deprimerende Coldplay-shit zijn. Dus geen zware onderwerpen bij een zomerhit. Dat zeg ik!
En tenslotte moet er 1 instrument bovenuit steken. Het instrument dat nèt dat ene melodietje speelt dat je niet meer uit je hoofd krijgt.

Nu weet ik wel dat niet iedereen gelijk is. Dat niet iedereen dezelfde muzieksmaak heeft. Kom op, ik ben de Mediamarkt niet. En dat geeft ook helemaal niks. Je bent er in mijn ogen heus niet minder om.
Maar vind je mijn zomerhit 2013 helemaal niks, op jors en krijg jeuk op uiterst ongemakkelijke lichamelijke plekjes.

Dames en heren, jongens en meisjes, ik presenteer u

MANUS’ ZOMERHIT 2013!!!!!!!!

http://www.youtube.com/watch?v=N8tOYkcDw-w

Praatje maken

StrandIn mijn vak als geheimste, diep onder de oppervlakte opererende beschermer der natie kan het gigantisch druk zijn. Dat je geen moment rust hebt. Dat je continu op 100% van je kunnen moet acteren. Dat de samenleving 24/7 afhankelijk van jou is. Op je tenen lopen. Energievretend. Een zwips, een zwaad en zwoksels ontwikkelen. En meer van dit soort superlatieven. Dan doe je dus iets fout!

Geen ruk. Geen bips. Geen zak. Geen snars. Niets nada noppes te doen hebben betekent alles onder controle hebben. Dan doe je het goed.
De samenleving leeft dan heerlijk samen. Je kunt je volledige voeten gebruiken bij het lopen. En een zwips, zwaad en zwoksels zijn zeldzamer dan Gordon die niet in de media om aandacht mekkert.

Gisteren had ik alles onder controle. Derhalve stond ik buiten tevreden aan m’n sigaartje te lurken. Zonnebrilletje op, korte mouwtjes, hand in de broekzak en de piem lafjes over links dragend.
Een vrouwspersoon kwam me gezelschap houden. Denk dat ze nog geen 30 is. Ik besloot om een praatje te maken. Uit ervaring weet ik dat je vrouwen die bij me staan even een voorzetje moet geven voor ze volledig los durven gaan. ‘Weertje hè?’ is toch nog steeds één van m’n betere openingszinnen en ik gebruikte ‘m dus ook. Ze ging inderdaad los.

Ze vertelde dat ze dit jaar voor het eerst naar Spanje op vakantie ging. Helemaal in haar eentje. En dat ze een cursus Spaans ging volgen omdat ze het wel makkelijk vond om iets van de taal te begrijpen. Of dat ze iets met de lokalo’s kon kletsen. ‘Ik hoef het niet vloeiend te spreken hoor als ik maar een beetje begrijp’, zei ze nog.

“Quiero que tú me acompañes, mujer”, zei ik zonder er bij te knipperen.
Ze was er van onder ingedrukt. ‘Oh, jij spreekt Spaans?’ Ik deed een duhuu met m’n wenkbrauwen.
Que mi canto amanezca dormido en tu piel”, ging ik verder.
Y decirte al oído, sin miedo al olvido
Mis versos queridos, mis versos de ayer

Ze vond het prachtig! ‘Wat betekent het?’, vroeg ze.
Ik zei dat ze dat maar op de cursus moest leren. Met een brede glimlach en een vrolijke doei ging ze weer naar binnen.

Ik gniffelde van binnen. Weet zij veel dat het een couplet is uit onderstaand nummer die ik de laatste tijd helemaal grijs draai in m’n auto.

Vrouwen, je kunt ze ook alles wijsmaken.

Whoehahaha. Ik ben me er ook één hoor.

Och ja, verrek 3

ProvenceJáááááren geleden genoten we de vakantie in het zuidelijke gedeelte van Frankrijk. Ook wel bekend als Le Provence maar omdat het internationale vrouwendag is, noem ik het vandaag La Provence.
In het dorpje Mazan resideerden we een weekje in een bungalowtje op het landgoedje van een Nederlands stel. Dit Nederlandse (Brabantse zelfs) stelletje molken Franse huisjes aan voornamelijk Nederlandse vakantiegangers. Ze hadden het goed voor de boulangerie.

Bovenstaande is een inleidend stukje om jou, lezer, een beetje een beeld voor te schotelen. Voorts is het van generlei importantie. Waar het om gaat is dat dit Brabantse stelletje 2 honden had. Een klein fukkeffertje (Whisky) en een zwarte hond, Sherba. Zo’n grote hondenhond. Het waren een beetje verwaarloosde honden. Niet dat ze er slecht uitzagen of dat ze ondervoedt waren ofzo, het was meer dat ze alleen het landgoedje zagen. Meer van La Provence hadden ze nog nooit gezien. Terwijl dat toch best een sympathiek stuk Aardkloot is. Ik, als echte hondenman………….nee, als echte hondenhondenman (heb dus niks met van die hondjes waar je tijdens het uitlaten een groot bord met daarop HOND + enorme pijl mee moet zeulen) vond dat sneu. M’n hart traande als ik ze zag.

Ik besloot Sherba mee te nemen voor een fikse wandeltocht door de onherbergzame bossen van La Provence. Het beest genoot zichtbaar en vanaf toen nam ik ‘m elke dag mee. We werden vrienden. Sherba en moi, amis toujours.
Het afscheid viel zwaar. Tranen met tuiten, tissues niet aan te slepen en ook ik had het moeilijk die dag. Maar ja, we moesten verder. Onze vakantie zouden we een week nog zuidelijker in La Provence doorbrengen.

Jáááááren later streken we wederom neer in Mazan. Nu aan een heule andere kant van de Provençaalse metropool. We hadden een kast van een villa, met in elk van de 6 slaapkamers een villa van een kast (sorry, die moest even) gehuurd. Redelijk lap grond eromheen, een oprijlaantje en vanzelfsprekend een buitenbad waar ik U tegen zei. Op het snikheetste moment van een dag zag ik het buitenbad flirten met me. En wat doe je dan op zo’n moment? Juist, je gaat wandelen. Ik had het in m’n hoofd gehaald om mijn oude vriend Sherba op te zoeken. Slippertjes aan, blouse lafjes open en de zonnebril op. Uit ik ging.
Ik denk zeker 24 sigaretten verder vond ik eindelijk het lange pad naar het afgesloten hek waarachter mijn vriend zou zijn. Voorzichtig en geluidloos opende ik stiekem het hek. Waaks als hij is kwam de hond op me af gestoven. Ik nam een aanloop en nam ‘m vol op de slof. Flikker toch op, fuk keffer!
Ja hoor, daar kwam m’n vriend ook al aan gerend. Ik zag dat het beest dolblij was. Hij herkende me nog! Ik schoot vol. Tranen met tuiten biggelden over m’n wangen toen we samen over de grond biggelden. Van knuffelen was al geen sprake meer. Mocht je niet beter weten, dan werd hier pornografisch de liefde bedreven.
Ons moment van gelukzaligheid werd ruw verstoord door een heks met zwart haar die uit ‘ons’ huisje kwam. “Sherba; HIERRRRRRR”, snauwde ze.
De hond gehoorzaamde, mij verdrietig achterlatend. Ik liep naar de vrouw toe en begon het verhaal van mijn bezoek uit te leggen. Ze wilde er niets van weten en sommeerde me van het terrein af te gaan. Met tranen in m’n ogen keek ik Sherba aan. Ook hij stond er beteuterd bij. Zijn lichaamstaal zei me dat hij slecht behandelt werd door deze huidige huurders. Met een knikje nam ik een laatste afscheid van mijn ami toujours en ik bitchslapte de vrouw loeihard in haar gezicht. Ik draaide me om en liep weg, het lange pad af. Het hek ging achter me dicht. Ik hoorde Sherba voor een laatste keer blaffen. Vaarwel vriend.

De terugweg werd een drama. Sterker nog, ben nooit meer teruggekomen. In de onherbergzame bossen was ik reddeloos en totaal verdwaald en verloren. Het werd donker. Het weer sloeg om. Noodweer zoals ik nooit had meegemaakt overviel me. Ik zocht een schuilplek waar ik kon overnachten.
Ook de volgende dag wist ik de weg naar ‘huis’ niet te vinden. En de dag erna, en de dag erna, en de dag erna ook niet. Ik werd na 3 weken gevonden door een wildeman. Hij zag er onverzorgd uit. Lange baard, lange haren, gescheurde kleren, blote voeten. Hij sprak een taal waar ik geen ruk van verstond maar hij verzorgde me, uitgehongerd als ik was.
Toen ik voldoende aangesterkt was leerde hij me overleven in de wildernis.
Met niets meer dan een pijl een boog. Ik werd er vrij bedreven in, kan ik je melden. Op een dag was hij plotsklaps verdwenen, ik heb ‘m nooit weer gezien. Ik was op mezelf, en de geleerde overlevingstechniek, aangewezen.

De gendarmerie vond me uiteindelijk na 5 jaar.
De wildeman heeft mijn leven gered. Ben hem eeuwig dankbaar.
En zo heb ik nu 2 vrienden voor het leven in La Provence.
Ik ben een gelukkig man.

Tot slot, het nummer dat me al die tijd op de been hield.