Een man kan niet huilen

Toen mijn moeder die vrijdagochtend belde en de woorden zei die ik niet wilde horen, flikkerde ik de telefoon weg. Op de bank. Ik draaide me om en liep linea recta de tuin in. Kwaad was ik. Woedend zelfs. Maar op wie? Op het ziekenhuis? Omdat zij hun werk niet goed hadden gedaan? Op de wereld? Omdat het niet eerlijk was? Op pa zelf? Omdat hij er plotseling tussenuit geknepen was? Ik wist het niet. En het sloeg ook helemaal nergens op. Doodgaan komt altijd onverwacht. En je moet er gewoon rekening mee houden. Klaar.
Ik rookte eentje.
Ik liep de kamer weer in en zag vriendinlief staan. Ze was in tranen. Ik omhelsde haar. Ze begon hardop te huilen.
Ik huilde niet. Gedachten schoten door m’n hoofd. Er moesten zaken geregeld worden. We moesten zo snel mogelijk naar Groningen vanzelfsprekend maar ook mensen die dichtbij me staan moesten op de hoogte gebracht worden.
Ik belde m’n maat op zijn werk. Maat die altijd in is voor een grap en een grol was BAM! ineens stil. Hij schoot vol. Ik kon niet vol schieten.
Ik belde de broer van vriendinlief. Altijd in voor een grap en een grol. Hij begon te snikken. Ik kon niet snikken.
Eenmaal in Groningen zaten broer en zwagers met tranen in hun ogen op de bank. Ik had geen tranen in m’n ogen.
Grote, sterke mannen die emoties hun gang laten gaan. Zij wèl. Ik ben op één of andere manier te zakelijk op emotionele momenten. Op één of andere manier blokkeer ik emoties. Geheel onbewust trouwens.

Laatst lag ik op de bank en dacht aan die zwarte vrijdag in 2007. Tranen rolden over mijn wangen. Natuurlijk kan ik wel huilen.
Het duurt alleen even bij mij.

Vandaag zou mijn vader 66 jaar zijn geworden.
Op jors, ouwe.

R.I.P. Oxy Joe

Oxy Oxy Joe is dood, beste lezer. Oxy Joe, de vroegere buurman van m’n vroegere buren.

Sinds mensenheugenis en zolang ik me kan herinneren woonde Jo op de hoek, naast onze buren. Ik zal als klein manneke ongetwijfeld  wel eens bij hem binnen zijn geweest. In zo’n volksbuurtje woonden wij wel. Wij deelden met hem de krant. Maar verder weet ik vrij weinig van, met en over hem.
 Ik weet trouwens nog opvallend weinig van vroegah. Denk toch dat alcohol en feesten in m’n gloriejaren (1985 – 1997) flinke delen van m’n geheugen hebben weggeslagen.
Het enige wat ik nog weet van Jo is dat hij zeilenmaker was (geweest). Met grote regelmaat dreunde ons huis heen en weer omdat Jo op zijn zolder een zeil met insteekringen met een giga-voorhamer in elkaar beukte. Zat je rustig te eten, te kleien, tv te kijken, KABOIIIIIIIINNNNGGG, sloeg Jo weer een koppelring tegen elkaar.
En toen hij te oud werd om dit fysieke werk te doen, liet ie een kast van een bungalow in zijn tuin bouwen. Ging ie daarin duiven houden! De dwaas.
Zeker 5 keer per dag moesten die klotebeesten terugkomen van het rondjes vliegen en stond Jo kwartierenlang in de tuin te fluiten en te ‘kom maar, kom maarrrrr, kom maarrrrrrrr’. Gek werd ik er van! En overal die schijt!!

Maar Jo werd ziek. Ernstig ziek. Weet niet precies wat hem mankeerde maar hij moest aan de zuurstof.
En met lolbroeken als buurjongens werd Jo al snel door ons omgedoopt tot Oxy Joe. Weet niet meer wie dat nou eigenlijk verzonnen heeft, m’n broertje of ik.
Kwam hij weer eens helemaal puffend en kreunend bij het tuinhek de krant brengen, riepen wij “Hé Oxy Joe, kom je een luchie scheppen?” Wij vonden het hilarisch. Van m’n moeder hoorde ik dat Jo in al die jaren slechter en slechter werd maar hij weigerde Maarten te pijpen. Die taaie.
Zojuist kreeg ik een sms’je van Moeke.’ Jo overleden’ stond er.
Hij is 1200 jaar geworden.

Rust zacht buurman.

Broertjes

IMG_1880Broertjes zijn lollig. Tenminste, als je het onderling vechten, schelden en overige competitieve zaken even achterwege laat.

Ik kreeg vanochtend een paar gesproken whapps van m’n jongens. De laatste klonk als volgt; “Teuheun, waarom praat je me steeds na?” ……..…….(stilte)….………. ”Sahaaam, wlom plaat je stees manana.”
Ik vind dat lollig. Die komen er wel, die twee.

Ik ben ook een broertje. Ik ben de oudste. En net, vlak voor één van m’n spaarzame dutjes, moest ik aan een lollig voorgeval van vroegere tijden denken. Ik slappelachte weer eens zoals ik vaker doe in m’n eentje. Man man man, lollig met een grote L.

Het was net na een interne verhuizing. Ik kreeg een kamer op zolder, broertje bleef alleen achter op ‘onze’ slaapkamer. We kregen beiden nieuwe bedden en nieuwe kasten. Verder mochten wij onze kamers zelf inrichten. Het apart zijn ging een tijdje goed maar een kleine 10 jaar gestapelbedden veeg je niet zomaar uit. We trokken zo nu en dan naar elkaar toe.

Zo ook deze keer. Op zijn kamer gingen we een kussengevecht doen. Ik nam mijn kussen van boven mee. Vanzelfsprekend was ik sterker, we schelen immers 4 jaar, dus we moesten iets verzinnen zodat het gevecht eerlijker zou zijn. We spraken af dat we om de beurt een mep mochten geven en dat de ander niet mocht bukken of afweren. Prima.
Broertje nam een aanloop en mepte me vol tegen de rechterkant van m’n hoofd.

Lachen!!!!

Nu was het mijn beurt. Wat hij niet wist is dat ik zo’n lomp, zwaar kussen had. Ik nam niet eens de moeite voor een aanloop. Ik beukte hem zo hard dat hij door de kamer vloog, tegen de kastdeur aan, door de kastdeur heen en de hele kast in elkaar donderde met alle kleren boven op hem.
LACHEN!!!!!!!!!
We gierden het uit. Schaterlachen. Bulderlachen. Tranen met tuiten.

Tot pa boven kwam…………………………………………… Het laat zich raden wat pa hiervan vond.

Zaterdagavond komen mijn jongens weer thuis van vakantie.
Mogen ze bij mij weer op 1 kamer in een stapelbed slapen.

Goedmaaksex

Goedmaaksex

Zo’n vakantie als deze zet een mens toch wel aan het denken. En laat ik nou tóch een mens zijn! Ik heb ruim de tijd gehad en ook genomen om mijn zonden eens te overdenken. En ik ben tot een opvallende conclusie gekomen.

In al mijn onschuld in al mijn onwetendheid Niet bewust heb ik in de loop der jaren mensen pijn gedaan, beschadigd, genegeerd, tot wanhoop gedreven, getraumatiseerd, aan hun lot overgelaten en over de rooie geholpen. Ik heb in zeer korte tijd op diverse pikken en nóg veel meer tepels getrapt.
Het begon met Hyves, later m’n weblog en de laatste tijd via de Twitters en Facebooks. Ja precies, het zijn allemaal sociale mediadingetjes. In real life ben ik een toffe peer maar zodra ik vanachter het toetsenbord los kon gaan, ging ik ook heulemaal.

En daar heb ik spijt van. Het kan zo niet langer. Kom op zeg. Ik ben 42. En een half op de kop af vandaag!

En dus heb ik besloten een rondje goedmaaksex te doen. Er is tenslotte al genoeg shit in de wereld.

Voel jij je op enige manier gepijnigd, beschadigd, genegeerd, tot wanhoop gedreven, getraumatiseerd, aan je lot overgelaten of over de rooie geholpen door mijn toedoen, geef me dan ff een seintje.

Nee wacht, voel jij totaal geen behoefte om met mij te goedmaaksexen, reageer dan gewoon even.
De kans op reacties is dan groter. Me dunkt.

Lolbroek

Bips

Ik mag dan wel een lolbroek in ruste zijn maar ik kan het nog steeds hoor!

Ik zat vanochtend op de bank achter een bakkie pleuah en keek eens rond in m’n penthuiswoongedeelte. Nou, daar was niets buiten het ordinaire te zien. Ik draaide het lijf richting eetkamergedeelte en toen gebeurde het.
Een ontiegelijke flapperscheet ontglipte m’n bips. Maar dat heeft verder niets te maken met dees anekdoot. Begrijp ook niet zo goed waarom dit erin staat. Raarrrrrrr.

Na een ‘hé, een scheetlachbui’ zag ik m’n pasgeleden afgezaagde eettafel staan. En ik herinnerde me dat zeun kortgeleden een flinke lap uit het tafellaken had geknipt. “Oja, ik moest nog een tafellaken hebben”, dacht ik toen. Dat heeft meneer Evolutie toch maar mooi bedacht. Dat je je iets herinnert en dat je dan gelijk ergens aan denkt. Wat jij?
Ik ging eentje halen, fuk de zondag!

Vanochtendmiddag toog ik dus naar Bataviastad. Je weet wel, dè outletstad van Nederland. Ik was er nog nooit geweest en ik verwachtte eigenlijk een XXXXXL-Action ofzo.

NEEN!!!!!!!!!!! Niets van dat al. Au contraire, mon amis. WAL FUKKING HALLA!!!!!!

Tenminste, als je van degelijke kleren houdt. En ik houd van degelijke kleren. Al mijn merken zijn in dat kleine stukje Nederland te vinden.

Maar ja, ik kwam voor een tafellaken. En een tafellaken zou het worden. De kleren komen wel met m’n eerstvolgende date die niet lang meer op zich laten wachten (ik zal m’n Kaaimaneilandaccount vast ’s even leeg trekken.)
Nadat ik ongeveer 3 kwartier met toch wel stevige lichaamsonderdelen had rondgelopen kwam ik bij het winkeltje genaamd ‘Gant’.
Ik stap er gezonnebrild binnen en zag 2 verkoopsters staan. “Goedemorgen”, zeggen ze simultaan en in koor. Ik stop onmiddellijk en pak m’n telefoon uit m’n broekzak. Mijn telefoon gaf 12.37 aan. Zuuuuuuuuuuuuuuuuuucht. Met m’n schouder en hoofd neerslaand maakte ik dat exacte geluid.

“Dit doen we even over”, zei ik op gebiedende toon. En ik liep de zaak weer uit.
De mevrouwen keken ietwat verbaasd toen ik weer op dezelfde manier binnenkwam. Voor een actiefilmthrillerpornoacteur als ik is dat natuurlijk een schilletje van een peul. “Goedemiddag”, zei de ene terwijl de andere vasthield aan ‘goedemorgen’.
KUT! Riep ik. En weer liep ik naar buiten.

We hebben deze scene in totaal 8 keer over gedaan alvorens de regisseur tevreden was. Dan hadden m’n tegenspeelsters weer een lachbui, dan was er ineens een figurant pontificaal in beeld, dan had ik weer ergens een stevig lichaamsonderdeel. Zucht.
Acteren, het is ook niet voor iedereen weggelegd.

Maar goed, ik heb de 2 dames een hartstikke leuke middag (en waarschijnlijk een hele dag. Wat? Een heel leven) bezorgd en ik heb een nieuw vet cool boomlauw strak bruut flex chill jeweetzelluf tafellaken. (foto op de Twitters en Facebooks).

En daar draaide deze 2e vakantiedag immers helemaal om. Morgen de planten water geven!
Zin an.