Rotterdam

10303444_851689061531306_1350172445486447506_nGisteren whappte zwagert (jahaa, ex. Blabla. Maar zo zie ik het niet. Punt) de vraag dat we wel eens een keer naar de haven van Rotterdam konden gaan. Ik keek eens naar buiten en whappte terug dat ik de haven van Saint Tropez een beter idee vond. Wij kletsten dij. En hierna maakten we de afspraak om met de kinds naar de haven van Rotterdam te gaan. Het woei flink dus hoe cool zou dàt zijn!
Ik weet het niet hoor maar ik heb het niet zo op Rotterdam. Ik heb een bepaald beeld bij Rotterdam. Één groot blok beton. Mannen en kinderen lopen daar standaard allemaal in een trainingsbroek en een Feyenoordshirt, hebben stekels met een mat in de nek en hebben het Feyenoordlogo op hun schouder, rug en/of piemol getatoeëerd. En de vrouwen zien er allemaal uit als Joke Bruijs. Dat beeld heb ik van Rotterdam.
Vol vooroordelen zat ik dan ook bij zwagert in de auto. De grappen rolden over het asfalt. De ene nog schunniger dan de andere. Wij kletsten dij.
Het was pokkeweer en toen we aankwamen bij de haven was het baggerweer geworden. Een oud Rotterdams gezegde zegt ‘dat het schijt van de dijken waait’ en daar is niks gezegde aan, het is de keiharde waarheid. Goeiendag zeg, wat een schijtweer!
Zwager van zwagert werkt in de haven en hij whappte dat met een beetje geluk en heul misschien en wellicht wij wel even op ‘zijn’ boot konden kijken zodra ze weer aangesteigerd waren. Is leuk voor de jongens en de kleine meid immers.
Tegen half 3 legden de mannen het schip aan de steiger en klommen wij aan boord. We kregen een rondleiding, uitleg en frikandellen en de kinds mochten zelfs op de stoel van Kapitein Henk zitten. Ik vond het hartstikke mooi voor m’n jongens.
Tot opeens er een klus kwam. Of we mee wilden? Ja, het kon ook 12 uur ’s nacht worden…………………..
We namen de gok en binnen 5 minuten voeren we over de woeste baren richting een enorme olietanker (279 meter. Schijnt een gemiddeltje te zijn. Dusssss). De klus hield in dat de tanker gedraaid moest worden om achteruit de haven in te varen. Wij loodsten vanaf de zijkant. Zelfs ik vond het spannend en, zeeman als ik ben, toog naar de voorplecht van ‘ons’ schip. (En nee, ik deed geen Leonardo. Kom op zeg, ik ben een volwassen vent………..).
Dik 2,5 uur later zaten we weer in de auto op weg naar huis. Het was een geweldig avontuur, de jongens zijn weer een ervaring rijker. En ik stiekem ook.

En mijn vooroordeel over Rotterdam neem ik bij dezen terug.
Ik heb geen één blok beton gezien.

(Jasper, Martijn, Henk en Henk; Ontzettend bedankt voor de fantastische middag!)

De dood

1236858_841255379241341_3909981164501666686_nIk heb één van mijn opa’s nooit gekend. De man stierf ver voor ik geboren werd. En meer dan dat hij een wegenbouwer was, hij bestuurde een wals, weet ik eigenlijk niet over hem. Natuurlijk zal mijn moeder vroeger over haar vader verteld hebben maar dat is me, om eerlijk te zijn, niet echt bijgebleven.
Nu ik ouder ben, letterlijk en figuurlijk, en ook vaderloos merk ik wat een gemis dat is. Opa’s vervullen een hele belangrijke rol in het leven van een kind. Daar ben ik inmiddels wel achter.
Goed, mijn jongens hebben nu 2 opa’s maar dat hadden 3 kunnen (moeten) zijn. En juist daarom probeer ik de gedachte van mijn vader bij mijn jongens zoveel mogelijk levend te houden. Ik vertel ze verhalen over hem en ik heb in huis een foto van hem centraal tussen hun foto’s in staan.
Afgelopen zaterdag zou mijn vader 67 jaren zijn geworden. Ik was met de jongens bij mijn moeder en moeke ging in de ochtend, zoals elk jaar, even een bloemetje naar zijn rustplaats brengen. Ik besloot de jongens te confronteren met het eindstation van de dood, de rustplaats. We gingen met moeke mee. Eens moet dat, was mijn gedachte. Jongste zoon Teun had een tekening voor opa gemaakt. Ik vroeg wat al die lijntjes en kleuren voorstelden. Het was een boot waarop oma, papa, Sam, Teun en Charlie allemaal op zaten. En òòk opa! Ik vond dat mooi.
We parkeerden de auto en liepen hand in hand naar het veldje waar opa ‘lag’. Moeke haalde een vaasje en bloemen tevoorschijn, Teun legde de tekening op de grond.
Hier hield de concentratie van de jongens op. Ze kregen een halve regenboog, een aandenken, in de gaten. Toen ik zei dat Teun de regenboog niet mocht pakken, kwam de verwachte (en voor een 4-jarige logische) reactie. “Waarom niiiiiiieeet?”
Ik pakte de jongens bij de hand en liet moeke haar ding bij de rustplaats doen. Wij gingen een rondje over het herdenkingsveld lopen. Foto’s, gedichten, stenen, vlinders, overal zijn we even stilgestaan. Tot de jongens een brug in de bossen zagen. “Hé, een geheime brug”, maakte ik er een spannend spelletje van. We slopen de brug omhoog. Bovenaan was nog een veldje met gedenkstenen. We liepen verder, de brug af en kwamen uiteindelijk op de plek van opa’s rustplaats uit. “Hé, we hebben een rondje gelopen!”. Ze spraken af allebei een kant op te rennen en elkaar op deze plek weer tegen te komen. En nog een keer. En nog een keer. Leuk spelletje.
Moeke was inmiddels klaar, ze nam de jongens naar een plek waar nog veel as lag. Ik ging nog even een groet aan m’n vader brengen.
Sam vroeg wat de as was. Ik vertelde hem de waarheid. “Als sommige mensen dood zijn, worden ze verbrand en dan blijft er as over en dat strooien ze over het gras.” We liepen langs de oven met de enorme schoorsteen. “Kijk, daar worden ze verbrand.”, zei ik. Ik zag dat de jongens (vooral Sam) het maar moeilijk te vatten vonden.
Op de parkeerplaats probeerde moeke tot 2 keer toe de deur van de naast ons geparkeerde auto te openen. Wij kregen de slappe lach.
De perfecte afleiding voor de jongens na zo’n confrontatie met de dood.

Seks

seksIk heb hiero op dees jolijtsijt in al die jaren al flink wat onderwerpen besproken. Maar over seks heb ik het eigenlijk nog nooit gehad. Toch? En laat seks nou als een tiet verkopen! Ik weet bijna wel zeker dat alleen al om de borstel hierboven “SEKS” het (geslachts)verkeer richting dees sijt naar een orgastisch hoogtepunt zal stijgen.
Ik ben niet zo van de seks. Tenminste niet in woord. Ik begeef me wel eens tussen wat testosteronbommen en wat ze dan allemaal uitkramen! Neuken. Ketsen. Volblaffen. Plafondkut. Voorkut. Im arsch spritzen. Voorvrouwen. Achtervrouwen. Tetten. Bij d’r haar pakken en bam bam bam.
Ik houd er niet zo van. Ik lach dan vaak flauwtjes mee maar diep van binnen voel ik medelijden. Medelijden met de vrouw in kwestie. Want ik ga uit van een vrouw. Hoewel? Bij sommige testosteronbommen weet ik het zo nog net niet.
Vrouwen hebben ook gevoel, denk ik dan altijd……………… Waarom (keiharde) seks terwijl je ook heel lief en teder de liefde kunt bedrijven?
Ik ben geen sekser, ik ben een liefdesbedrijver. Geen beste trouwens hoor. Ik mag al blij zijn als ik de lie bereik. Maar toch. Het gaat om het idee. En ik moet ook verliefd zijn. Dat is ook een vereiste.
En de vrouw in kwestie moet tetten hebben. En een mooi gezicht. En mooi haar. En een goed figuur. En onderhouden nagels. En goedzittende kleren. En geen raar loopje. En van goeie muziek houden. En………

Hmmm, ik denk dat dat liefdebedrijven voorlopig niks wordt. Misschien dat ik eens aan seks moet gaan denken.

Airborne = Familiedag

IMG_4644Na 4 mei, 5 mei en mijn expeditie naar Normandië was vandaag voor mij de laatste oorloggerelateerde dag van het jaar, de herdenking op de Ginkelse hei. Dit is voor mij altijd een speciale dag. Omdat ik sinds 10 jaar een oorlogsveteraan persoonlijk ken. John Jeffries heet de held. De man is op 18 september 1944 boven de hei uit de lucht geschoten, is op het nipppertje gered door Poolse soldaten, heeft in Oosterbeek in de ziekenboeg gelegen, is door de Duitsers gevangen genomen en is tenslotte in Duitsland te werk gesteld. John is inmiddels 92 jaar en nog net zo kwiek als 2 jaar geleden toen ik hem voor het laatst zag. Vanwege de speciale editie van de herdenking, 70 jaar geleden, was mijn ontmoeting vandaag met mijn held hartelijk maar kort. Te kort. Vond ook hij. Hij vroeg me of we elkaar nog zullen zien in de korte tijd dat hij hier nog is. Aanstaande maandag vertrekt hij weer naar Engeland. Ik ga mijn uiterste best doen om elkaar nog even te ontmoeten. Ik heb namelijk nog nooit een indrukwekkender en groter mens (ondanks zijn 1.60 m) ontmoet.
http://www.omroepgelderland.nl/web/show/id=767535?q=luchtlanding# (krijg de link niet goed. Kijk bij ‘Luchtlandingen Ginkelse Heide 20 september 2014′. Op 7.30 komt een interviewtje met John). http://www.mcilree.co.uk/JJ/index.html

Maar het is ook een speciale dag voor me omdat het een familiedag is. Deze dag breng ik (bijna) elk jaar door met mijn jongens en mijn (ex)schoonfamilie. Mama stond vanochtend om half 10 bij ons voor de deur en samen fietsten we naar de hei waar opa en oma, zwagers en schoonzus + kinderen op ons stonden te wachten. We maken er dan een gezellige dag van. Oma houdt de kinderen bezig, Opa heeft interessante verhalen, de mama’s zorgen voor eten en drinken en zwager en ik hebben lol met Poolse soldaten op oude legermotoren (die hebben 40/45 liter wodka in hun mik) en Duitsers (jullie herdenking is aan de andere kant van de weg!).
Ik geniet van zulke dagen.
Het geeft me een gevoel dat ik toch nog gewoon bij de familie hoor.
IMG_465110178267_834030616630484_617803311_n10671500_819500098083248_1250711043130584594_n983817_819500034749921_3338033477563678040_n

 

 

 

 

Selfie

SelfieDe reden dat ik nooit ben doorgebroken in de modellenwereld is eigenlijk heel simpel te verklaren; Ik ben niet fotogeniek. Laten we daar geen misverstand over laten bestaan. Ik ben eerder fotogeniet. Of fotogetotaalniet.
Ik kan er niks aan doen maar ik sta altijd als een debiel op een foto. En sta ik er een keer enigszins normaal op, staat er iemand bij. Of is de belichting te fel. Of is de foto te donker. Er is altijd wel iets wat die foto doet mislukken.
Nu heb ik wel coole foto’s van mezelf maar daar sta ik met zonnebril op op (nee, da’s geen schrijffout, lees de zin maar eens goed na). En plemp ik die online, beginnen mensen daar weer over te mekkeren. Zucht……………

Ja, ik loop vaak met een zonnebril op. Ik kan slecht tegen fel zonlicht. Ik kijk dan muy boos en krijg er pijn in m’n harses van. De zonnebril is de uitvinding van de eeuw! Dat zeg ik.
Ik moet wel wennen aan mijn noodzakelijke bril die ik tegenwoordig draag trouwens. Met mijn zonnebril op en in gesprek met een vrouw willen mijn ogen nog wel eens naar beneden afdwalen en dat viel niet op. (Da’s trouwens iets heel normaal en mannelijks hoor, leesters! Dat is genetisch bepaald. De ogen van de man zijn gemaakt om een totaalbeeld van de gesprekspartner te maken. Laat dat even duidelijk zijn!)
Maar met mijn gewone bril op heeft mijn gesprekspartner eerder in de gaten dat mij haar ogen na een tijdje niet meer zo boeien.
Ze zouden een zonnebril op sterkte uit moeten vinden!

Maar ik dwaal af. Hierboven een collage van gelukte mezelffoto’s van door de 43 jaren heen. Ook wel bekend als zijnde selfies.
Doe er wat mee.
Of niet. Vink ook best.
Dat is mijn uitspraak, daar moet u het mee doen.

En toen was het over, Lord

IMG_4306De zaterdagmiddag bestad ik aan de bitches…….eh, pardon, de beaches rustig en op m’n gemak te bekijken. Dat ging prima, ik probeerde zoveel mogelijk de drukte uit de weg te gaan. Tot er plotseling en helemaal uit het niets de moesson aller moessons losbrak.
Oh wacht, je zit nog na te denken over bestad? Ja, ik vind dat een mooier woord dan besteedde. Dus.
Het begon dus te regenen. En met regenen bedoel ik plenzen. En met plenzen bedoel ik alsof de Atlantische oceaan zichzelf optilde en zich leeg stortte boven mij. Waarom het nou precies boven mij was, wie zal het zeggen?
Ik had er schoon genoeg van dus ging ik terug naar mijn hotelkamer. En ik trok daar inderdaad schone kleren aan. Had er immers genoeg mee.
Het liep tegen 4-en, ik vond een dutje een nuttige bezigheid.

Toen ik wakker werd was het weer weer opgeklaard. En met opgeklaard bedoel ik pffffffffff, wat is het fukking warm! Omdat ik de gehele noordflank, vanaf mijn hotelraam gezien, reeds bezocht had, ging ik de zuidflank (Sword beach) aan een nadere inspectie onderwerpen. Ik reed via Hermanville-sur-mer richting de haven van Ouistreham. Onderweg passeerde ik hotel Le Canada en door het open raam van m’n auto moonde ik even hun kant op.
Nu zijn havens en ondergetekende nooit een goeie combi geweest en ook nu scheelde het niks of ik had op de ferry naar Portsmouth gezeten. Over de stoep, tegen het verkeer in en mijn perfectie imitatie van een sirene hielpen me de juiste weg weer te vinden. Ook Sword beach viel in de categorie van de andere stranden. Slordig.
Met een lichte knal was de avond gevallen en het werd weer schemerig. Ik had genoeg gezien, ik had honger, ik ging terug naar het hotel.
Het was druk in het dorp. Ik verklaarde het aan de late etenstijd in deze regionen. Ik draaide de parkeerplaats van het hotel op, geen plek! JA, WAT ZULLEN WE NOU KRIJGEN ZEG! Al gauw kreeg ik in de gaten dat er opvallend veel hardlopers (van die tochtstrippen) rondhuppelden. En direct na die gedachte ging bij mij het lampje branden dat zij het hele dorp bezet hadden met hun auto’s. Het bleek dat er één of andere strandloop georganiseerd was. JA censuur DE censuur DE censuur! Ik werd woest.
Ik zette mijn auto zo neer dat zeker 3 anderen er met geen mogelijkheid uit konden. Woedend banjerde ik naar het strand. Ik was voornemens om de eerste de beste Dolf Jansen keihard neer te hoeken.
Ik liep voorbij de strandtent en opeens kwam er een droomvrouw mij tegemoet. Ze glimlachte. Ik bleef stokstijf staan, zij deed hetzelfde. In de hoop dat ze Grunnings verstond vroeg ik haar of ze iets wilde drinken. Ze knikte en samen liepen we de strandtent in. Ik bestelde een Heineken voor mij, zij ging voor een glas rouge. We hieven onze glazen om te proosten toen er ineens een boom van een vent binnenkwam. Hij leek me geen hardloper. Ja, misschien 3 in 1. Hij keek boos naar droomvrouw naast me en begon in het Frans tegen haar te schreeuwen. En een tel later richtte hij zijn woede op mij. Ik besloot dit niet af te wachten en zette het op een rennen. In de verte hoorde ik de vent volledig uit z’n plaat gaan.

Op het bed in m’n hotelkamer kon ik maar 1 ding bedenken; Dat komt toch alleen maar voor in Dallas?

Zondag ben ik naar huis vertrokken. Ik heb 2 overheerlijke borden macaroni gegeten bij m’n matties en kwam laat in de avond thuis.
Ik vond het een onvergetelijke ervaring. Ik kan het aanraden mocht je geïnteresseerd in D-Day zijn.

Expeditie Overlord

IMG_4269Ik besloot een verkenningstocht met de auto langs de beaches te houden. De zaterdag zou ik gebruiken om gedetailleerd te werk te gaan. De D514 leidt langs de kust, langs verscheidene dorpjes en gehuchten. Op elk gewenst moment kun je een weg naar het strand inslaan. Ik reed richting de klif aan het einde van Omaha beach. Het einde van de landinsgzone, ik schat dat de gehele kustlijn van de operatie Overlord een kleine 12 kilometer betreft. Althans, dat dacht ik.
Pech aan de auto onderbrak mijn verkenningstocht. De linkerkoplamp begaf het. En als ik ergens een haat aan heb, is het een defecte koplamp. Ik houd van goeduitziende, prompte koplampen (niet te verwarren met tetten) en trouwens, je zal net zien dat de gendarmerie juist mij uitkiest om eens even flink te naaien. Ik nam geen risco en kocht een setje lampen bij de Intermarché (daar hebben ze ècht alles!). Op de parkeerplaats van de supermarkt opende ik de motorkap, trok m’n shirt uit, nam uitdagend een slok uit m’n flesje cola en repareeerde ik het euvel. Makkie. Anderhalf uur later, de schemering trad inmiddels in, had ik het voor elkaar. Ik kon weer verder.
Bij ‘Batterie de Longues-sur-mer’ bij het plaatsje St-Laurent-sur-mer stapte ik uit. Een enorm veld met daarin 4 enorme bunkers was wat ik aantrof. In drie van de bunkers stonden zelfs nog de gigantische geschutswerken. (Voor foto’s verwijs ik je graag naar mijn Facebookpagina/foto’s/Normandië.com). Ik vond het indrukwekkend. Helemaal toen ik van boven naar beneden naar het strand keek. Met geen mogelijkheid kon ik me een voorstelling maken hoe de mannen überhaupt ooit boven waren gekomen. Ten eerste natuurlijk het grote hoogteverschil maar zeker ook de tegenstand dat geboden moest zijn. En ik bedacht me hoe de Duitsers moeten hebben gereageerd toen ze vanuit zee een overmacht aan schepen, materieel en manschappen aan zagen komen. “Wass zum fick!” Om en nabij 135.000 mannen en 20.000 voertuigen enterden op die 6e juni de stranden!
Via kleine dorpjes en smalle straatjes ben ik in de richting van mijn verblijfplaats gereden. En ik had telkens het gevoel dat er elk moment een Duitse sniper uit één van de kieren in de authentieke huizen kon gaan schieten. Onderweg kwam ik langs ‘Gold beach’ en ook hier heb ik vluchtig rondgekeken. Deze beach deed me toch minder. Onverzorgd, veel troep, vale vlaggen. En overal campers. Wilde ik een gevoelige plaat vastleggen, kwam er zo’n kneus in een camper door m’n beeld schuiven. In Port-en-Bessin-Huppain besloot ik te gaan eten en er iets van te gaan zeggen. Ik stapte enigszins ontdaan en ja, ook wel woedend een restaurant binnen en riep; “ARE YOU ALL NOT GOOD BY YOUR HEADS? Het maakte totaal geen indruk en een vriendelijke (huh?) jongeman wees me op een tafeltje. Rechts naast me zat een Engels gezin, links 2 Nederlandse jongens. Ik bestelde twee Quarterpounders en een Heineken. Nou, dat hadden ze niet. Ik nam genoegen met iets met ‘viande’ in de titel op de menukaart.
In het pikkedonker reed ik terug naar mijn hotel (haha, echt niet. Zie koplampen!), het was inmiddel tegen half 11. Tot mijn grote verbazing ontdekte ik dat de D514 langs de kust een eenrichtingsweg was. En in mijn enthousiasme van die middag was ik vergeten herkenningspunten aan de route op te slaan. En GRRRR$^^&#, ik was ook nog eens mijn plattegrond op mijn chambre vergeten. Op mijn telefoon hoefde ik ook al niet te rekenen want GEEN SERVICE what so ever. (kan iemand mij eens uitleggen hoe ik een telefoon in het buitenland werkend krijg zonder WIFI?).
Nu was dit niet de eerste keer dat ik verdwaalde in Frankrijk, alhoewel ik altijd tegen voormaligje zei dat we achtervolgd werden en dat ik daarom de ‘verkeerde’ weg nam, dus ook nu bleef ik ijzig kalm. Gewoon logisch na blijven denken, de stand van de sterren in de gaten houden en gewoon simpel de borden volgen. Om kwart voor 1 liep ik mijn hotel in. “Bonsoir, monsieur Bauèr”, zei de jongen achter de bar. (Ik had me ingeschreven onder Jack Bauer, hahaha, ik vond ‘m hilarisch!).

Zaterdag stond ik er vroeg naast. De grote dag (ik noemde het gekscherend G-Day) was aangebroken. Ik bestudeerde de plattegrond aandachtig en ontdekte dat mijn eindpunt van de avond ervoor helemaal niet het eindpunt van de kust was. Na Omaha beach kwam nog Utah beach. En Omaha beach was nog een heel end langer dan ik bezocht had.
Pointe du Hoc werd derhalve mijn eerste detailbezoek. Wat ik niet wist is dat Point du Hoc een cruciale rol heeft gespeeld bij ‘Operatie Overlord’. Sterker nog, hier is de complete landing begonnen. Op deze klif hadden de Duitsers hun zwaarste artillerie geposteerd. Voor details lees HIER.
Wat ik hier zag ging mijn voorstelling te boven. Een (inmiddels begroeid) maanlandschap met diepe kraters. Kraters van bominslagen. Afgeschoten vanaf zee door Amerikaanse marineschepen. De klif van 30 meter hoog werd beklommen en aangevallen door 225 mannen onder leiding van Kolonel James Rudder. Hevige gevechten hebben hier plaatsgevonden. En dat was te zien. Slechts 90 mannen hebben deze heldendaad overleefd. Zwaar onder de indruk heb ik het tot me genomen.
Maar natuurlijk heb ik me ook weer kapotgeërgerd. Je kent me. Mensen met honden. Zucht……….. Van die kleine kluthondjes en die veel te lange hondenriemen. FLIKKER OP!!!!! Man, daar word je toch niet goed van? Je neemt toch niet een hond mee naar zo een monument? Haal ik gevaarlijke toeren uit om over de rand te kijken, wikkelt zo’n kluthond zich om mijn benen! AAAARGH!!!
Maar da’s nog niet alles hoor. Er is nog een overtreffende trap. Kinderen! Van die verveelde puberkinderen die mee moeten van mama en papa.
Luister! Je moet naar dit deel van Normandië gaan als je besef hebt van wat daar allemaal gebeurd is. Niet om vakantie te vieren. Het is geen pretpark!
Mijn bloed ging koken toen ik zelfs zo’n pestventje (juist, met een voetbalshirt van een niet nader te noemen Rotterdamse club aan) een bal zag hooghouden op het ranger Monument! …………………………………….

Ik heb de bal, 4 pubers en 14 honden van de klif gegooid.
Oja, en ook heb ik een camper er vanaf geduwd.
Stelletje respectlozen!

(*noot van de redactie: Deel 3 komt er ook nog aan. Ga nu eerst even douchen)

Tripje Overlord

IMG_4312Vrijdagochtend vroeg vertrok ik naar de plek waar ik altijd al eens naartoe wilde, Normandië. Om exact te zijn, naar het pittoreske plaatsje Hermanville-sur-mer. Van een beetje zelfpromotie ben ik immers niet vies.
Waarom Normandië vraag je je af? Nou, ik ben erg geïnteresseerd in Wereldoorlog 2 en het schijnt dat in Normandië nogal het één en ander gebeurd is. En om mijn kennis nu enkel te toetsen aan wat leeswerk en wat films vind ik niet voldoende. Ik moet die hel van 70 jaar geleden met eigen ogen zien.
Maar voor ik dit alles kon aanschouwen, moest ik zelf eerst door een hel. België. Man, wat is dat een derdehands pauperland zeg! Misschien een keer wat geld investeren in asfalt in plaats van willekeurig betonnen platen neer te kwakken? Op wie kan ik de schade aan m’n schokbrekers verhalen? Stelletje wanna be Nederlanders.
Ik werd zelfs nog aangehouden even voorbij Antwerpen. Waarom ik zo hard reed? Ja duhuu, ik wil zo snel mogelijk dit Malawi van Europa uit zijn natuurlijk! Zucht, moet ze ook alles uitleggen……………… En waar was Mega Mindy?
Tegen de middag bereikte ik Le Havre. En daar trof ik hetgeen aan wat ik zo mooi aan een autotrip door Frankrijk vind. Twee gigantische bruggen achter elkaar over La Seine. Kunnen wij altijd wel flink doen over de Maas enzo maar die Seine, dat is me een plens water! Bonsjoeah zeg!
De eerste brug overlapt een industriegebied en brengt je gelijk al 5,4 kilometer de hoogte in, beneden kom je bij de tolpoort (5,40) en dan de daadwerkelijke brug over de machtige rivier. Ik geloof dat de top op 7,2 km ligt en er zit ook nog een slinger in. Ik was van dit architectonisch meesterwerkje behoorlijk gecharmeerd en besloot bovenop te stoppen om wat foto’s te schieten. De 89 auto’s (al dan niet met caravan) achter me hadden er weinig begrip voor. Ik heb zelden zoveel getoeter tegelijk gehoord. Cultuurbarbaren!

Hermanville-sur-mer reed ik klokslag 15.00.00 uur binnen. Klokslag 15.00.18 uur was ik er weer uit. Ik keerde en parkeerde op het eerste de beste plein. De boel was uitgestorven. Bij een heul klein ietepieterig winkeltje stond de deur open. Ik liep naar binnen. BONSJOEAH!, riep ik op m’n vrolijkste Frans uit. Een vrouw die zeker de 90 was gepasseerd kwam vanachter aangestrompeld. “Parlévoe Grunnings?”, vroeg ik. Ze keek me vragend aan en schudde met haar hoofd. “Otèl?”, vroeg ik. Ik zag een blik van herkenning in haar ogen. Ze mompelde wat, ze wees wat, ik verstond er geen ruk van. Wellicht was ze beter te verstaan geweest als ze haar gebit in had gedaan. Plots ving ik het woordje ‘plage’ op. “Stráánd”, zei ik. “Dat is stráánd in het Grunnings” en ik schreef het voor haar op een papiertje op de toonbank. “Goed onthouden!”, zei ik. Ik bedankte haar en gaf haar een kus op haar voorhoofd.
Hotel ‘Le Canada’ was het enige hotel in het prachtplaatsje. Het arrogante mokkel achter de toog gaf aan dat er geen kamer vrij was. Tenminste, dat begreep ik. Ook zij praatte geen woord Grunnings. Ik vond het niet erg. Ik had bij binnenkomst al besloten een wedstrijdje ‘arrogant doen’ te houden en er sowieso niet te blijven. Ik heb op punten gewonnen.
Ik stapte weer in mijn Franse voiture en bedacht me toen dat ik eigenlijk wel gigantisch moest piesen. Gelukkig zit er aan de D514 om de 400 meter een weggetje naar het strand en ik sloeg de eerste afslag die ik tegenkwam rechtsaf. Het was vloed, het strand was een meter of 38 lang. Er lagen mensen te zonnen, er waren kinderen aan het spelen. Ik scheurde het strand op, parkeerde mijn auto tegen de waterlijn aan en ledigde mijn blaas in de Atlantische Oceaan. Je moet alles een keer gedaan hebben, tenslotte.
Ik betrok een chambre in hotel ‘Le Beau Rivage’. Direct aan de boulevard en het strand in Luc-sur-mer. Gelegen tussen de beaches ‘Sword’ en ‘Juno’.
Een meid met een prettige decolleté van de plaatselijke VVV sprak gelukkig wèl een taal die ik begreep en zij voorzag mij van de nodige informatie. Mijn expeditie kon beginnen!

(*noot van de redactie: Deel 2 van dees anekdoot volgt snel. Anders wordt het zo’n lap leesvoer ineens en dat wil ik je niet aan doen. En trouwens, ik moet nu even poepen.)

7

ripMijn vader is veel te vroeg gestorven. Vandaag 7 jaren geleden. En met veel te vroeg bedoel ik voor mij. Ik was nog helemaal niet klaar met hem.
Ik had in mijn puberjaren geen goede band met hem. De man was hard en streng voor mij. Volkomen terecht trouwens, ik was een irritant blaag. Ik was in die tijd niet graag thuis. Ik ging naar school en na schooltijd bleef ik tot laat buiten. Alleen maar om geen conflict met pa te krijgen. Op mijn 18e en ik de dienstplicht moest vervullen kwam er verbetering in onze relatie. Er werd me discipline bijgebracht en ik accepteerde dat ik al die tijd fout had gezeten. Nee, dat hij gelijk had. Ook tijdens de diensttijd was ik weinig thuis. Tijdens de opleiding was ik alleen in het weekend thuis en dan ging ik voornamelijk de straat op. De kroeg in. De overige dienstplichttijd was 3 weken daar, 10 dagen vrij. Ik kreeg toen een relatie en ging samenwonen. En steeds zag ik mijn vader weinig. Na de relatie restte mij niets ander dan weer thuis te gaan wonen. Ik betrok mijn oude slaapkamer op zolder. Ik maakte er mijn domein van. Ik kwam er bij wijze van spreken alleen vandaan voor het eten.

Pa raakte zijn baan kwijt en kwam in een klein zwart gaatje terecht. Hij was thuis. Ik was thuis. Voor het eerst in mijn beseffende leven kregen we een vader-zoon relatie. We groeiden naar elkaar toe. Samen klusten we veel in het rond. Ik leerde veel van hem tijdens deze klusjes. Ik vond hem stoer, ik voelde trots om hem zo bezig te zien. Tijdens één van deze klussen raakte pa gewond. Ik was buiten bezig, hij zat op een Bobcat binnen te slopen. Op een gegeven moment hoorde ik een angstaanjagende schreeuw vanuit binnen. “PA!!”, ging door m’n hoofd en ik stoof naar binnen. Pa zat met zijn arm klem tussen de cabine en de grijper. Nooit had ik zo’n hulpeloze blik in pa’s ogen gezien. Ik schrok ervan.

In 1996 ging ik definitief weg uit mijn ouderlijk huis. Ik ging 200 km verderop wonen en werken. Een paar keer per jaar ging ik naar Groningen of kwamen pa en moeke naar mij. Het contact met mijn vader werd meer en meer telefonisch. Ik bouwde een eigen leven op in het midden van het land, kreeg een relatie en ging samenwonen. In maart 2007 kregen we een woning in ons gewenste dorp, pa kwam een weekje helpen de boel opknappen. Er moest flink opgeknapt worden. Dagenlang waren we van half 8 tot diep in de avond bezig. Ik vond het fijn om weer eens samen met mijn vader te klussen. Ik vond het fijn om mijn vader om me heen te hebben.

5

 

 

 

 

In mei van dat jaar belde ik hem op om hem te vertellen dat hij weer opa werd. Ik heb hem zelden gelukkiger gehoord. Het heeft niet zo mogen zijn. Vandaag 7 jaren geleden overleed hij, precies 26 weken later is mijn oudste zoon geboren.
En nu? Nu, na de geboorte van mijn 2 zoons, m’n scheiding, m’n carrièreswitch en een nieuw leven, heb ik erg behoefte aan een vaderfiguur.
Nu ben ik klaar om het verleden te repareren. Nu ben ik klaar om hem te omhelzen en hem te vertellen hoe dankbaar ik ben dat hij mijn vader is.
Juist nu ben ik daar klaar voor.

Rust zacht, vader.

Ik kom!

Ik komGa je nog wat doen? Ga je nog ergens heen? Dat zijn van die vragen waarmee ik de laatste paar dagen mee om de oren word geslingerd. Weet niet of het echt interesse is of dat men gewoon beleefd wil zijn maar ik ben er een beetje klaar mee steeds maar weer hetzelfde antwoord te moeten geven. Ik heb daar potverdullemme een weblog voor! Want dat is het wel hoor. Regelmatige lezers kennen mij van haver tot gort en ook weeer terug en vragen me in principe geen retorische vragen. Maar ja, er schijnen ook nog een kleine 7 miljard mensen te bestaan die dees weblog niet lezen en een deel daarvan toont nog wel eens interesse. Of zijn gewoon beleefd, dat kan ook nog.

Ja, ik heb bijna vakantie. Vrijdag tegen de klok van 15-en hoop ik uit volle borst te kunnen roepen; VAKANTIIIIIIIIIEEEEE!
En ja, ik ga ook nog wat doen. En jazeker ga ik ook nog ergens heen. Sterker nog, ik kom naar je toe deze zomer!!!!!
Nou ja, ik ga ergens heen en jij kunt naar mij toe komen. Dat is het eigenlijk meer. Waar de fuk slaat die slogan eigenlijk op, Veronica??
Ik ga naar m’n moeder in Groningen. Whoehahahahahahahahahahaha, hoor ik je lachen.
Maar wacht, lees eerst even verder. Ik ga naar m’n moeder in Groningen met m’n jongens. HA! Jij te snelle conclusie trekker jij! Ik ben er namelijk nog steeds niet klaar voor om alleen met die 2 knaapjes op vakantie te gaan. Ik moet enige vorm van back up hebben. Ze zijn, in mijn ogen, nog iets te jong om avontuurlijke terras naar terras-vakanties met mij door te brengen. En waar heb ik een betere back up dan @ Moeke’s? Ik heb heus wel geprobeerd een andere back up te charteren hoor maar geen van hen wilden met mij op vakantie. Of een relatie met mij. Of uit eten. Of met me praten. Of me aankijken……………………….. Oh, ik dwaal af.

Ik ga dus een dag of 10 naar Groningen. En nu komt het leukste voor jou, lezer. Tijdens die 10 dagen ga ik uitstapjes doen waar jij mij kunt ontmoeten! Nah, hoe koel is dat? Ik ben voornemens om fandagen, meet en greets, fotoshoots enzo te organiseren op de velerlei dagje uit-dingetjes in het prachtige Noorden. Zoals daar zijn; De Hoornse plas, De Papiermolen, Sprookjeshof, Kabouterland, Verkeerspark Assen, Truckstar festival, Duinen Zathe, Speelgoedmuseum, de rondvaart, de midgetgolfbaan, de bioscoop (Planes 2!) en de bowlingbaan.
Je ziet, plenty mogelijkheden voor jou, lezer, om de bedenker, presentator en producent van dees jolijtsijt tegen het prachtlijf te lopen. Ik beloof vrouwvriendelijk te doen.

Ik doe wat leuks aan en wellicht tot snel!

200

VB 200

OJEE! Op mijn boomende sociale mediadingen is lichte paniek uitgebroken. Wat is er met Von Bloghausen aan het handje? Waarom al die oude anekdoots geplempt? Waarom zoveel achter elkaar? Wat is gaande? Is hij opgedroogd? Kapt hij ermee? Last hij een zomerbreak in?
Vertèèèèèèèèl! Ik hou het niet meer. M’n leven kan net zo goed stoppen nu. Zeg het me! Zeg het me nu!

Rustig maar piepeltjes. Geef even rustig zitten. Pak er een frisse klets bij. Het is vandaag namelijk

FEEST!!!

Dees anekdoot die je nu aan het lezen bent is namelijk de 200e op dees jolijtsijt!
DE TWEEHONDERDSTE! Von Mijlpaalhausen!
En het leek mij eigenlijk wel een aardig idee om jou als lezer te laten genieten van ‘de best of Von Bloghausen’.

Ik ben eind zomer 2008 begonnen met bloggen op “SLINXLOG”. Ik schreef daar zo nu en dan harde stukken en ging regelmatig snoeihard met gestrekt been de confrontatie aan met reaganten. Was leuk. Voor zolang het duurde.

Daarna werd het “GOEIE UNITS” en dat werd meer een jolige verhalen annex spelletjesblog. Ik vond dat leuk, er kwam waardering, ik leerde veel verschillende mensen ‘kennen’ en de blog werd redelijk goed bezocht. Tot het abrupte einde.

Op 10 september 2011 ben ik begonnen met ‘Een nieuw leven’ op dees blog. Letterlijk een nieuw leven zonder relatie, met een andere baan en een andere webhost.
En zo ben ik op 9 juni 2014 aanbeland bij de 200e anekdoot op dees jolijtsijt vol hoogstaande, ontroerende, lollige, gevoelige en waarheidsgetrouwe anekdoots. Ik zal eens kijken of ik nog vele voor je kan schrijven.

Maar voor vandaaag geldt; FEEST.

Ik zeg; PLOP EN OP JORS.

(bedankt voor de jarenlange steun en toeverlaat)

Even iemand in het Sonnetje zetten

In het zonnetje

Het is weer zover. Tijd voor de jaaroverzichten op de mediaas. En we kunnen er niet omheen, het grootste nieuws was toch wel het gruwelijke verhaal van de 2 jongens uit Zeist. Man, wat heeft me dat beziggehouden. Wat heeft me dat aangegrepen. En wat heeft me dat aan het denken gezet. Wat hoopte ik op een ‘en ze leefden nog lang en gelukkig-einde’. Het mocht niet zo zijn. Verschrikkelijk.

Op het moment dat ze me liet weten niet verder te willen, stortte mijn wereld in. Na 14 jaar werd de solide ondergrond van mijn bestaan onder me weggeslagen. Ik was nog maar kort vader geworden van een tweede zoon en ik was gelukkig. Of is gelukkig het verkeerde woord, ik was tevreden. Tevreden met mijn leven. Meer dan tevreden zelfs. Ik was klaar om oud te worden. Maar ze maakte de beslissing en ik had het daar maar mee te doen. Verdriet, woede, pijn, teleurstelling waren zaken waarmee ik moest dealen. Hoe moeilijk het ook zou zijn.

Nu zijn we 2 jaar verder en kan ik alleen maar onderstrepen dat ze de juiste beslissing heeft genomen. Onze relatie is, laat ik zeggen, beter dan ooit. Het feit dat we 1 sigaartje bij elkaar vandaan wonen helpt daar natuurlijk ook bij.

Van de ene op de andere dag stond ze alleen voor het runnen van een huishouden, werken en de opvoeding van onze jongens. Ja, natuurlijk zijn ze ook regelmatig bij mij maar opvoeden doe ik niet echt. Ik maak lol met ze. Opvoeden komt in principe op het bordje van haar terecht. Ik kan niet anders zeggen dan dat ze dat fantastisch doet. De jongens hebben regelmaat in hun leven, doen het goed op school/opvang, hebben te eten, hebben kleren, hebben schoenen, weten wat goed en slecht is en ze doet regelmatig dingen met ze waar ik dus niet aan zou denken (huis versieren, kerstkaarten rondbrengen).
Maar ook zaken waar wij beiden over moeten beslissen gaan in uitstekend overleg. We helpen elkaar waar we kunnen. En, heel belangrijk, ze maakt mij niet zwart bij de jongens. Ja, ze vindt me nog steeds een sjap maar dat vind ik alleen maar lollig.

Son, ik ben ontzettend blij dat we zo goed met elkaar zonder elkaar zijn en ik wens je een superfijn 2014 toe. Met onze jongens.

En met mij op de achtergrond.

Kerstgedachte

kerstman

Ik heb niks met kerst. Vind het maar een zwaar overdreven feest.
Dat heeft natuurlijk heel veel te maken met de tijd van het jaar. Iedereen weet dat het mij zeker 28 graden te koud is. Zodra de temperatuur onder de 21 graden schiet, schiet ik in thermokledij. Ik houd van feessies in een spannende thong. En een blote tors. En slippers. En niet met 44 kilo aan kleding om je pokkel.

En dan heb je nog die vreselijke blèèèèèèèèh-muziek. Mèn, is er kleffere muziek dan kerstmuziek? Zeg George Eikel, get over it. Lul. Elk jaar datzelfde gezeik. Vind die speciale iemand, geef hem je harde en houd verder je bek!

Maar ook de gedachte achter het feest zint me niet. De geboorte van beebie Djiesus. Nou, flink hoor! Luister ’s ouders, had het even wat beter uitgekiend. Dan hadden we zijn geboorte in de zomer kunnen vieren. Waarom we dit sowieso vieren is me een raadsel. Dan kunnen we net zo goed 9 juni als feestdag invoeren. Want dat is de geboorte van Donald Duck.

Kerst is gewoon een verzinsel van Coca-Cola. Het is gewoon een marketingdingetje om de wereldeconomie een boost te geven. En een geweldig marketingdingetje. Dat moet ik ze nageven. Ook dit jaar zijn er weer voor miljoenen uitgegeven aan kerstinkopen.

Vroeger kwam mijn hele familie rond het middaguur bij elkaar en maakten we er een gezellige dag van. Nou ja, tot het moment dat we uitgeluld waren en we elkaar een beetje aan zaten te staren. Dan kon je er op wachten tot iemand begon; “Ik ga op reis en ik neem mee”.
Is er iets treurigers? Pas later in de avond werd het weer gezellig en lolbroekerig maar dat kan veel te maken hebben met de genuttigde alcoholische versnaperingen natuurlijk.

Nee, ik ben blij dat ik in de onregelmatigheid werk. Laat mij maar lekker werken met kerst. Het mes snijdt zodoende aan 4 kanten: Ik ben van dat kleffe gedoe af, een collega is blij omdat hij wèl bij zijn gezin/familie/vrienden/maîtresse kan zijn, ik vang toch gauw een kleine 843,63 Euro extra per kerstdienst omdat er nogal wat toeslagen rusten op een kerstdienst en ik ben vrij met het aankomende WK want ‘voor wat hoort wat’ tenslotte.
Ja, dat is mijn kerstgedachte: Ik ben van dat kleffe gedoe af, een collega is blij omdat hij wèl bij zijn gezin/familie/vrienden/maîtresse kan zijn, ik vang toch gauw een kleine 843,63 Euro extra per kerstdienst omdat er nogal wat toeslagen rusten op een kerstdienst en ik ben vrij met het aankomende WK want ‘voor wat hoort wat’ tenslotte.

 

Ik wens iedereen smakelijk eten, goed drinken en een fantastische sfeer de komende 2 dagen.

Mijn mannelijkheid

Echte mannenMet ‘je mannelijkheid tonen’ bedoelen ze niet dat je heel den dag geblotepiemold over straat moet lopen. Of dat je je als een enorme slappe tamp moet gedragen.
Nee, je mannelijkheid tonen betekent eigenlijk min of meer zijn zoals ik ben.
Ik ben een echte mannen man. Oh wacht. Ik ben een echte mannelijke man. Je hoort mij niet piepen als we ‘de zaak’ met 2 man minder moeten bemannen. Je hoort mij niet mekkeren als een scheetje een afdrukje in de thong achter laat. Oh wacht. Je hoort mij niet zeuren als het even tegenzit. Ik zeg, wat koffie, bier of vlees (al naar gelang het tijdstip van de dag) erin en gaan. Niet van dat benauwde.
In de tijd van de Homo Sapiens zou ik de homo zijn. Oh wacht.
Nou ja, je weet wat ik bedoel. Maar mijn mannelijke mannelijkheid heeft vorige week een klein knauwtje gekregen. Ik zal het vertellen maar je moet me beloven dat dit nooit openbaar wordt! Kom op zeg, ik heb een imago hoog te houden. Beloofd?

Ik krijg al sinds het buiten beneden de 23 graden is mijn kachel niet aan de praat. Dat kloteding wil maar geen vlammetje geven. Ik doe het exact volgens de beschrijving. Zet de dikke grijze knop op de S, druk de knop volledig in en druk tegelijk de ontstekingsknop in. Houd de dikke grijze knop even ingedrukt om het gas de gewenste toevoer te geven.

NOU, HOELANG IK DIE FUKKING KNOP OOK INGEDRUKT HOUD, ER KOMT NOG GEEN VONKJE!!!!!!!!!!!!!!!!!

En als dat knopgebeuren nou op een makkelijk te bereiken plek zou zitten. Nee, ik moet plat op mijn buik liggen om erbij te kunnen. Met een zaklamp in m’n muil. Ja, en druk dan maar die 2 knoppen tegelijk in. En vergeet niet dat je je hoofd ook nog omhoog moet houden. Inderdaad, je moet bijkant een Epke zijn om zoveel spiermassa op hetzelfde moment op spanning te krijgen.
Maar ja, je bent een mannelijke man of je bent het niet. Ik moest en zou warmte in m’n penthuis krijgen. Dus had ik 36 elektrische kacheltjes strategisch door het huis geplaatst. Haha, knappe kou die mij klein krijgt!
Maar dat werkte niet. Heel gek maar mijn jongens vertoeven vaak op strategische plekken in mijn penthuis. En ik kan je zeggen dat een voorhoofd op zo’n elektrisch kacheltje best hard aan komt.
Ik moest maatregelen treffen. Ik heb een hekel aan bloedvlekken op mijn houten vloer. Ik belde een mannetje. Jazeker hoor, dat doen echte mannen ook. Gewoon een mannetje bellen als ze er zelf niet uitkomen.

Hij kwam afgelopen vrijdag. En hij heeft mijn kachel aan de praat gekregen!!!!!
Ik kon ‘m wel kussen. Oh wacht. Hij ging op zijn hurken zitten, draaide de dikke grijze knop op de S en 8 seconden later was mijn kachel aan.

Oja, en hij draaide het gaskraantje open.

 

………gepaste stilte lijkt me wel op z’n plaats……..

Ik mis je

MissenJa hoor. Daar ben ik mans genoeg voor om het hardop te zeggen. Durf ik heus wel. Ben ik niet te beroerd voor. Kom op zeg! Ik ben 42 (en wat maandjes). Zou ik dan niet m’n emoties mogen laten spreken? Nou, dacht het dus mooi wel.
Sterker nog, ik ga het even HARDOP zeggen zodat de hele wereld het kan horen:
IK MIS JE!!!!!!!!!!!

Jarenlang heb je me vergezeld en waren we maatjes. Ik hield jou op de been en jij mij. Man, mooie tijden hebben we gehad. En jongens, wat zou ik willen dat die tijd weer terug komt.
Ik begin echt een burgerlul van middelbare leeftijd te worden. En dat allemaal door jouw afwezigheid.
Maar daar gaat verandering in komen. Hoe je het ook wendt of keert, ik ga actie ondernemen om je terug te veroveren. Ik ga m’n leven veranderen om de adrenaline weer terug te krijgen. Want daar heb ik het over, hè mensen. Adrenaline. (pffff, wat dacht jij dan? Hahahaha!)
Wat is er nou mooier dan strak van de spanning staan als er een buurman achter je aan rent als je weer eens bij hem deurtje gebeld (geleld zeggen ze hier, geloof ik) hebt? Of die onbeschrijfelijke kick als je een portemonnee met een visdraadje hebt vastgemaakt, jijzelf achter de bosjes zit en er een nieuwgierigaard aan komt lopen? Je kent het wel. Mèn, dat is toch fantastisch!?
Of dat ‘knock out-spelletje’? Waarbij je met één vuistslag een willekeurige voorbijganger bewusteloos slaat? Oh wacht, dat is een ontzettend achterlijk iets.

Wat ik eigenlijk bedoel is dat ik gewoon wat spanning in m’n leven mis. Het enige wat tegenwoordig nog een beetje spannend is, is of m’n auto wil starten. Of dat m’n tegenstanders mij een keer gaan verslaan met Wordfeud (@Slinzelf, dat ben ik!). Of dat m’n pielemoos een keer niet in hoerastemming schiet bij de zwoele aanblik van het doucheputje.
Ik zeg, het is tijd om het roer om te gooien en op ramkoers richting de spanningsboog te varen.

Rest mij nog even stil te staan bij de verwelkoming van mijn 500ste reactie op dees jolijtsijt. Ik vind het een mijlpaal. Weliswaar een kleintje maar toch één om in te lijsten.
Eens even zien wie de gelukkige is en wie een boterhamzakje huidschilfers van een lichaamsdeel naar keuze tegemoet kan zien.
………………………………………………………………………………….

Oh, ik ben het zelf.

Zucht. Zelfs daar valt niets spannends uit te halen.

 

 

Herinneringen

Herman blond “Goh Sinterklaas, u hebt haast net zulks wit haar als ik”. Dat schreef mijn vader onder deze foto in een fotoalbum. En hoewel ik hier nog een klein manneke was, herinner ik me dit. Sinterklaasvieringen bij zijn werk. Ik vond ze geweldig. Indrukwekkend. Groots.

Ik sprak met mijn collega over herinneringen. En ik moet tot mijn spijt bekennen dat ik de jolige dingen van mijn (pre)pubertijd nog wel kan herinneren maar vòòr m’n tiende herinner ik me vrij weinig. En dat vind ik een gemis. Sterker nog, baal er stevig van. Hoe was mijn vader met mij? Welke leuke dingen hebben we allemaal gedaan? Waar zijn we allemaal geweest?
Mijn vader was een strenge, hardwerkende man. Hij werkte in ploegendiensten dag, avond en nacht en liet voor het grootste gedeelte de opvoeding van zijn 4 kinderen aan mijn moeder over. Hij werkte veel om goed voor zijn gezin te kunnen zorgen. Altijd een stukje vlees bij het eten, een luxe ruime auto, een goede woning, hobby’s, sport, school. Hij zorgde ervoor. Zoals het hoort, zou ik zeggen. Maar op de momenten dat hij niet aan het werk was, moet hij toch leuke dingen met zijn kinderen (met mij) gedaan hebben? Ik kan me er echt weinig tot niets van herinneren. Ja, hij stond elke zaterdag langs het voetbalveld. Dat weet ik zeker.

Ik heb hier thuis het fotoalbum met mijn jeugdfoto’s. Er zitten precies 50 foto’s in. En bij elke foto heeft mijn vader een tekst geschreven. Dat zijn mijn herinneringen. Mijn jeugdherinneringen aan mijn vader.

Da’s trouwens niet helemaal waar. Bij de laatste 4 foto’s heb ik wat geschreven. Daar was hij niet zo blij mee, herinner ik me nog.

Jeugdherinnering 1Jeugdherinnering 2

Verkeerd beeld

Ik heb me daar toch even sterk het idee dat er een compleet verkeerd beeld van mij rondwaart op dees kloot.

Hé, da’s toevallig! Ik had het er gisteravond nog over. Nah zeg!

Zo schijnen er zum bleistift mensen te zijn die denken dat ik ècht een arrogante, superieur voelende, alleen maar vet vretende, alleen maar bier drinkende, denkend in een Audi A3 rijdende, prachtlijf hebbende, nooit serieus zijnde, einzelgängende, vrouwenverslindende geheim agent ben.
Hahahaha, tuurlijk niet! Ik heb namelijk al best een buikje.

Je moet niet alles geloven wat op dit weblog staat.
Ja, goed. Al mijn anekdoten bevatten een kern van waarheid maar het meeste wat ik hier neerplemb is flauwekul.
En ik doe dat niet zomaar, ik doe dat met een reden. Ik doe dat voor jou. Ja, jij.  Jij lezer/leester. Om je een (glim)lach te bezorgen. Om je iets mee te geven om over na te denken. Of gewoon om je een inzicht te geven in mijn complexe persoontje.
Kijk, dat jij daar dan een beeld van mij van houwt, dat is jouw recht. Zou ik ook doen. Maar houw dan wel het juiste beeld.

Zo schijn ik best een aardige gezelschapspartner te zijn. Ik schud nog wel eens uit het niets een grap, grol of dijenkletser uit mijn rechtermouw. Ik kan erg leuk meedoen met spelletjes. Ik heb een universele muzieksmaak. Zolang er vlees geserveerd wordt, heb je aan mij geen kind. Ik heb een brede kennis van zaken. En ik weet wanneer het tijd is om er weer vandoor te gaan. En dat is toch ook niet onbelangrijk, me dunkt.

En dat brengt me op mijn favoriete ‘laat ik eens iemand verrassen met een bezoekjedagen’. De kerstdagen. Ze komen er weer aan.
Zal het een klein beetje uitleggen voor de nieuwelingen in mijn leven. Op een willekeurige kerstdag rijd ik naar één van m’n vele vrienden toe en bel spontaan en onaangekondigd aan. De bedoeling is dan dat je me met open armen ontvangt en dat we er een gezellige morgen/middag/avond van maken.
Leuk hè? M’n vele vrienden kijken elk jaar weer reikhalzend uit naar dit moment. “Zou ie dit jaar bij ons komen” brandt half oktober al op ieders lippen.
Ach, ik doe het graag hoor.

Ik kreeg gisteren mijn rooster door voor de kerstdagen en ik kan melden dat ik alle tijd heb om verrassingsbezoekjes af te leggen. Ja, je leest het goed, bezoekjeS. Ben van plan dit jaar meerdere te plegen.    

Dus vele lieve vrienden, de kogel is door de kerk. Ook dit jaar gaat deze traditie gewoon door!

Ben niet eens boos

Ik werk al jaren in dezelfde classified branche. En met redelijk succes en eigenlijk ook wel plezier, kan ik melden. Heb het uitstekend naar m’n zin en als ik eerlijk ben, zou ik ook niets anders willen. Ja, filmster maar die vacatures zijn allemaal al ingevuld. Ik zou geen 9 tot 17 baan willen. Gewoon omdat het mijn ding niet is. Ik hartje de onregelmatigheid in mijn huidige baan. Vrij zijn op momenten dat anderen werken, heerlijk!

Goed, die onregelmatigheid heeft natuurlijk ook nadelen. Een sociaal leven is bijvoorbeeld moeilijk te onderhouden. Omdat ‘die anderen’ wèl regelmaat in hun leven hebben is de kans dat ‘wij’ elkaar kunnen ontmoeten vrij klein. Vergt een hoop planning.
Jarenlang heb ik mijn werkrooster af kunnen stemmen op mijn privéleven. Of andersom, wat je wilt. Moest ik weer eens verhuizen, werd er rekening mee gehouden. Had ik een bruiloft (nee, niet van mezelf, gekkie!), kon ik vrij krijgen. Was ik eens sporadisch ziek, beterschap! Overleed m’n vader, zie maar wanneer je er weer klaar voor bent. En ook na mijn scheiding deed men niet moeilijk over de omgangsregeling van mijn 2 kleine jongens. Prachtig toch?

Bovenstaande gevallen slaan allemaal op de tijd dat ik nog werd aangestuurd door mensen. Mensen met gevoel. Met emoties. Mensen met begrip.
Tegenwoordig word ik aangestuurd door een computerprogramma. Zonder gevoel. Zonder emoties. En zonder begrip.

Kijk, dat ik door mijn onregelmatigheid mijn moeder, mijn familie en mijn vrienden of een vrouw haast niet kan ontmoeten, ik heb er mee leren leven.
Maar als dat computerprogramma gaat bepalen dat ik mijn kinderen bijna niet meer kan zien, dan raakt ie bij mij een verkeerde snaar.

Ik ben niet eens boos.
Teleurgesteld, dat zeker!

Een man kan niet huilen

Toen mijn moeder die vrijdagochtend belde en de woorden zei die ik niet wilde horen, flikkerde ik de telefoon weg. Op de bank. Ik draaide me om en liep linea recta de tuin in. Kwaad was ik. Woedend zelfs. Maar op wie? Op het ziekenhuis? Omdat zij hun werk niet goed hadden gedaan? Op de wereld? Omdat het niet eerlijk was? Op pa zelf? Omdat hij er plotseling tussenuit geknepen was? Ik wist het niet. En het sloeg ook helemaal nergens op. Doodgaan komt altijd onverwacht. En je moet er gewoon rekening mee houden. Klaar.
Ik rookte eentje.
Ik liep de kamer weer in en zag vriendinlief staan. Ze was in tranen. Ik omhelsde haar. Ze begon hardop te huilen.
Ik huilde niet. Gedachten schoten door m’n hoofd. Er moesten zaken geregeld worden. We moesten zo snel mogelijk naar Groningen vanzelfsprekend maar ook mensen die dichtbij me staan moesten op de hoogte gebracht worden.
Ik belde m’n maat op zijn werk. Maat die altijd in is voor een grap en een grol was BAM! ineens stil. Hij schoot vol. Ik kon niet vol schieten.
Ik belde de broer van vriendinlief. Altijd in voor een grap en een grol. Hij begon te snikken. Ik kon niet snikken.
Eenmaal in Groningen zaten broer en zwagers met tranen in hun ogen op de bank. Ik had geen tranen in m’n ogen.
Grote, sterke mannen die emoties hun gang laten gaan. Zij wèl. Ik ben op één of andere manier te zakelijk op emotionele momenten. Op één of andere manier blokkeer ik emoties. Geheel onbewust trouwens.

Laatst lag ik op de bank en dacht aan die zwarte vrijdag in 2007. Tranen rolden over mijn wangen. Natuurlijk kan ik wel huilen.
Het duurt alleen even bij mij.

Vandaag zou mijn vader 66 jaar zijn geworden.
Op jors, ouwe.

6 jaar alweer

IMG_19356 jaar geleden alweer dat hij overleed.  Mijn vader.
En vanzelfsprekend sta ik vandaag stil bij de triestigste dag uit m’n leven.

Ik ben een vrij emotioneel zakelijke jongen en ga met overlijdens best wel robotterig om. Een moment van schrik. Een moment van woede. Een moment van gelatenheid. En een moment van rouw.
Klaar. Over en uit. Doorgaan.
Zo ging het bij mij bij het overlijden van m’n vader. Vijf jaar heb ik ook zo geleefd. Doorgaan. Het is niet anders, ik kan het niet terugdraaien. Klaar. Over en uit.

Ik heb 5 jaar lang geen behoefte gehad om zijn rustplaats te bezoeken. Ik zag er het nut niet van in. Hij is gecremeerd dus wat zou er te zien zijn? Wat zou ik er moeten doen? Wat zou ik er wijzer van worden? En vooral, wat zou het mèt me doen?
Niks. Daar was ik, als nuchter man, wel van overtuigd.

Pasgeleden besloot ik toch naar zijn ‘graf’ te gaan.  Ik logeerde bij moeke, had wat tijd over en wilde er even uit. Het was een zondagmiddag met een waterig zonnetje. Moeke had uitgelegd waar hij lag.
Ik heb 10 minuten bij zijn steen gestaan. Rookte een sigaartje en ben weer in m’n auto gestapt.
Het deed me inderdaad niets.
Een dikke 2 uur later kwam ik weer bij moeke thuis. Onbewust en zonder het te beseffen heb ik 2 uur in gedachten doelloos rondgereden. Langs de plekken uit m’n jeugd, de plekken waar ik herinneringen aan m’n vader heb. Daar ben ik langsgereden.
In stilte. Zelfs de muziek had ik uitgezet.
Man, wat had het me aangegrepen!

Ben ik toch minder emotioneel zakelijk als ik dacht.

Rust zacht door, HELD!

Weg

Vandaag een jaar geleden was ik aan het klussen. Doe ik graag, klussen. Vind ik leuk, klussen. Ben er ook best wel goed in, klussen.
Vooral als het lukt wat ik in m’n hoofd heb trouwens. Dan vind ik klussen fijn om te doen. Want ik doe het natuurlijk wel uit het hoofd hè. Laat dat duidelijk zijn.
Ik heb ook wel eens geklust dat ik niet helemaal tevreden was over het resultaat. Dan zat een plankje niet waterpas. Was het geboorde gat te diep. Had ik scheef gezaagd.
Maar 7 van de 10 x komt mijn geklus toch redelijk overeen met wat ik in m’n hoofd heb.
Het klussen kun je ook leren. Ik heb erg veel opgestoken van m’n pa vanzelfsprekend maar ook door het gewoon te doen, dat is de beste leerschool. So what dat je het een keertje verkloot. Een volgende keer maak je in elk geval die fout niet weer.
Het belangrijkste bij klussen is vertrouwen. En goed materiaal, da’s ook heeeeeeeel belangrijk. Met goed materiaal en een rotsvast vertrouwen heb je 80% van de klus al geklaard. Dat zeg ik.

Man, zit ik hier een beetje een lulverhaal over klussen te typen………………………………………………

Vandaag een jaar geleden was ik aan het klussen in m’n nieuwe huis.
Vandaag een jaar geleden verliet ik m’n gezinnetje.
Vandaag een jaar geleden ging ik definitief weg.

VERDOMME

Lustrum

28 December 2007.

Ik bracht ’s ochtends zwagert en cleansis naar Schiphol. Ze zouden de jaarswisseling op Kreta vieren en omdat ik de Schipholtaxi van de familie was, was het logisch dat ze bij mij in de auto zaten. Het was gezellig, zoals altijd. Het was lachen, zoals altijd. Het was gieren en brullen, zoals altijd. Op de radio was de Top 2000 (die toen nog wèl leuk was) te horen. We zongen vrolijk met alle nummers mee. Ik vertelde zo af en toe een anekdote over de betreffende plaat. Het was voor hen leerzaam. Zoals altijd. Bij de vertrekbalie namen we afscheid, ik toog terug naar m’n auto.

Op de terugweg ging ik in m’n eentje verder waar we gebleven waren. Vrolijk meezingen met de klassiekers van de Top 2000.
Op de A9 belandden ze bij nummer 1119; Mike and the Mechanics met The living years. Mooi nummer. Ik zong vrolijk mee.

Tot ik het laatste couplet hoorde…………………..
‘I wasn’t there that morning
When my Father passed away
I didn’t get to tell him
All the things I had to say

I think I caught his spirit
Later that same year
I’m sure I heard his echo
In my baby’s new born tears
I just wish I could have told him in the living years’

Hoe treffend kan een tekst zijn? Was dat niet precies (nou ja, bijna dan) zoals het bij mij gegaan was?
Ik werd er stil van.

Ik was er inderdaad niet, die morgen dat m’n vader overleed.
M’n pa kreeg maandagavond een hersenbloeding en werd vanzelfsprekend met spoed naar het ziekenhuis gebracht. Het telefoontje van m’n zus een paar uur later behoedde mij ervan om, weliswaar met wat biertjes op, de auto in te springen. Pa was stabiel.
Ik ging de volgende dag naar het ziekenhuis in Groningen. Ik schrok toen ik zijn kamer binnenkwam. De stoerste man in m’n leven lag daar als een hulpeloos hoopje mens. Gelukkig was hij aardig bij positieven en al gauw keek ik dwars door dat scheefhangende gezicht heen en was het oude jongens krentebrood.
Bij m’n afscheid schudden we elkaars hand en gaf hij me een ‘komt wel goed, jongen-knikje’. Ik beloofde donderdag weer te komen. Donderdagochtend belde mien moe dat pa vrijdags weer thuis zou komen. We besloten daarom om zaterdag die 200 km te rijden. Naar pa’s vertrouwde omgeving.
Het is er niet van gekomen. De bloedprop (aneurysma) in zijn hoofd is geknapt terwijl hij stond te douchen, een half uur voor hij naar huis mocht. Gelukkig heeft hij er zelf niets van gemerkt, hij was op slag dood.

En ook ik zou inderdaad enkele maanden later vader worden. Zijn eerste zoon-kleinkind. Ik heb hem zelden blijer gehoord toen ik hem telefonisch vertelde dat hij weer opa werd. Voor de 5e keer.
Een week voor zijn overlijden bikkelde hij nog in ons nieuwe huis. En hij zou de kinderkamer wel even voor me behangen.
Maar hij had het ultieme excuus.

Vandaag is het 5 jaar geleden dat hij overleed. En ik mis ‘m. Ik mis hem heel erg. Je hoort niet op 59-jarige leeftijd te overlijden.
Nog bijna dagelijks denk ik dat ik die donderdag toch had moeten gaan. En nog bijna dagelijks denk ik, was hij wel op slag dood? Hoe lang heeft hij daar in die douche gelegen? Heeft hij pijn gehad? Heeft hij het voelen aankomen? Waarom stuurt het ziekenhuis hem naar huis terwijl hij een tijdbom in zijn hoofd had?
Maar m’n hart scheurt het hardst als ik af en toe naar mijn beide jongens kijk. Zo onschuldig en zo onwetend nog. Zij zullen hun opa nooit kennen. Hun opa die zo gek was op zijn kleinkinderen. M’n oudste weet wel wie hij is (“die is dood hè”), maar wat had ik graag gezien dat ze hem hadden meegemaakt.
En wat had ik graag gewild dat mijn vader mij als vader bezig zou zien. Ben ik wel een goeie vader? Hoe deed jij dat vroeger? Hoe kijk jij tegen deze huidige situatie aan? Ben je trots op me?
Het is niet anders. Ik zal het de rest van mijn leven zonder vader moeten doen. Dat is een harde en pijnlijke conclusie.

5 Jaar. Ze noemen het een lustrum. Maar daar wil ik niet van spreken. M’n vader lustte geen rum, hij was een bierdrinker.
Net als ik.
Inmiddels vader.

64


Vandaag zou ie 64 zijn geworden.
Hij had me binnenkort wel even kunnen helpen m’n naaie kwinne naar m’n zin te verbouwen maar hij heeft een erg goed excuus.
Denk dat ik het nu dus zelf maar even moet doen.

Proost ouwe!

Te kwaad

Vanavond was het dan zover. Vanavond werd het me even te kwaad. Eindelijk, zouden sommige mensen zeggen.
Ik ging nog even m’n dagelijkse lees, klets -en weltrustenroutine met Sam doen en toen ging het mis. Of goed, het ligt er natuurlijk aan hoe je het bekijkt.
We (de mannen) hadden weer eens een vruchtbare en gezellige dag gehad. Vanochtend nam ik ze mee naar het Militair Luchtvaart Museum te Soesterberg (Oooooooooh, da’s een dikke straaljager!) en vanmiddag zijn we een heul stuk wezen fietsen (met de gebruikelijke ijsco natuurlijk).
Sam was voorbeeldig. Teun ook maar dat is ie altijd. En dit verhaal gaat trouwens ook niet over hem.
Maar tegen de avond werd Sam wat irritanter en moest Teun het weer eens ontgelden.
Ik had er genoeg van. Het gezellige kletsen op bed werd een preek. Hij moet stoppen met Teun mishandelen en pesten, hij moet stoppen met “Weg Teun” zeggen en hij moet stoppen met woordjes als ‘Kut’ en ‘Stom’.
Hij wist zich niet echt een houding te geven en lachte wat. Maar met mijn serieuze porem en dito stem kreeg hij uiteindelijk wel de boodschap door. Tenminste, daar ga ik van uit.
Na de preek gingen we over tot mijn ouderwetse poep en pieshumor en lachten we wat af.
“Nou, geef papa een kus en een knuffel en dan ga je lekker slapen”, zei ik even later. Hij gaf me een dikke kus en hij sloeg z’n armpjes om m’n nek. Zoals altijd.
Even knuffelen en ik liet weer los. Maar Sam hield me stevig vast. “Je bent lief, papa”, zei hij.
En dat was het moment. Een brok nam plaats in m’n keel, m’n ogen werden vochtig.
Toen drong het tot me door dat hij binnenkort voor het ingrijpendste moment in zijn nog jonge leven staat. En misschien dat hij het onbewust ook voelt?
Ik hield me groot toen ik hem instopte. Buiten, met m’n sigaartje, rolde een traan over m’n wang. Mijn ondoordringbare emotieschild was gebroken.
Eindelijk, zouden sommige mensen zeggen.

(Nou, als dit gevoelige verhaal geen goed uitziende, ongehuwde, vermogende chicks trekt, dan weet ik het ook niet meer.)