Politiefeestje

IMG_2127Vanaf deze maand heb ik (hebben we, voormaligje en ik) 2 te organiseren kinderfeestjes per jaar. Teun wordt binnenkort 5 en bij 5 mag je een kinderfeestje geven. Dat zijn de regels hiero.
Ik vind dat dolletjes! *doet een huppeltje met de knuistjes in de lucht* Dingen organiseren, is dat niet helemaal mijn ding?
Hij wil een politiefeest. Dat had hij aangegeven na het vorige kinderfeestje. Of eigenlijk een geheime politiefeest. Want geheime polities zijn veul cooler, jeweettog? Nou, dan krijgt hij een politiefeestje, ik ben niet zo moeilijk. Ik ben derhalve al even met de voorbereidingen bezig en het loopt gesmeerd, kan ik melden. As I typ heb ik al flink wat politiemateriaal op de kop weten te tikken. Denk zum bleistift aan politiepennen, politiekladblokken, politiepetten, politievlaggen, handboeien, 37 kilo pepperspray, 18 wapenstokken, een stuk of wat Walthers (zal ze ff tellen, voor de zekerheid), 14 van die snelwegVolvo’s, 12 undercoverauto’s en 118 flitsapparaten.
Maar daarmee ben je er nog niet. Je kunt een aap wel een ring in z’n oor stoppen………..oh wacht, dat slaat nergens op. Met alleen aankleding kan je kinderen natuurlijk niet afschepen. Er moet ook inhoud zijn. Nu is voormaligje bijna net zo creatief als ik dus met de spelletjes zit het wel (Brom)snor (Hahahaha, die vind ik zelf leuk!). Maar mochten er toch nog hiaten in het feestje zitten, kunnen we altijd nog het immer spannende waterboardentje, het immer bloedstollende kogelregen ontwijkentje of het immer meeslepende nekklem leggentje spelen.

Maar zelfs dan ben je er nog niet. Mijn wereldberoemde speurtocht mag natuurlijk niet ontbreken!! Hèt moment voor de buitenactiviteit en het geeft voormaligje even de kans om het politievreten (donuts ofzo) klaar te maken. Eens kijken, wat heb ik deze keer weer verzonnen? Het draait allemaal om een gouden pistool. En omdat het kinderen van 5 jaar betreft, heb ik het wat kinderachtig gehouden.
Commissaris Dikmans (dat ben ik. Ik ga met een dikke snor en een kussen onder m’n overhemd. Is toch lachen man!) heeft zijn 10 beste geheim agenten van de wereld – Bauer (Teun), Bond (Sam), Bourne (vriendje), Hunt (vriendje), Crockett (vriendje), Columbo (vriendje), Derrick (vriendje), Clouseau (vriendje), Shaft (vriendje) en Gadget (vriendje) – bijeengeroepen. Er zijn namelijk 2 boeven – Domme Dirk en Bange Poeperd – een week eerder gearresteerd en in de gevangenis gegooid. Ze worden verdacht van het stelen van 177 bezems. Hiermee wilden ze iemand de pan mee uitvegen. Hun baas, Slimme Simon, is enkele dagen later binnengebracht. Hij wordt gezien als het brein achter de misdaad. Maar sinds zijn binnenkomst lacht Slimme Simon alleen maar. Hardop. HAHAHAHAHAHA. De politie staat voor een raadsel.
Tot gisteren! Toen slipten Domme Dirk en Bange Poeperd hun tong bij de verhoring. Eindelijk braken ze. Het had een kleine week op de raarste tijden wakker maken, het complete repertoire van One direction op vol volume, het afknippen van 4 kleine tenen en onnoemelijk veel stroomstoten op natte, naakte lijven geduurd maar ze knakten. Het schijnt dat Slimme Simon vlak voor zijn arrestatie een gouden pistool ergens heeft verstopt. Met dit gouden pistool is hij in staat de zon stuk te schieten opdat het voor altijd donker wordt en dat hij en zijn bende dan bij mensen in kunnen breken omdat zij dan toch liggen slapen. En omdat op bezemstelen maar een hele lichte straf staat en ze dus binnenkort weer op straat staan, kan Slimme Simon niet stoppen met lachen.
WOW, wàt een doordacht plan!!!!
Het is aan de geheim agenten om te achterhalen waar het gouden pistool ligt. En dat allemaal onder de bezielende leiding van commissaris Dikmans.
Nou nou lezer, als dat maar goed komt!!!!

Zo! En dan ga ik nu even een klasje ‘Method acting’ volgen.

We politiefeesten!

Poolwatch

BaywVia verschillende kanalen bereiken mij vragen of ik mijn superheldenbestaan wellicht aan de wilgen heb gehangen. Nou, daar kan ik duidelijk over zijn: NEEN.
Nog bijna wekelijks kom ik in actie of moet ik optreden als ‘Leesbrilman (voorheen SuperAnus)’. Maar om dat nou allemaal hier op te schrijven vind ik ook zo pocherig.
Maar ik ben de beroerdste niet dus zal ik je mijn laatste avontuur van vorige week vertellen. Lees en geniet/huiver/verbaas/erger/schiet in een slappe lach (doorhalen wat niet van toepassing is).

Het subtropische binnenzwembad van een niet nader te noemen vakantiepark gingen we met ons allen naar binnen. In de mannenkleedruimte deed ik de jongens de zwembroek aan, zelf twijfelde ik of ik alleen in mijn strakblauwe Speedo zou gaan of dat ik toch mijn bloedgele broekje eroverheen zou doen. Ik besloot het laatste.
Het zwembad was groot, er waren verschillende baden. Ik vond het er onoverzichtelijk en dat triggerde mijn alarmbellen wat eigenlijk niets anders is dan lichte vibraties aan mijn testi’s. Ik deed m’n hand in mijn zwembroek en met m’n handpalm stelde ik ze gerust ten teken dat ik het begrepen had. Ze namen na 10 minuten de rusthouding weer aan. Bedenk me nu dat dat er eigenlijk gek moet hebben uitgezien voor de andere zwembadbezoekers. Hmmm, aandachtspuntje.
Het kinderbad begon na een tijdje te vervelen en de jochies met de zwemdiploma’s wilden wat spannenders. Ze kregen de wildwaterbaan in de gaten. De wildwaterbaan is een 18 kilometer lange roetsj maar dat wist ik toen niet. Ik nam Teun op m’n arm en we gingen!! Nou ja, gingen? Mijn bloedgele broekje gleed voor geen meter. Hè klut!! Schuifelend pakten we de eerste meters toen we ineens bij een verhoging kwamen. Verdomme, daar ook nog overheen, vloekte ik hardop. En toen gebeurde het! Eenmaal over die bult vielen we 56 meter naar beneden. Onder water! WTF??!!!!
Mijn testi’s bonkten tegen mijn buikwand. In morse seinden ze; T.E.U.N.M.O.E.T.B.O.V.E.N.W.A.T.E.R! Ik zwom zo snel ik kon naar de oppervlakte. Ondertussen gingen we in vliegende vaart de wildwaterbaan af. Met Teun boven m’n hoofd en ik onder water denderden we die 18 kilometer door. Ik dacht nog; Jees, wat een lange wildwaterbaan.
Met een plons belandden we in het opvangbad. Teun was helemaal van streek, ik drukte hem tegen m’n tors aan terwijl ik moeite had op adem te komen. ‘Stil maar, jongen. Papa is bij je’.

Nu denk je natuurlijk; Nou, is dat alles?
NEEN, Natuurlijk niet. Lees verder dan!

In het diepe bad doken we en maakten we bommetjes. De jochies met zwemdiploma’s hadden jolijt. Ik had het na een dik kwartier wel gezien, ik had inmiddels iedereen in de directe omgeving wel nat gebomd, ik ben geen 43 meer en ik besloot even mijn rust te pakken. De jochies met zwemdiploma’s kregen er geen genoeg van, ik genoot van zoveel waterpret.
Maar jochies met zwemdiploma’s zijn niet de eerste de beste jochies met zwemdiploma’s en ze kregen in de hoek van het bad een stroomversnelling in de gaten. Keurig schoolslaggend zwommen ze er naartoe. Mijn alarmbellen vibreerden  weer hevig in  de onderbuik en ik dook ze stilletjes achterna. Na de eerste bocht in de stroomversnelling werd het een stroomverSNELling en werden snelheden behaald van 230 km/u. Tel daarbij vloedgolven op en je begrijpt dat ik Sam vastgreep. Als razenden gierden we door de baan, Sam was zichtbaar in paniek. Met mijn linkerarm hield ik hem boven water. Ik zag dat vriendje het ook niet meer hield. Hem greep ik met mijn rechterhand en ook hem hield ik boven water. We gingen harder en harder en onderweg raakten steeds meer mensen in paniek. Een magere blondine (‘waar is mijn 1.90 lange en 90 kilo wegende vriend?’ gilde ze steeds) klampte me aan mijn rechterschouder vast, een gezette blonde (‘ooh, wat heeft u toch mooie schouders’, bleef ze herhalen) deed dit bij de linker. Aan het einde van de stroomversnelling had ik 34 mensen op de één of andere manier vast of hadden ze mij beet. We landden allemaal in goede gezondheid maar wel erg geschrokken in het opvangbad. Ik klom als laatste uit het opvangbad, een ovationeel applaus van het aanwezige publiek viel mij ten deel.
Ik trok de bloedgele broek strak, hield mijn buik in, legde mijn zwoelhaar rond de navel in de plooi, toonde mijn linker spierbal, trok een zwoel gezicht en liet me bevallig fotograferen. Leesbrilman (voorheen SuperAnus) had weer eens levensreddend opgetreden.

En zo, lieve lezer, ben je weer wat bijgespijkerd over mijn superheldenbestaan.
Natuurlijk heb ik dat niet aan de wilgen gehangen.
Een superheld ben je immers 24/7 anders kun je het beter niet zijn.

We superhelden!

Fuck it, ik heb vakantie

Fuck it Zo, bijna vakantie. Kan ik eindelijk dit jaar afsluiten.
Het was niet het beste jaar in mijn bruisende geschiedenis maar ach, fuck it, ik kan het niet terugdraaien dus swa. Even slikken en weer weer doorgaan, is dat niet mijn motto? Uit welk nummer komt dat ook al weer? (de winnaar kan een meet and greet met mij winnen!!)

Maandag vertrek ik voor een week met de jongens en m’n mattiegezinnetje naar de Huttenheugte. Ja, ik was ook sceptisch. Ik weet toevallig dat die 2 lachzakkende aandachthoeren Geer en Goor er eens een programma hebben opgenomen. Dus dan weet je dat ik er een niet al te hoge pet van op heb.
Of zal ik had zeggen? Het is namelijk helemaal niet zo’n SBS tokkiepark als iedereen denkt. En ik kan het weten, wij zijn er namelijk al geweest. In maart hebben wij, de jongens en ik, een researchtoer over het park gedaan. Het is hartstikke leuk voor de kinderen! Ja, het moet wel mooi weer zijn maar het is hartstikke leuk voor de kinderen! En dat is voor mij het belangrijkste. Als zij zich vermaken, heb ik tijd om een beetje macho rond te paraderen vermaak ik mij ook. Ze kunnen zwemmen. Ze kunnen varen. Ze kunnen vissen. Ze kunnen fietsen. Ze kunnen klimmen. Ze kunnen scheppen. Ze kunnen ballenbakken. Ze kunnen bowlen. Ze kunnen ijsjen. Ze kunnen patatten (want het heet patat en geen friet!). Ze kunnen zelfs wanna be geheim agenten. Je ziet, keuze zat. Ze zullen zich niet vervelen. En mocht dat toch het geval zijn, ben ik best bereid om ook iets met ze te ondernemen. Ik ben tenslotte niet voor niets één van de leukste vaders die ik ken. En dat is een ‘hengelen naar bevestigingzin’.
Na die week vertrekken we noordwaarts naar casa di mama en de geoefende lezer weet dat dit inmiddels vaste prik is. Even een week tiet hoal’n bie moeke. Vindt moeke leuk, vinden de jongens leuk en ook ik vind dat prettig.

Waar het eigenlijk om draait is dat ik even uit de sleur van het dagelijkse leven ben. Dan gaan we in augustus weer vol goede moed en bruisend als een aspirientje in een glas Gin Tonic m’n saaie leventje in.
Oh wacht.
Maar voor straks om 23.00 uur geldt: Fuck it, ik heb vakantie.

DHBO

Presentatie1Ik had m’n jongens om half 2 weer naar school gebracht en ik moest de 2 uur tot school uit door zien te komen. Ja, ik had gewoon naar huis kunnen gaan maar dan was de kans 103% geweest dat ik op de bank zou ploffen en de kans was daarna zeker 139% geweest dat ik in dut zou vallen. En die 242% wilde ik niet nemen, ik moest de nacht immers in en dus moest ik mijn schoonheidsslaapje voor de voordut bewaren.
Nee, ik besloot naar m’n mattie te gaan voor een stel uitstekende bakken koffie, een balletje pinda en een goed gesprek. Maar dat laatste blijkt toch elke keer weer onmogelijk.  Op de een of andere manier weet hij altijd binnen 2 zinnen het onderwerp te veranderen naar iets seksgerelateerd. We kletsen dan regelmatig dij.
Een oude man op de fiets beukte de zijkant van een auto en kopte daarna het asfalt. Het zag er ernstig uit. Ik kon niet ramptoeristig blijven kijken, ik moest wat doen. Haast was geboden! Ik rekte m’n kuiten, mijn hamstrings en mijn liezen. (Zal je altijd zien dat ik bij dat 21 meter sprintje een spier verrek. Nowee Gosee!)
Buiten adem kwam ik aan bij plaats accidentum, 2 vrouwen hadden zich inmiddels bekommerd over de arme man. Ik duwde de vrouwen aan de kant en verleende derde hulp bij ongelukken. Er kwam flink wat bloed uit de mond en de neus van de man. De man reageerde niet op het gekakel van de vrouwen en ook mijn gerichte vragen gaf hij niet thuis. Ik vond het nu meer dan ooit tijd voor een pijnprikkel. Ik nam een korte aanloop en trapte de man vol in zijn balzak. De man liep blauw aan en begon erg zwaar te ademen. “Dat vest moet open”, zei ik vastberaden. De man had de rits van zijn vest tot aan de adamsappel dichtgeritst. “Ja, dat had ik al geprobeerd”, zei de bestuurster van de auto. “Maar het lukte me niet.” Nee, omdat je kunstnagels hebt, dacht ik hardop.
De man opende zijn ogen en begon kalmer te ademen. Gelukkig, dacht ik, hij is bij kennis. Dat maakte het bloed aan mijn handen weer goed. 
Nadat ik zijn fiets van de straat had gepakt en netjes op de stoep had geparkeerd moest ik het verkeer regelen. Het ongeluk was op een driesprong, van alle kanten kwamen auto’s en fietsers. Iemand moest orde in de chaos scheppen. Uit mijn kofferbak pakte ik een fluitje, een klaar-overbordje, een petje van zoonlief, een pot latexverf en een dikke kwast. Ik kalkte een S en een P midden op de driesprong. Daar tussen ging ik staan. (* noot van de redactie: het is voor een verkeersregelaar belangrijk dat je exact in het midden van een verkeerspunt gaat staan!).
Geen auto of fiets bewoog tenzij ik een teken gaf. Het was voor iedereen duidelijk dat ik de driesprong roelde. Ik had er schik in. De politie kwam met 3 wagens en 3 agenten ontfermden zich over het slachtoffer. Ik kreeg te maken met een ongeduldige bestuurder. De man negeerde mijn stopteken volledig. Ik trok een rode kaart en stuurde hem van de weg af. Dit onder luid applaus van de toegestroomde sensatiezoekers. De man achter het stuur bleef stoïcijns doorduwen, ik vond het een bedreigende situatie. Er restte mij niets anders dan een agent aan te spreken op dit agressieve en bedreigende gedrag van de bestuurder. “Maar dat is de ambulance”, zei hij………………… “Ah!” Wellicht moest ik bij een volgende keer de bril op zetten. Aandachtpuntje. 
Puur uit interesse vroeg ik de bestuurster naar haar verhaal. Ze had ‘m niet gezien, zei ze. Ik keek er niet van op. Hoofdschuddend liep ik weg.

Bij mattie waste ik het bloed van m’n handen en ging op gepaste afstand staan kijken. Ik nam er een sigaartje bij. Mattie bracht een kop koffie, complimenteerde mij met m’n optreden en wees me op een bloedvlekje op m’n spijkerjackmouw. Hè verdomme, dat vind ik altijd zo vervelend. Moet ik weer naar de stomerij. Zucht.
Ik schreef mijn naam en rekeningnummer op een papiertje en liep naar de man die achter in de ambulance lag. Ik wenste hem sterkte en succes in het ziekenhuis en stopte het papiertje in zijn borstzak. Ik ga er van uit dat het met die stomerijkosten wel goed komt.

We voor wat, hoort wat’en! 

Turbo

  Ik breng binnenkort de voiture maar ’s even naar de garage. Hij moet tenslotte ook gekeurd worden. Maar dat niet alleen, er is iets met m’n trouwe metgezel. Ik kan niet precies m’n vinger erop leggen en het blijft natuurlijk gissen maar volgens mij hebben kaboutertjes er stiekem een turbo onder (in? aan?) gelegd.
Zal het uitleggen. 

Ik was deze week onderweg naar het werk en een stel tientallen meters voor de afrit, zal je altijd zien, kwam ik achter een vrachtwagen met het gaspedaal omhoog te hangen. Zucht. Haat aan. Weet iemand wat ‘Schiet ^%%#*&*%*^%$* toch ’s op man!’ in het Pools is?
Toen ik het eerste witte blokje van de uitvoegstrook in het vizier kreeg, trapte ik m’n peddle volledig in en knalde ik rechts Lamlulski met een rotvaart voorbij. Denk dat ik weer eens makkelijk de 230 aantikte. Maar wat schetste mijn verbazin………nee, mijn schrik? Er stond een Duitse camper geparkeerd op de afrit. Op een meter of 40. Met driekwart erop en het andere kwart op een smal stukje berm ernaast. Wass zum ficken!!!, schreeuwde ik uit en ik trapte het rempedaal tegen de bodemplaat van m’n auto aan. Een remspoor van zeker 187 meter tot gevolg. Maar dat kon helemaal niet want dan had ik de camper moeten raken. Dus zal het eerder 31 meter geweest zijn. (niet overdrijven, Manus! Daar trappen de lezers heus niet in.)
Met een uitwijkmanoeuvre omzeilde ik de camper en drukte ik m’n hart weer uit m’n keel.

Nou, en sindsdien turboo’t mijn auto. Op het moment dat ik rustig rijd is er niets aan de hand en dat is ook logisch. Ik bedoel, ik heb Jeremy nog nooit, terwijl hij 50 reed, over iets van turbo horen lollen. Dus.
Maar zodra ik het gaspedaal intrap, maakt niet uit in welke versnelling, knalt ie eerst heel kort naar 8000 toeren en daarna gaat ie als de brandweer. Ik vind dat natuurlijk best wel cool en ik zit tegenwoordig ook loeiend en met een blauw petje zwaaiend in de auto maar volgens mij is het niet goed. Er zat nooit een turbo onder (in? aan? Mack, help ’s ff) mijn wannabe A3 dus nu hoef ik ‘m ook niet.
Dat is het.
Of ik heb een stelletje ontzettend gladde banden voor. Dat kan natuurlijk ook nog.
Ik breng ‘m binnenkort maar ’s even naar de garage. Lijkt me verstandig.
Voor iemand me van een vangrail af moet schrapen.

We turbo’en!

Litteken

ChipNah, wat ik hier ga neerplempen geloof je nooit! Ik kan het zelf haast niet geloven. En ik heb toch inmiddels alles al wel gezien. Althans, dat dacht ik.

Maar laat ik beginnen met een intro.
Littekens, iedereen heeft ze. Ik ook. Het zijn herinneringen aan ongelukjes van vroeger. Ik heb eentje op m’n scheenbeen omdat ik lang geleden een bal van het dak wilde halen en ik vergat dat bovenaan de regenpijp een viertal scherpe anti-inbraakpunten zaten. Flatsj, met m’n scheen er vol in. Daar hing ik uren aan alleen m’n been in een van die punten. De regenpijp incluis inbraakpunten is operatief verwijderd.
Ik heb eentje in m’n handpalm omdat ik bij het klimmen me af wilde zetten op een paaltje waarop een of andere sadist prikkeldraad had vast getimmerd. Er was een Albert Heijn tas nodig om alle lappen huid naar het ziekenhuis te vervoeren.
En natuurlijk heb ik een litteken van de operatie aan m’n schouder. Weet het nog goed. De chirurg maakte een jaap van 36 cm (ja, toen was ik al breedgeschouderd) , drukte er een fabrieksstofzuiger in, zoog alle botfragmentjes op en laste de gapende wond met een gasbrander dicht. Ik weet het nog goed omdat ik me herinner dat ik na de operatie aan de man vroeg of het gebruikelijk is dit soort ingrepen zonder verdoving te doen.
Verder heb ik hier en daar op het prachtlijf nog wat kleine littekentjes waarvan ik de oorsprong niet weet en heb ik tenslotte nog een stel flinke units op m’n ziel.

Ik zat net bij de kapster en dat is altijd lachen, gieren maar ook brullen. Zij is een vlot gebekte Amsterdamse en ik ben,……….. ja ik. Een vrouwonvriendelijke lompe hork. En dan als ik bij haar ben een graadje erger. Schitterend verbale vuurwerk levert dat altijd op. Ze maakte me blij toen ze eindelijk toegaf dat ik hier en daar wat grijs word. IIIIIEEEEEHAAAAAAA!!! Ik sprong uit de stoel en deed de Horlepiep. EIN-DE-LIJK!!!! (voor de nieuwe lezers hier; Ik wil al jaren grijs worden want cool. Zie Joep van Deudekom). Mijn dag kon niet meer stuk. Zelden was ik in een jolijterige bui.
Maar de stemming sloeg plots om toen ze mijn nek harste. Ze slaakte een angstvallige kreet en sprong achteruit. ‘Er zit iets in je nek!’, zei ze met een bibberende stem. IJzig kalm ging ik staan, pakte haar bij haar arm en slapte haar in het gezicht. ‘Kalm neer!’, gebood ik. ‘Ik heb je koel nodig.’ En om er zeker van te zijn dat ik het ernstig bedoelde, slapte ik haar andere wang ook. Ik zei haar dat ze de op-het-achterhoofd-kijkspiegel moest pakken en het “iets” in mijn nek aan me moest laten zien.
Het was een litteken. Eentje van een centimeter of 4,8. HUH?? Die kende ik niet. Hoe kwam die daar? Mijn hersenen schakelden razendsnel naar de black ops-modus en ik concludeerde dat er iets in mijn nek geïmplementeerd moest zijn. Ik pakte de scherpste schaar die voor me op de kaptafel lag. Ik vroeg kapster om iets te halen om de aanstaande wond te ontsmetten. Ze kwam terug met een fles kleurspoelingshampoo. Ik nam een slok, het smaakte vies. Ik mikte de fles in de hoek. Met de schaar begon ik in m’n nek te wroeten maar het lukte me niet om de juiste plek te vinden. Daar zat ik dan met een opengereten en bloedende nek.
Kapster was weer iets bij positieven gekomen en ik vroeg haar het “iets” uit mijn nek te halen. Kokhalzend en trillend gleed ze met een pincet in de wond. Ik voelde dat ze er iets uit trok. Het voelde fijn. Ik zaadloosde, geen idee waarom. Met een gil liet ze de pincet èn het voorwerp op de grond vallen. Ik plaatste een vrouwonvriendelijke grap. Gevolgd door een botte opmerking. Ik had niet het idee dat het tot haar doordrong. Ik keek aandachtig naar het voorwerp dat in de gigantische plas bloed lag. Ik moest mij sterk vergissen maar het leek toch verdomd veel op een chip.
Het was tijd om m’n haar te föhnen, ik ging er goed voor zitten. Kapster gelde mijn kapsel in een model die ik thuis er toch weer uit zou spoelen en ik vroeg haar ook nog even m’n wenkbrauwen, neusharen en oorharen mee te nemen. Ik stond op om te betalen. Ik wenste haar een fijn weekend en wilde weer gaan. ‘Wat moet ik met dat ding?’, vroeg ze. Oja, de chip, is ook zo. Was ik alweer helemaal vergeten. Ik pakte de chip op en deed ‘m in m’n broekzak.
Eenmaal thuis legde ik de chip onder de microscoop maar dat bleek mijn leesbril te zijn want ik heb niet eens een microscoop thuis. Ik ontdekte een partiële vingerafdruk en 4 letters op de chip;
L.A.Y.S.   
Iemand een idee welke geheime instantie dat nou weer is?

Nou, dit geloof je toch niet?
Zei het toch al.

We littekenen!

Piepelen

RallyIk houd er niet van gepiepeld te worden. Hoewel het tegenwoordig al een stuk minder is hoor. Vroeger was het bij het minste en ook geringste van ‘Wat nou? #$$^$#&*&!!!’ en haalde ik de raarste capriolen uit om mijn gelijk te bewijzen. Maar tegenwoordig ben ik ietsjes volwassener en een heul stuk ouder geworden, ze krijgen mij niet zo gauw meer op de kast.
Tenzij je mijn zoontjes bent en op Eurosport een rallyrit ziet. “Dat kan jouw auto niet, hè papa?”
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10…………………… Nee, dat hielp niet.
“Wat nou? %^&%#%^^!!” “Hup, jas aan! Ik zal jullie ’s laten zien dat ik dat veel beter kan dan die sissy’s in die omgebouwde gayauto’s”

Met 160 knalden we het bos in mijn achtertuin in. Het was blubberig, modderig en af en toe zanderig. De spetters vlogen me aan alle kanten voorbij. De jongens ook………… Oh, vergeten………… Ik besloot ze eerst eens vast te gordelen. Veiligheid vòòr alles immers.
In de verte doemde een ‘verboden voor voertuigenbord’ op. Ik joeg het ding met paal en al tegen de vlakte. Kom op zeg, dat bepaal ik zelf wel! Ik schakelde naar z’n 5 en drukte het gaspedaal volledig in. Plassen, kuilen, hobbels, alles nam ik op volle snelheid. “ZIEN JULLIE WEL?”, schreeuwde ik boven ‘Killing in the name of’ op vol volume uit. Ik had jolijt. Sam naast me zag lijkbleek. In mijn binnenspiegel zag ik dat Teun 34 kleuren kots had gespuugd. Hè, ik moet hem toch eens wat minder snoep geven, dacht ik nog.
Ah, daar kwam de bocht naar rechts. Met een slinger aan het stuur en de handrem omhoog gooide ik de voiture naar rechts. Ik knalde met m’n hoofd tegen het zijraam en raakte buiten bewustzijn………………………..

En daar ging het mis. De auto reed met volle vaart door een 3,62 meter diepe met water gevulde kuil. Door de schok schrok ik weer binnen bewustzijn. Ik probeerde uit alle macht te corrigeren maar het was te laat. De Peu was dodelijk getroffen.
FUK!
We stapten gedrieën uit, ik opende de motorkap. Alles was zeiknat. Omdat er altijd mensen zijn met meer verstand van auto’s dan ik, deed ik een belletje in het rond. ‘Hij moet even drogen, probeer over een half uur nog maar eens te starten’ kreeg ik als advies. Prima. “Kom jongens, we gaan spelen.”
Naast het zandpad waarop wij stonden lag een enorm veld. Een veld met alleen maar blubber. De jongens vermaakten zich met dingen die je op een zandpad met daarnaast een blubberveld doet. Ik moest piesen als een reiger. Ik ledigde de blaas tegen een boom toen ik een paniekerige “PAPAAAAAAA” hoorde. Fluks keek ik om en zag nog net de kruin van Teuntje’s hoofd. In volle sprint en met een enorme snoekduik greep ik het hoofd van mijn zoon. Ik trok hem met alle kracht uit de vacuüm zuigende blubber. Pfew, net op tijd!
Vanzelfsprekend zagen wij er niet meer uit. Alles zat onder de blubber. Maar dan ook écht alles. Ik bedacht mij dat ik een volgende keer de piem in de string moet doen en de spijkerbroek dicht knoop. Aandachtspuntje!
Ik probeerde de wagen te starten. Niks. Wel riep Sam van achter de auto dat het lekt. Ik knielde en zag dat er inderdaad vloeistof lekte. Er lag een aardige plas. Ook hing er een ding onder de auto te bungelen. Het rook benzineachtig maar zeker weten wist ik dat niet. Ik hield mijn aansteker erbij. WOEMMM! Ja, het was benzine.
Hmm, en nu? Er ging van alles door m’n hoofd. Wat kan het zijn? Hoe kom ik thuis? Hoe komen de jongens thuis? Wat zal ik eten vanavond? Zou de was al droog zijn? Laat ik m’n piem eens schoon vegen.
Verantwoordelijke vader als ik ben belde ik voormaligje om de jongens te komen halen. Dan waren zij in elk geval veilig thuis. Een kwartiertje later zwaaide ik ze uit. “Dag jongens! Tot Dinsdag.”
Daar stond ik dan, in de middel of nowhere. De zon ging bijna onder, het werd frisser. Ik moest iets doen. Ik moest voorkomen dat ik de nacht in de ijzige kou midden op de Veluwe zou moeten doorbrengen.
Volgens mijn berekening was het exact 6,8 kilometer naar huis. Ik moest maar gaan duwen, hoe zwaar kon dat zijn?
Nou, lieve lezer, dat was best pittig kan ik melden. Het is knap lastig duwen in een deuropening, met het stuur op slot, heuvel op en heuvel af.
Maar aan de andere kant, ik had mijn 23 minuten sporten voor die dag er wel weer op zitten. Zo positief kun je het natuurlijk ook bekijken.

Ik heb de Peu zojuist weer bij de garage afgehaald. Hij rijdt weer als een tiet!
En mijn jongens? Zij vinden mij de beste rallyrijder evah.

We piepelen!!

 

Prima idee

feestje aktieHeb je het gelezen van de PTT TNT Postnl hoe de fuk heten ze tegenwoordig? Die lui die rekeningen, aanmaningen, dreigbrieven, poederbrieven etcevoorts in je brievenbus mikken? Ik weet niet hoor maar ik vind dat bedrijf zòòòòò 1982.
HALLOOOOOO!! DIZZ IZ TOETOUSENDFIFFTIEN MÈN! Wel eens gehoord van Wazzapp? Van email? Van Twitter? Van Facebook? Wie stuurt er nu nog iets via de post? Dan moet je wel vreselijk onder een steen liggen, dunkt me. In 1982 had een postbode nog zin. Waar haalde je anders elastiekjes voor je katapult vandaan? Maar tegenwoordig is zo iemand toch niet meer nodig? Kom op zeg! En het gekke is dat ik ze overal zie lopen! Met 36 per wijk! Met hun oranje/grijze fietstassen. Of bakfietsen. Hier komt ie zelfs met de auto! Luie flieker.
Ik zal wel een memo gemist hebben hoor maar dat kan toch nooit uit? Ze hadden volgens Wiki in 2013 170 miljoen verlies en ik moet me sterk vergissen maar dat bedrag is waarschijnlijk gegaan naar het management.

Maar ik dwaal af. Ze hebben een Valentijnsdagactie. Je kunt 1,52 Gulden uitsparen door op jouw Valentijnskaart voor je geheime lover op het vakje waar de postzegel hoort een woest aantrekkelijke rode lippenstiftzoen te plaatsen. BRILJANT!!!!! Man man man, wat een commercieel succes zal dat worden!
En laat ik dat idee nou eens even fijn van ze jatten. Zoals je weet, want jij volgt mijn hele hebben en houwen natuurlijk, bereik ik vrijdag de dubbel 4. En omdat niet iedereen in de gelegenheid is mij op die dag persoonlijk onder te lebberen, heb ik het volgende bedacht;
Je haalt een fantastisch mooie felicitatiekaart, je plakt op het vakje waar de postzegel hoort 20 Euro en je stuurt ‘m naar me op! Zo bespaar je mooi even 1,52 Gulden voor een postzegel!!!!! Prima plan hè?
Mijn adres is bekend, mag ik toch aannemen?

We verjaardagsposten!

Op z’n Grieks

LeesbrilmanHet is even geleden maar gisteravond was het zover. Ik moest weer eens mijn superheld alterego ‘Leesbrilman’ uithangen.
Ik had mijn moeder een weekendje op huishouden visite en nadat ik de jongens naar voormaligje had teruggebracht, gingen moeke en ik uit daten. Bij de Griek want dat vind ze zo lekker.
Het begon al bij binnenkomst. Voor de deur stond een groep jongeren te roken en een geërgerde eigenaresse (Sofia, droomvrouw!!) deed voor de zoveelste keer de deur dicht tegen de kou. Ze zei dat ook. “Ik doe nu voor de zoveelste keer de deur dicht!”. Vandaar dat ik dat op dat moment wist. Ook vertelde ze dat ze een flinke groep in tha house had en aan de manier waarop ze het zei concludeerde ik dat ze er niet zo happy mee was. Ik stelde haar gerust, zei dat ik er nu was en gaf haar, naar goed Grieks gebruik, een tongzoen. Het bleek een Biafraans gebruik te zijn maar we deden er niet al te moeilijk over. Ik verontschuldigde me voor mijn gebrek aan geografische kennis.
De grote groep zat achterin de zaak bij de open haard, wij namen een tafeltje vlakbij het raam. Sofia nam onze bestelling op en vertelde tussen haar prachtige neus en dito lippen door dat het een groep Joego’s betrof. Ze hadden gereserveerd voor 20 man maar er bleken een kleine 60 te zijn gekomen. Het was een familiesdingetje. Een scheiding zou in deze zaak en juist op dit moment uitgesproken worden. Ze verontschuldigde zich op voorhand voor de overlast.
Ze had mijn volledige aandacht. Ik bekeek haar eens van top tot teen. GOEIENDAG ZEG! Wat een mooie vrouw!
Moeke gaf me een slap op m’n wang. Oh wacht, ze zei ook iets……………….

Onder ons eten liepen de emoties bij de families hoog op. Een hoop geschreeuw en een hoop rumoer. Zucht…….
Ik nam de laatste slok uit m’n glas bier, ging staan en mikte het glas, naar goed Grieks gebruik, richting open haard. En het schaaltje met olijven wierp ik erachteraan. BAH! Vieze dingen!
Ja, ik ging staan. Ik moest er wel bij staan, de open haard was een meter of 28 van ons tafeltje af immers.
Een boos uitziende groep mannen kwam naar ons tafeltje gestiefeld. Of ik wel goed bij m’n hoofd was, vroeg één. En hij plantte, ten teken van dreiging, een fors mes in ons tafeltje. Ik schepte nog wat Gyros bij en boerde, naar goed Grieks gebruik, m’n moeder vol in haar gezicht en ging wederom staan. Ik begon op m’n vingers te tellen terwijl ik de man strak aankeek. Toen ik bij m’n 2e wijsvinger was (en geoefende lezer weet dat dit 6 is) kwam Sofia aangespurt. Ze trok de jongens mee naar het achterste gedeelte van het restaurant. De mannen gingen met tegenzin mee en het vingerwijzen, woedend kijken en dreigen was niet van de lucht.

Om de gemoederen te bedaren draaide Sofia het volume van de muziek wat open. Ik ging staan. Ik vouwde m’n armen over elkaar en naar goed Grieks gebruik begon ik de Sirtaki te dansen. Moeke kon niet stil blijven zitten en haakte aan. Het duurde maar even of het hele voorrestaurant én de complete bediening Sirtakiede alsof het een lieve lust was. We hadden jolijt.
Dit in tegenstelling tot de groep achterin. Om boven het volume uit te komen, schreeuwden ze meer en meer. Het leek uit de hand te lopen. Ik had er genoeg van. Ik toog naar het toilet. Geheel toevallig hing mijn superheldenpak daar. Ik kleedde me om. Een haakje aan m’n nagel zorgde voor een flinke ladder in m’n maillot maar daar had ik op dat moment even geen tijd voor. Haast was geboden om die groep de zaak uit te bonjouren.
Ik startte het intromuziekje en kwam theatraal het toilet uitstuiven……………………….

De rust was volledig weergekeerd. De man van Sofia (onbereikbare droomvrouw dus😞) had ingegrepen en de groep de deur gewezen………………….
Dus.
Moeke en ik namen nog een kopje koffie en hebben toen zonder te betalen de zaak verlaten.
Zoals goed Grieks gebruik.

Uku Atchawa

IMG_5479Woensdagmiddag rond de klok van 14 uur stroomden 6 vriendjes en 1 vriendinnetje binnen. Hét indianenkinderfeestje van zoonlief kon beginnen. Voormaligje klom in haar regiestoel; “Aàààààààànd ACTION!” (*Katchinggg*), riep ze.
Met een zelfgemaakte speer mochten de kinds één voor één een ballon kapot prikken. In de ballon zat confetti en een briefje met een naam er op. Deze naam mocht een kadootje aan Sam geven. Kinderlijk eenvoudig maar ontzettend leuk idee van voormaligje vond ik het. Nadat hij nòg meer Lego (Katchinggg*) had gekregen werden de gastjes getrakteerd op drinken en gebak. Nou! Dat ging erin als Ketellapper (*katchinggg*) natuurlijk!
(*Noot van de redactie; dees anekdoot wordt gesponsord*)
Niet elk kind was gekomen met een iets van indianen maar ook daar had voormaligje aan gedacht. Ze ging met de groep tooien maken. Wéér een briljant plan van d’r.

Maar daarna was het mijn beurt. Ik had me stiekem boven omgetoverd tot Uku Atchawa, opperhoofd Wijze Wolf van de Gouden Wolven-stam in het Nederlands. Het licht ging uit, de spotlights gingen aan. Het werd doodstil in de kamer. Met een handtrommel illustreerde ik mijn glorieuze entree. Pom pompompom, Pom pompompom, Pom pompompom.
Met grote ogen keken de kinds me aan. “Uku Atchawa (= Allemaal in een kring op de grond zitten)”, sommeerde ik en ik draaide met mijn vinger een rondje.
De gouden pijl was gestolen en wij moesten en zouden deze waardevolle pijl terugvinden, vertelde ik de aandachtige groep. “Uku Atchawa! (Allemaal de jas aan!)”, riep ik terwijl ik met moeite vlotjes uit mijn kleermakerszit kwam.
Buiten slopen we rechtsaf en al gauw troffen we de eerste aanwijzing in een boom aan. Het was een lastige vraag. Gelukkig werd het goede antwoord gegeven. Omdat de troep ietwat tè enthousiast was, moest ik ingrijpen. “Uku Atchawa! (bij elkaar blijven en NIET rennen! Wie weet had bandiet El Snorro een val voor ons klaargezet)”. Ook de volgende aanwijzing werd vlot gevonden.
Maar hé, waar was Gladde Wezel? Vlug keek ik achterom. Wat stond die vrouw op leeftijd daar glimlachend te schoffelen in haar tuin? Ik rook onraad. “UKU ATCHAWA!! (Aanvalluh!!)”, riep ik uit. Binnen no time was de vrouw tegen de grond gewerkt door mijn krijgers en in het schuurtje troffen we de vastgebonden en geknevelde Gladde Wezel aan. We moesten een duidelijke boodschap aan El Snorro afgeven. ‘Uku Atchawa! (Het is ons menens, niet fukken met ons!)’, schreef ik op een briefje. We scalpeerden de vrouw en lieten haar in haar tuin achter.
Zaten we potdomme ineens midden in een spannond avontuur zeg!

We kwamen aan bij een woeste rivier. In geen velden of wegen was een brug te vinden, we moesten onze vindingrijkheid aanboren. “Uku Atchawa (We moeten een kano maken om aan de overkant te geraken)”. Ik liet Grote Beer en Slimme Gast een stevige boom omhakken om daar een kano van te maken. De kano pastte niet in de rivier. Zucht, hadden wij weer………………….. Vlug MacGyverde ik en besloot het ding als brug te gebruiken. Mijn indianen vonden dat onzin en stapten gewoon over het 14 cm brede slootje heen.
De reis vorderde en via de aanwijzingen kwamen we aan bij het Bizondal (Ik had voor de vorm 3600 bizons in laten vliegen). De honger begon toe te slaan, we moesten eten scoren. Plotseling zag ik de kat van de buren lopen. “UKU ATCHAWA! (Alla hakbar!)”, kreette ik uit en met een gerichte worp met mijn tomahawk velde ik de kat. (*voor de dierenliefhebbers; ik had natuurlijk een bizon om kunnen leggen maar dan had ik naar mijn borg kunnen fluiten. Duss).
Ik bestelde er een bami bij, ik heb heerlijk gegeten.

Om een lang verhaal kort te maken;
De gouden pijl lag verstopt onder de glijbaan.
De kinderen hebben een leuk feestje gehad.
Voormaligje heeft het weer strak geregisseerd.
En ik heb geen zin meer om verder te typen want ik moet m’n gehuurde indianenpak terugbrengen.

In augustus wèèr een feestje. Dan van Zeun. Hij wil een politiefeest.
Hoop dat ik dan wat meer tekst krijg.

Huppelkutje

HuppelkutIk sprak vanmiddag een huppelkutje. Zo’n meidje net van school, nog net niet droog achter d’r oren, hier en daar nog wat puspukkeltjes, iets teveel make up, net oud genoeg voor mij om haar vader te zijn en die dan zo’n ingestudeerd toontje aanslaat. Je kent ze wel. Man man man, wat een droeftoetster!
Bij elk woord dat ze uit haar giechel barfte, zuchtte ik meer en meer en kon ik alleen maar denken ‘mens, ga koffie halen!’ Of ga je nageltjes lakken. Of ga Justin Bieber onderkwijlen.
Ik heb haar denkbeeldig zéker 34 bitchslaps gegeven. En haar 15 fluimen vol in haar bek getuft.
En ik moet me vergissen hoor maar ik denk dat ze zelf denkt dat ze heul intelligente zaken uitkraamde. Het arme schaap.
NOU, NEE!! 
Ik kreeg op een gegeven moment gewoon medelijden met haar. ‘Kind, stop asjeblieft met blaten! Laat asjeblieft wat zuurstof bij die hersenen toe. Denk asjeblieft even 13 tellen na voordat je die klep opentrekt. Of neem er 43. Minuten! Dan heb ik wat meer tijd m’n aandacht naar iets wèl nuttigs te verleggen.
GOEIENDAG ZEG!!

Nee, lieve lezer, uit een relatie tussen een huppelkutje en ik (ik werd laatst een man der mannen genoemd!) zal nooit een goed huwelijk groeien.

We huppelkutjen!

Paardrijles

mexicoMijn allereerste paardrijles kreeg ik tijdens een vakantie in Megico. Ik zat op het terras van een restaurant in m’n vakantiekloffie; shirt, korte broek en slippers. Waarschijnlijk zat ik te eten. Tja, wat moet je daar anders? Ik had daar ook met m’n filatelieverzameling kunnen zitten maar dan was ik bij een postzegelbeurs beter op m’n plaats geweest immers. En dan was ik ongetwijfeld niet bij een Mexicaans restaurant gaan zitten. Ik ken me langer dan vandaag. Zo simpel ben ik nou ook weer niet.
Maar ik dwaal af.
Ik had net het eten achter de kiezen toen er voor de deur 2 aantrekkelijke meiden met 3 paarden en een wat oudere gringo op paard stopten. Ze vroegen of iemand mee wilde een paardrijritje maken. Tenminste, daar ging ik van uit. Ik spreek geen woord Mexicaans. Nou, ik wilde wel. Ik had m’n toekomstplaatje immers gezien en een superheld moet elke vorm van transport kunnen bestieren, bedacht ik.
Gevieren klikklakten wij het dorpje uit, het naarbij gelegen woud in. Dit hobbeltempo kon ik wel aan en de 2 meiden kwamen naast me rijden. Gringo bleef stoïcijns achter ons rijden. Ik vond hem maar een chagrijn. Hij droeg een gitaarkoffer aan zijn zadel. Hij zal straks nog wel een riedeltje gaan spelen, dacht ik. We raakten aan de lichaamstaal en ik begreep dat het linkermeiske Rosita heette en de rechter Juanita. Ik stelde me voor als Archibald. Ze leerden me met de teugels en beugels het paard te commanderen. Ik vertelde wat rake 1982-grappen, we lachten wat af.

Dieper het woud in vonden de meiden het tijd om het tempo te versnellen. We draften een pad af en hier merkte ik dat paardrijden voor vrouwen toch minder pijnlijk is dan voor mannen. Ik ging er eens goed (lees anders) voor zitten en had het draven vrij snel door. Plots kwamen we aan bij een enorme open plek in het woud met daarin een flinke omheinde zandbak. Rosita en Juanita kreetten er een IIIIIEEEHAAAAA uit en stoven in volle vaart de zandbak in. Gringo en ik bleven achter. We keken naar de galopperende meiden. Het zag er spectaculair uit. En dat galopperen was ook wel aardig om te zien. Natuurlijk mocht ik niet achterblijven en al gauw stond mijn paard tot aan z’n hoeven in het mulle zand. Ik gaf een ruk aan de teugels en hakte met de beugels tegen paardmans en daar ging ik. MIJN GOD! Dat ging hard! Ik had de indruk dat mijn paard dit gelukkig eerder had gedaan want te sturen hoefde ik amper. De bochten nam het paard keurig. Ook het galopperen kreeg ik na een rondje of 17 onder de knie. Ik vond het Gaaf met een grote G! Ik waande me een regelrechte Glorix Jim.

Op de weg terug stopten we bij een winkeltje. We ‘parkeerden’ onze paarden voor de deur en gingen naar binnen. Ik kocht 4 flesjes water. En ik vroeg mijn reisgenoten of ze misschien ook iets wilden. De meiden hoefden niets en gingen zich even opfrissen. Gringo had een veldfles waar hij uit dronk. Natuurlijk, hij is een gringo, dacht ik. Het werd schemerig en omdat het nog bloedheet was trok ik m’n kletsnatte shirt uit en legde ‘m over een stoel van het terras. Mijn heuptasje legde ik op tafel. Ik ging in m’n korte broek en m’n naakte, bezwete, gebruinde tors op de stoeprand zitten want daar woei het nog enigszins. Rosita en Juanita kwamen naar me toe en gingen naast me zitten. We communiceerden weer gebrekkig en ik kreeg sterk de indruk dat ze wilden dat ik tussen hen moest kiezen. Huh???? Waarvoor? …………………………..
Ooooooooooooooh! Dat!

Juanita ging naar binnen en ging aan het tafeltje bij gringo zitten. Rosita en ik deden amoureuze handelingen op de stoep.
Bij het naar ademhappen zag ik in mijn ooghoek dat gringo naar mijn tafeltje sloop. Hij had een fors pistool in z’n rechterhand. M’N HEUPTAS! M’N SIGARETTEN! M’N GELD!, dacht ik razendsnel en ook in die volgorde.
Ik gooide Rosita van me af, griste m’n heuptasje van tafel en onder het rennen trok ik m’n nog natte shirt aan. Ik sprong met een dubbele flikflak op het eerste paard dat ik zag en zette het op een galopperen. Het was gringo’s black beauty.
Gringo achtervolgde me op een ander paard. Hij schroomde niet om te schieten, de kogels vlogen me om de oren. In vol galop ontweek ik ze door de ene keer links van het paard te gaan hangen en de andere keer weer rechts. Ik had ook de onderkant geprobeerd maar daar werd ik enkele malen hard op het achterhoofd getroffen door beauty’s big dingeling dus dat was geen succes. Ik stuurde het paard steeg in, steeg uit. Mijn achtervolger bleef aan me hangen. Plotsklaps viel de gitaarkoffer open. Er zat een Browning M3 in. Cool!
Ik ging achterstevoren op beauty zitten en opende het vuur. Gelukkig, dat stagneerde de bandiet achter me. Een paar dorpjes verder had ik de overvaller afgeschud. Ik besloot te doen alsof er niets aan de hand was en klikklakte op m’n gemak door de hoofdstraat. Ik kwam langs een pianobar. Ik herkende het direct want er stond een piano naast de bar. Binnen zat een bekend gezicht. Het was Wibi Soerjadi. Hij speelde zijn wereldberoemde ‘Dance of Devotion’. Beauty’s oren spitsten zich en, alsof gehypnotiseerd, begon hij parmantig het ene been voor het andere te zetten. Sterker nog, hij deed de volledige kür van het afscheid van Salinero op de parkeerplaats voor de pianobar. En dat was knap want dat afscheid kwam pas 17 jaar later! Zucht, daar had ik dus helemaal geen tijd voor, dacht ik. En dat klopte, de boef kwam alweer schietend de hoek om zeilen.

Ik bedankte het toegestroomde publiek uitbundig, deelde hier en daar wat handtekeningen uit en ook voor foto’s ging ik ’s even goed op beauty zitten. En daarna ging ik er als een dolle vandoor. Het paard van gringo had de rengalop aangenomen en kwam zienderogend dichterbij. Ik gaf beauty een hengst maar hij bezat de bisexuele geaardheid en bedankte vriendelijk. We sprintten gezamelijk de woestijn in. Ik vond het er stoffig. Ik kreeg zand tussen m’n tenen. Hè bah!
Op het moment dat gringo naast me kwam rijden bedacht ik een plannetje dat in mijn jeugd altijd werkte. Ik sloot m’n ogen en hoopte dat ik alles had gedroomd.
Toen ik de ogen weer opende was de bandiet verdwenen en stond ik samen met beauty op het plein van het pittoreske plaatsje El Progresso. Inderdaad, in Honduras. Ik snapte er geen bal van.

Nou, en zo, beste lezer, heb ik dus leren paardrijden.
Er moet toch een eenvoudiger manier zijn, dunkt me.

Ellesse

EllesseVroeger liep je in dure (Wat? véééééééél te dure) kleding anders was je een nobody. Een setje Nike Air’s (300 Gulden) en een Australian trainingspak (350 Gulden). Daarmee wàs je iemand. Dan had je aanzien. En geloof me, een nobody wilde je niet zijn in Groningen in de 80’s. Groningen, het epicentrum van coolness in de tachtiger jaren.
Ik was geen nobody in Groningen in de 80’s. En dat terwijl ik niet aan die onzin van dure kleding meedeed. Ik was meer een aparte. Ik had (heb) een duidelijk uitgesproken mening. Ik vond zum bleistift die Australian pakken lelk. En ik vond die Nike Air’s ook veel van ’t zelfde. Ik liep op Adidas Top Ten low (coolste schoenen evah!) en ik droeg een gewone jas want dat vonden mijn ouders duur zat.

Én ik had een kek Ellesse jack. Ongeveer als op de foto. Zelfde kleuren, ander motief en van vliegerstof. Die had ik eens geruild voor een niet nader te noemen kledingstuk om het simpele feit dat ik het niet meer weet. Waarschijnlijk had de gast het jack gejat want in Ellesse liep niemand. Ja, tennissers, golfers en rijkeluisluitjes. Maar het plebs toch zeker niet? Ik vond ‘m mooi en twijfelde dan ook geen moment toen ik het aanbod kreeg. Dit jack heeft een groot deel van mijn pubertijd meegemaakt. En we hebben saampjes wat beleefd hoor, mensen! Want ik was me daar een rakker, een rebel en ook een doerak.

Beroemd is het verhaal van het Terence Trent D’Arby-concert. De man had wat wereldhitjes en gaf een optreden bij ons in de Martinihal. Wat hij niet wist en wij, wat vriend(inn)en en ik, wel is dat wij een geheime ingang kenden in de hal. Via het ventilatieluik (ja, ècht! Dat is dus niet alleen in fims) kwamen we via wat gangetjes bij de kleedkamers uit. En vanaf hier was het een stukje taart om achter in de zaal uit te komen. Wat ik niet wist en de beveiligers wel was dat ik met mijn jack behoorlijk opviel in de donkere zaal vol dansende mensen. Van 3 kanten werd ik ingesloten door bomen van beveiligers. Steeds verder schuifelde ik de mensenmassa in. Tot ik vlak voor het podium stond. Hier werd ik hardhandig in mijn kraag gevat. Twee van de bomen tilden me bij de oksels op, de derde opende de nooduitgang. Een flinke trap onder m’n reet en een “EN NIET MEER TERUG KOMEN!” was het resultaat.
Mijn vriend(inn)en hadden een geweldig concert gezien…………

En wereldberoemd is het verhaal mijn arrestatie en hoe ik de politie uiteindelijk te slim af was.
De periode tussen Kerst en oud en nieuw was traditioneel de tijd voor ons, de jeugd, om iets terug te doen voor de buurt. Met een vreugdevuur gaven wij de buurtbewoners de mogelijkheid om op een eenvoudige wijze van kerstbomen, oud papier, houtresten, autobanden, tuinmeubilair, binnenmeubels en overige oude spullen af te komen. Een seintje was afdoende voor ons om de spullen te komen halen, vaak was een seintje helemaal niet nodig. Stond het in de tuin of voor de deur, namen wij het mee. Even een situatieschets ter duiding: Een kruispunt met op N-O een school, op N-W een blok rijtjeshuizen, op Z-O het speeltuingebouw en op Z-W een blok met o.a. de cafetaria, de videotheek en de kroeg. En achter dit blok weer een blok rijtjeshuizen waar toevalligerwijs mijn dinnetje recht achter de kroeg woonde. Je hebt een beeld, me dunkt.
Het mag geen verrassing heten dat ik de grote roerganger van deze vreugdevuren was. De aanstichter, zo je wilt. Morgen exact 28 jaar geleden tilde ik het vreugdevuur naar de next level. Ik droeg die avond mijn Ellesse jack met daaronder een lichte spijkerbroek. Maar daarover had ik heel slim een donkerblauwe trui en een donkerblauwe trainingsbroek gedaan. En met mijn donkerblauwe Harry Slinger-mutsje (ken je ze nog?) was ik redelijk onherkenbaar voor de buitenwacht. Ik kreeg een houten bouwkeet in de gaatjes en bedacht in mijn onschuld dat wat meer spanning ons maar ook de buurtbewoners wel goed zou doen. We sleepten de keet naar het kruispunt, mikten er wat brandbaars in en wolla, FIK!

Tot iemand nonchalant opmerkte dat er toch een gasfles in de keet stond…………………. Toch?
FUK!
Voor we de kans hadden het vuur te doven kwamen van alle kanten politieauto’s aangescheurd. En de brandweer er achteraan. Wij vlogen alle kanten op. Een behoorlijk stel dook de kroeg in. Door de achterdeur gingen ze er weer uit, bij dinnetje renden ze naar binnen en via de tuin en de brandgangen verdwenen ze in de donkere avond. Ook ik had deze route genomen echter stopte ik bij de schuur van dinnetje. Vlug ontdeed ik me van mijn donkere kleding en stopte ze in de wasmachine. In de keuken zoenden we de adrenaline van ons af toen er op de voordeur gebonkt werd. “OPEN MAKEN. POLITIE!” Ik besloot de agent netjes te woord te staan en opende de voordeur. “JIJ BENT GEARRESTEERD”, en hij greep me hardhandig bij mijn coole jack. Ik werd achterin het Golfje gezet. De agent nam plaats op de bijrijdersstoel. Mijn grote muil werd afgestraft door een rechtse directe van de agent. Vol op m’n kin, AUW! (ja jonge lezer, dat kon toen nog. Daar mekkerde je niet over).
Ik werd in een cel gegooid. Letterlijk. Toen na een tijd de deur geopend werd en de agent en een man in pak (waarschijnlijk de OvJ) binnen kwamen besloot ik flink te doen. Ik ging afwachtend met 1 voet tegen de muur staan. “Haal je voet van die muur”, zei de agent nors. “Ik bepaal zelf wel hoe ik…..” SLAP!!! Vol op m’n wang (ja jonge lezer, dat kon toen nog. Daar mekkerde je niet over). Ik werd meegenomen naar een bureau, de agent ging mijn ouders bellen. Mijn vader was duidelijk in zijn reactie; “Loat ‘m maar zit’n!” Okee, dat was duidelijk. Op mijn pa hoefde ik dus al niet te rekenen (Toen klut! Nu whoehahahaha. Schitterend!).
Op het moment dat de agent mijn verklaring af wilde nemen kwam over de mobilofoon het bericht van een dader in ‘donkere kleding’. Ik ging uitdagend staan en toonde de agent mijn lichte spijkerbroek en mijn kekke Ellesse jack. “Dat ben ik niet, hè?”, zei ik sarcastisch.
De agent gaf me gelijk, excuseerde zich en liet me gaan. Uit het fietsenhok van het politiebureau stal ik een fiets en ging ik rond half 1 terug naar de kroeg. Daar werd ik als een held ontvangen.
De keet was vakkundig door de brandweer geblust, er zijn geen noemenswaardige slachtoffers gevallen.
(Bij dezen wil ik mijn vrienden en ook de buurtbewoners bedanken voor het stilzwijgen. Ondanks de dikwijls onorthodoxe en wrede verhoortechnieken van de Groninger politie. Een dikke boks voor jullie!)

En tenslotte was het jack ook aanwezig bij de hoogtepuntste avond van mijn leven 33 dagen later.
Je ziet, mijn Ellesse jack is een belangrijk onderdeel van mijn leven geweest en daar heb ik zojuist een hele lap tekst aan gewijd. En als je dit leest, heb je het hele verhaal dus meegekregen.

Dit was m’n 300e anekdoot!! Ik vind het best voor dit jaar.
Een fijne jaarwisseling en tot volgend jaar.

Zomaar een verhaaltje

Veld 2Het is oktober 2011, voetbalclub FC Metafoor is in zwaar weer. De pas aangestelde trainer ligt onder vuur. Hij krijgt de spelersgroep maar niet naar het gewenste niveau. De sponsor dreigt zich terug te trekken. Het bestuur luidt de noodklok. Tijdens een haastig ingelast crisioverleg wordt besloten tot een ingrijpende maatregel. Men trekt Vedette van de concurrent aan. Dit enfant terrible is de laatste hoop om de club uit het slop te trekken. Een niet nader genoemd transferbedrag en het forse salaris neemt het bestuur voor lief. Vedette wordt nummer 10 aangemeten. De lijnen uitzetten, anderen laten scoren en structuur aanbrengen in het elftal worden zijn voornaamste taken. Vedette schrikt van het aanwezige niveau en besluit op 40% van zijn kunnen de rest van het seizoen mee te hobbelen. Met de hakken over de sloot wordt degradatie voorkomen. Vedette denkt gemakzuchtig en is tevreden over de minimale inzet en maximale beloning. Enkele spelers uiten hun ongenoegen over de, in hun ogen, veel te dure en niet aan de verwachting voldoende Vedette naar de trainer en het bestuur. De trainer en het bestuur houden zich op de vlakte.

Het nieuwe seizoen probeert Vedette te starten met hetgeen waarvoor hij gehaald is. Hij gaat spelen op 65% en doet pogingen zijn tactische filosofie en technische ideeën uit te leggen. Echter blijkt dit lastiger dan gedacht. Er zijn simpelweg teveel spelers die in de negatieve spiraal blijven hangen. Die al aan hun taks zitten en die een andere tactiek niet kunnen bijbenen. Toch worden er voldoende punten behaald om in de stabiele middenmoot te eindigen.

Seizoen 2013 vangt aan met het vertrek van enkele spelers. Deze leegte wordt opgevangen door jonge talenten. Na een interessant gesprek met de sponsor besluit Vedette om het gaspedaal van zijn kunnen nog iets verder in te trappen. Het heeft effect. De looplijnen worden bij de rest van het elftal duidelijk. Hij laat anderen scoren, anderen knappen het vuile werk voor hem op. Én er komt structuur in het team. Echter, door een iets andere opzet van de competitie, worden er nog veel punten gemorst. Tè veel, volgens de sponsor en de trainer. Overleg tussen sponsor, trainer en aanvoerder levert op dat er op een andere, een tactischer manier gespeeld dient te worden. Vedette raakt geblesseerd. Tijdens zijn herstelperiode wordt een spelersraad aangesteld. Een spelersraad die de tactische plannen van de trainer in het veld moet overbrengen. Zitting hierin nemen de aanvoerder, de laatste man, de rechtsback, de linkermiddenvelder, de spits en een wisselspeler.
Bij zijn terugkeer in het veld verbaast Vedette zich over de gang van zaken. Uit een gesprek met de aanvoerder wordt Vedette niet veel wijzer. Hij vermoedt dat de aanvoerder in het geniep met een droomtransfer bezig is. Vedette besluit deze hele gebeurtenis naast zich neer te leggen en zijn eigen weg (én de weg van de sponsor) te volgen.
De bekerfinale in maart 2014 wordt glorieus gewonnen. Al gaat dit niet van een leien dakje. Vedette en enkele dragende spelers moeten alle zeilen bijzetten om tot dit succes te komen. Dit seizoen eindigt het elftal op de 2e plek. Bestuur, trainer en vooral de sponsor zijn vanzelfsprekend uitermate tevreden. Vedette voelt zich de gevierde man.

Vedette draait het nieuwe seizoen op volle toeren. Hij wil kampioen worden. De lijnen worden nòg duidelijker. De meeste spelers trekken zich op aan zijn hoge niveau. Wedstrijd na wedstrijd wordt gewonnen. Het team is in de winning mood, de sfeer is uitstekend. Ze staan fier aan kop.
Echter komt er in november een kink in de kabel. De trainer besluit het succes op te hangen aan de leden van de spelersraad en beloont hen met een bonus bovenop de gebruikelijke wedstrijdpremie. Dit komt per toeval Vedette ter ore en hij is verrast. Het enfant terrible in hem wordt wakker geschud. Hoe kan het dat alleen leden van de spelersraad beloond worden voor het succes waar het hele team voor gestreden heeft? En waar Vedette zelf zéker 75% verantwoordelijk voor is, vraagt hij zich af. Hij eist tekst en uitleg van de trainer. De man wimpelt Vedette af met de mededeling dat dit nou eenmaal zo besloten is en dat hij overige vragen maar bij de aanvoerder neer moet leggen. Wederom wordt Vedette van de aanvoerder niet veel wijzer. De leden van de spelersraad zijn ervan overtuigd dat de extra beloning geheel terecht is. Hoewel ze zelf wel beter weten en ondanks dat tijdens enkele wedstrijden fouten en verkeerde keuzes van ze keihard afgestraft worden. Wèl maken enkele leden zich erg druk over het exorbitante salaris en het divagedrag van Vedette. Vedette denkt er het zijne van en besluit het gegeven te accepteren. Hij legt het voorval bij de voetbalbond neer en gaat verder met het team op sleeptouw nemen en de tactiek bijschaven.

FC Metafoor is halverwege het huidige seizoen herbstmeister en het kampioenschap kan ze waarschijnlijk niet ontgaan. De sponsor zal naar alle waarschijnlijkheid het contract verlengen. Het bestuur, de trainer en de spelers zijn dolgelukkig.

Vedette leidt inmiddels een jong talent op om hem op te volgen en hij kijkt uit naar een droomtransfer.

De liefde is over

 

IMG_5159Zo heel af en toe slaat de werkelijkheid je keihard op den bakkes. Dat ie je vol in je smoel tuft. Dat ie je even weer met beide pootjes op de grond zet, als je van de wat mildere krachttermen bent.
Ik had zulks één confrontatie zojuist. Ik had de jongens in bed gestopt, pakte er een kop koffie bij en drukte de laptop aan. M’n oog viel op het gapende gat in m’n favoriete spijkerbroek. En als ik zeg gapend dan bedoel ik eigenlijk GAPEND. Kijk zelf dan!
‘Dit kan toch ècht niet meer, mensen?’ Kom op zeg. Ik ben al 22 jaar geen 22 jaar meer. En om er dan zo gespijkerbroekt bij te lopen? Iemand van mijn statuur? De schaamte!

Maar mèn, wat zit (of staat, of ligt, dat maakt in dezen niet zo gek veel uit) deze broek fijn! Zelden zo’n perfecte spijkerbroek om de strakke bips gehad. En nimmer een spijkerbroek gehad die het prachtlijf zo prachtig onderkleedde. Geweldige stof (ja duh, denim). De juiste kleur. En een gesneden pasvorm waar een belangrijk mannelijk lichaamsdeel lekker lafjes in ligt (hoewel dat voor mij niet echt van toepassing is natuurlijk. Want blank).
Maar nu lijkt me dat de tijd is aangebroken om afscheid te nemen. De liefde is over. Het kan gewoon echt niet meer. Ik loop voor loel. Ik gooi ‘m vanavond nog bij het grofvuil. Het wordt een droevige avond. Deze ultieme macho gaat even in een hoekje zitten janken.
Tenzij er in den lande nog een vrouwspersoon is die er zo’n schattig beertje op kan naaien. Of een kerstboompje. Ofzeau.
Reacties zijn zoals immer van harte welkom.

*noot van de redactie*
Nu denk je waarschijnlijk; ‘Zeg Manus, wat is dit voor een klutstukje man! Wat boeit mij dit nou?’
Nou, er zijn wat nieuwe volgers en ik dacht dat het wellicht wel aardig zou zijn om ze direct maar even kennis te laten maken met het nivo van dees jolijtsijt. Dus vandaar.

Blij

FeesjeGisteravond/vannacht sponsorde had ik m’n laatste feesje van het jaar en heb ik even iemand blij gemaakt zeg! Ik heb zelden iemand blijer gezien. Dat kun je natuurlijk ook wel aan mij over laten. Laat mij een lootje trekken en iemand wordt de blijste mens ter aard.
Ik had mezelf voorgenomen het feesje tot het eind toe mee te maken (lees; alleen bier drinken) want het vorige feesje dat ik sponsorde had eindigde in mijn schijndood zijn (lees; Wodka drinken). En dat was en is voor niemand leuk. Ja, goed. Er wordt nog wel ‘s een draak met me aangestoken en er worden nog wel eens grapjes over gemaakt maar DAT IS VOOR NIEMAND LEUK JA!!!!😡

Ik had me stiekem niet helemaal aan de afspraak gehouden. Mijn kadootje was 150% boven de afgesproken 5 euro maar daar was een heule goede reden voor. Hoe kun je nou iemand voor 5 euro blij maken, redeneerde ik. Ik had een 8GB USB-stickje gehaald en deze volgeplempt met muziek uit het allerbeste muziekdecennium ooit ever aller tijden, de 80’s. Daarvan wordt iemand vast blij. Misschien wel superblij, dacht ik zelfs nog even.
Nou! De spijker op z’n kop! Ik was me daar een partijtje blij. Man, wat was ik blij. Niet te beschrijven hoe blij ik was. Blijer zul je mij niet gauw krijgen. Is er een overtreffende trap van blijst? Zo blij was ik!
Eindelijk, EIN-DE-LIJK af van fuQ-muziek!!! Iiiiiiiiieeeehaaaaaaa!😍

A, E, H, L, M, R, S, S en P, bedankt voor een heule gezellige avond.
Dat had ik net even nodig.

En verder……….

KerstklaasDus, een zwarte Sint is het geworden. Op de tweedehands schimmel van de blanke Sint…………
Weet je, ik vind het allemaal best. Ik ben er wel klaar mee. Zie wel wat ze volgend jaar weer gaan verzinnen. Ik weet wel dat ik halverwege september aan de bel ga trekken over het gebrek aan schaars geklede en prettig gevormde Pieteressen. Want ik stoor me er vreselijk aan dat het Pietenbestand bijna volledig uit strak dichtgeknoopte mannen bestaat. Eens zien hoever ik kom met m’n beklag.

Morgen ga ik Sinterklaas met m’n gezinnetje en schoonfamilie vieren. Jahaa, ex, dat weet ik ook wel. Maar zo zien wij het niet. Klaar! Zoonlief vroeg een skateboard en zeun een grote vrachtwagen. Ben benieuwd wat voormaligje Sinterklaas gekocht heeft. Het is voor mij ook een verrassing. Zou ik ook iets krijgen? De man die alles wat z’n hartje begeert al heeft? Oeioeioei, ik houd het bijna niet van spanning!
En zaterdag ga ik grote mensen-Sinterklaas vieren. We hebben een tijd terug lootjes getrokken en ik hoop vanzelfsprekend dat zondag (*flauwe grap-alert*) een vrouwspersoon mij getrokken heeft.
Degene die ik heb kan de borst(en) nat maken. Want ik heb me daar een gedicht jonguh!!!!! Dat vind ik eigenlijk het lolligste, een enorm afzeikgedicht maken. Dat mag 1x per jaar, vind ik. Iemand volledig afzeiken.
Normaal gesproken ben ik niet zo. Dat weet je. Maar met Sinterklaas mag de waarheid best wel eens verteld worden. Dat zeg ik!

Ik heb via de sociale media begrepen dat Chris Rea inmiddels ook al weer onderweg is naar huis voor kerstmis. Laten we hopen dat hij George Michael dit jaar eens over zijn motorkap jaagt.

Cursus

Dokter

Goedendag dames en heren,

Mijn naam is Dr. P. Nus. Welkom bij de cursus A.E.H.B.O.E.H.T.B.L.L.O. (Alternatieve Eerste Hulp Bij Ongevallen En Handige Tips Bij Lichte Lichamelijke Ongemakken). Tijdens deze cursus zal ik u enkele bruikbare tips tonen indien u gekwetst en/of gehavend bent. Omdat de ziektekosten de pan uitrijzen en deze door de gewone man/vrouw niet meer te betalen zijn, is elke hulp meegenomen. Me dunkt. Ik ga u vandaag vertellen over de lichamelijke klachten die mijzelf op enig moment in mijn leven hebben getroffen. Maar vooral hoe ik deze opgelost heb zonder een medisch gediplomeerde geneesdokter te raadplegen. U zult merken dat met eenvoudige huis, tuin, badkamer, schuur en vooral keukenmateriaal het ergste leed op een simpele manier te dempen is.

Blauw opgezwollen oog:
Duw met uw wijs –en middelvinger de zwelling omhoog. Uw oog zal nu helemaal dicht zitten. Neem met uw andere hand een scheermes tussen duim en wijsvinger. Zet het scheermes horizontaal op de zwelling en maak middels een razendsnelle beweging een sneetje van enkele centimeters. Houd er rekening mee dat u de beweging naar de buitenkant maakt! Neem nu een biefstuk uit de vriezer (karbonade, blinde vink en bitterballen worden streng afgeraden!) en ducttape deze op 45 graden exact op de wond. U zult zien dat binnen een week de zwelling is geslonken.

Bloedneus:
Houd uw hoofd altijd achterover!!! Dit om eventuele bloedvlekken op kleding, vloer e.d. te voorkomen. Stop uw linkerwijsvinger in het rechteroor. Nooit uw rechtervinger!! Ja, tenzij u linksdragend bent. Dan wel. Pak met uw rechterhand een bordkrijtje. Leg het krijtje onder uw tong en knipper 132 keer snel achter elkaar met uw ogen. U zult zien dat de bloedneus binnen 20 minuten stopt.

Aambeien:
Het is van uitermate belang dat u de kriebelaars laat schrikken. Het beste gaat dit door ze over te geven aan een enorm temperatuurverschil. De meest gebruikelijke manier is een ijsje horizontaal tussen de billetjes te plaatsen. Een Magnum Almond is hier uitermate geschikt voor maar een Raketje kan natuurlijk ook. Naar gelang de ruimte tussen uw bammetjes. Na exact 34 minuten zullen de aambeien zo geschrokken en koud zijn dat u ze eenvoudig met een nagelvijl af kunt schrapen.

Ingegroeide teennagels:
De zenuwen van teennagels zijn taaie rakkers en laten zich niet zomaar behandelen. U dient de nagelzenuw te verwarmen tot 83 graden. Bijkomend voordeel is dat de nagel een lagere ontbrandingstemperatuur heeft. U kunt dus, terwijl u de zenuw verwarmt, de nagel in precies de vorm snijden die u wenst.

Tot zover voor vandaag. Tot een volgende keer.
En onthoudt: Voor elke mediklus, raadpleeg Dr. P. Nus.

TVODW

ICETips voor op de weg. Daar gaat het deze keer over. TVODW.
Hahahaha, jij dacht zeker dat het over een of andere ‘The Voice Of’ zou gaan? Van wat dan? Derde Wereld? Hahahaha, had ik jou even mooi bij je neus! Mensen, beloof mij dat als ik ooit ‘The voice’ interessant genoeg vind om over te schrijven, je mij persoonlijk en met heul veul extreem geweld uit de samenleving mag plukken. 

Nee, tips voor op de weg. Schijnen nodig te zijn. Ik maak tegenwoordig aardig wat kilometers op de weg en man man man, wat ik allemaal wel niet zie en meemaak! Dat wil je niet weten. (in dat geval, stop hier met lezen).
Ik zal het vanuit mijn oogpunt brengen want om hier op dees jolijtsijt halve bevolkingsgroepen, ik noem een vrouwen, jongeren, oudjes, af te zeiken? Neuh, daar ben ik inmiddels te volwassen voor.
Een auto bestuur je met 1 hand. Vergeet de 10 voor 2-regel, met 1 hand heb je veel meer controle over het stuur. Met 2 handen aan het stuur en bij een uitwijkmanoeuvre moeten je hersenen 2 handen aansturen, de hersen-handencoördinatie. En da’s lastig. Ja, het lukt wel maar dan maakt je ene pols of ene schouder of je gehele lichaam een ongemakkelijke draai. En da’s nie goed. En het is natuurlijk ook veel minder vermoeiend. Twee handen op 10 voor 2 = twee schouders in een vermoeiende houding.
Gewoon met 1 hand sturen, dan heb je dat probleem ondervangen. Af en toe even wisselen van hand, klaar. Ik begrijp ook niet dat niemand het die sissy’s in de Formule 1 even verteld.

Dan het verkeer lezen. Anticiperen. Vooruit kijken. Verwacht het onverwachte.
Niet iedereen rijdt als ik. Dat weet ik zelf maar al te goed. En juist daarom ben ik meer met mijn medeweggebruikers bezig tijdens een rit dan met mijn eigen rijden, dat gaat automatisch. Ik ga zum bleistift precies 359 meter achter een vrachtwagen al naar links. Ik wacht niet tot het laatste moment. En die drukker achter mij? Die wacht maar even. Fuk hem! En rijd ik al links en ik zie dat iemand wil inhalen, houd ik even in en laat ‘m voor gaan. Tenzij je een irritante Pool in een bestelbusje bent die mij even ervoor rechts ingehaald heeft. Dan ga ik irritant naast je rijden zodat jij flink in de ankers moet als je een vrachtwagen nadert.

Sociale media en niet handsfree bellen tijdens het rijden, NIET DOEN!
Nou ja, dat wil ik even nuanceren. Je moet het niet met je telefoon in je hand doen (alhoewel je wel 1 hand vrij hebt natuurlijk!).
Ik heb een telefoonhoesje in mijn stuur geïntegreerd en daar plaats ik mijn foon gewoon in. Weet je hoe handig! Een simpel lappie tape en wolla, klaar.
Nu is mijn stelling dat ik onderweg niet bereikbaar ben maar het wil wel eens voorkomen dat ik een briljant Wordfeudwoord heb en ja, die moet ik dan natuurlijk wel zo snel mogelijk leggen. Stel je voor dat ik ‘m vergeet!

En tenslotte nog een belangrijk iets; ICE. In Case of Emergency.
Het kan natuurlijk voorkomen dat ik (door de schuld van een ander!!!!) in een ongeluk terecht kom. En dan eentje waarbij ik van de wereld ben. Laten we dat tijdelijk nemen anders is het ook maar zo’n definitief verhaal. Een van de zaken die hulpverleners doen is mijn telefoon pakken en zoeken naar mensen om te waarschuwen. Nou, in mijn telefoonboek staan 7 namen en telefoonnummers bovenaan de lijst gemarkeerd met ICE. Handig!
(Ik zoek trouwens nog wat waarschuwingsadresjes in Drenthe, Overijssel, Utrecht, Noord en Zuid-Holland, Brabant, Limburg, Zeeland en Flevoland. Geïnteresseerden mogen zich melden).
En weet je wat ook handig is? Geen code op je telefoon! Anders kunnen de hulpverleners er namelijk niets mee.
Ja, ik weet dat er tegenwoordig klootzzzzzakken rondlopen die het voorzien hebben op telefoons maar vertel me eens hoe groot de kans is dat je telefoon gestolen wordt op de snelweg?

Tot zover. Doe er wat mee.
Of niet. Vink ook best.

Dan ga ik nu even The Voice kijken, heb het gisteren opgenomen. 

Ster

SterIk las ergens dat aankomende nacht wel heul misschien het Poollicht hier in Nederland te zien is. Lijkt me cool! Poollicht (of Aurora Borealis zoals ik het in het dagelijkse leven noem) lijkt me tha bomb om te zien. Ik bedoel, het beats TL-licht. Toch?
Ik heb wel een beetje een hemelfetisj. Fascinerend geheel vind ik het. Dat heeft Engelbert Volutie toch maar even mooi in elkaar gepuzzeld.
Ik herinner me dat ik vroeger zomers in de tuin zat en dat ik, onder het bier nuttigen, vaak naar de hemel keek. Ideale houding voor bier slikken, trouwens! Klokslag 23.15 uur vloog een satelliet over ons huis, elke dag! Ik relativeringstheoriede dat de satelliet er exact 24 uur over deed om de Aarde rond te zweven. En dat is toch mooi even een gangetje van 1750 km/u! Da’s toch best interessant? Tegenwoordig zie je meer satellieten dan sterren maar vroeger, lieve kijkbuiskindertjes, was dat niet zo. Maar vroeger was alles beter. Echt hoor! Kijk maar naar Johan Cruyff, die was vroeger ook beter dan nu.
Zie je?

Ah! Het woordje sterren is gevallen. Ik weet er nog 2 lollige anekdoots over.
Mijn (voormalige) zwager heeft een fotografiefetisj. De man maakt 170 foto’s als hij boodschappen gaat doen. Bij wijze van spreken. Hij heeft een Canon 4.6 TDI drietraps camera met daarop een telelens van zo’n 4,38 meter. En hij maakt mooie foto’s. Enkele jaren geleden hing er een prachtige Maan in de hemel. Ik sms’te (dat deden we toen nog, lieve kijkbuiskindertjes) hem met de vraag of hij een mooie foto wilde maken van die volle Maan.
Binnen 13 seconden kreeg ik een bericht terug; “Is een volle ster ook goed?”
Ik vond en vind ‘m nog steeds Whoehahahahahahahahahahaha.

Tijdens mijn hoogtijdagen ging ik met m’n pal een feest/lol/drinkweekend houden in Callantsoog. Op een camping. In een tent. We kregen een discussie hoe je nu eigenlijk in zo’n ding moet liggen. Met je hoofd (ik) of met je voeten (hij) naar de opening van de tent. We kwamen er niet uit en gooiden het op een feesten/lollen/drinken. De volgende ochtend keek ik dus pontificaal tegen zijn eelt en hij tegen mijn kalknagels aan.
De zaterdag begon alweer vroeg en halverwege de middag stond het alcohol al tot mijn oogballen. Ik besloot even te gaan dutten in onze tent. Ik moest immers weer fit zijn voor het avond/nachtprogramma.
Ik weet niet hoeveel later werd ik wakker geschud. Roggelend, puffend en stotend opende ik één oog en keek welke mafketel mij wakker durfde te maken. De nakende ster van pal hing 15 cm boven mijn gezicht en ik zag zijn ster meer en meer een een rondje worden.
Een flauwe PFFFFFFFFFFRRRTT was het resultaat.
Ik vind ‘m nu Whoehahahahahahahahahaha.
Nu wel ja!

Niks

IMG_1197.JPG
Zo! Even vanaf de bank op de foon een anekdoot voor mijn vaste schare fans typen.
Lieve lezer danwel leester, ik ben momenteel even klaar. M’n kaarsje is uit. De koffie is op.
Je kunt dus gerust stellen dat deze anekdoot over niks gaat. Dat is eigenlijk het enige wat ik te melden heb. Nu kan ik natuurlijk een lulverhaal verzinnen maar dan neem je mij, en terecht hoor, natuurlijk niet serieus. Ik bedoel, als je een weblog moet onderhouden met verzonnen verhalen, dan ben je ècht sneu.
Dus, om kort te gaan, ik heb vandaag even niets te melden. Ik ga een dutje doen.
Dag hoerrrrr.

Naar school!

10622106_824633070903572_1474764318_n Ik maakte om half zeven de wekker wakker. De eerste dag van een nieuwe periode in mijn leven ging van start. Na een ochtendplasje, een ochtendkoffietje, een ochtendlevenstekentje, een ochtendrokertje, nog een ochtendkoffietje, een ochtenddrukje en een ochtendmooimakertje stond ik rond kwart over acht bij de jongens op de stoep. Ik had mezelf gestoken in een geel poloshirt bovenop een prettig zittende spijkerbroek, afgerond met een flex spijkerjasje en m’n geheime politieschoenen. Ik was even later op de fiets toch minder enthousiast over de gekozen onderbroek maar het was nog de enige. Deze onderbroek zat in dubio of het nu een slip of een string moest zijn. Ik beloofde mezelf zodra ik terug was de wasmachine aan te zetten. Maar dit is nu even niet belangrijk.

NAAR SCHOOL! ALLEBEI!!!!!!!
Samen met mama liepen, stepten en fietsten we naar school. We hadden afgesproken dat zij Teun naar groep 1 en ik Sam naar groep 3 zou brengen. Het was even zoeken naar Sam’s tafeltje. En het was druk in de klas. Veel kinderen en nog veel meer ouders. Precies zoals ik me had voorgesteld. En precies zoals ik wilde. Ik klom op het bureau van de juf en pakte mijn speech uit de binnenzak. Ik had gisteravond na het werk nog even gauw een speech geschreven. Mijn oudste is een emotionele jongen (nog wel! Werk ik aan.) en ik vind een modern probleem, pesten, toch wel een issue tegenwoordig op scholen. En omdat hij bij oudere kinderen in de klas komt, wenste ik dit middels wat tekst en uitleg toch even te duiden.
‘MAG IK EVEN JULLIE AANDACHT?’, schreeuwde ik. Het werd doodstil in het lokaal. Ik vertelde dat ik de vader van Sam ben en dat ik een slapper ben. En om uit te leggen wat een slap is liet ik Sam een goeie slap in het luchtledige uitbeelden. ‘Mocht ik ook maar 1 klein dingetje horen over pesten jegens Sam, slap ik je de school door’, waarschuwde ik de aanwezige kindjes. ‘EN BIJ JE VADER DOE IK HETZELFDE, ALLEEN DAN OVER HET SCHOOLPLEIN!’, riep ik met gebalde vuist in de lucht. ‘Ik dank jullie voor jullie aandacht.’
Ik vond het een goeie en duidelijke speech. Had het idee dat de boodschap overgekomen was.

Ik gaf Sam een kus en wenste hem succes, het was tijd om hem los te laten. Ik zwaaide nog even door het raam en liep naar het klaslokaal van groep 1. Daar zat Teun inmiddels al keurig in de kring. Hem breng ik vanmiddag na de lunch naar de klas.
Denk niet dat ik bij hem dezelfde speech hoef af te steken. Hij redt zich wel. Hem kennende bijt hij wel van zich af.
De scholen zijn weer begonnen. Ik heb er zin an.

Fases

SlaapfasesZo! De eerste week heb ik weer achter de rug. Een zware week. Niet qua werk hoor. Ik had het toch al gezegd? Even hier en daar wat rond slappen en er kan afgeschaald worden. Nee, zwaar in de zin van de uren. Dit was de week die me al eerder is opgebroken. Sterker nog, al 2 keer! Dat de alarmbellen op HQ afgingen omdat ik er niet op tijd was. Een hele week vroege dienst, dan 1 late dienst, een papadag en tenslotte 3 nachtdiensten. Ik pak dan te weinig rust en zo heel af en toe zegt het prachtlijf; ‘Ja! Ho ’s ff! Maar zo gaan we niet met elkaar om!’ en dan gaat ie in de blokkeerstand.
Maar, lieve lezer, ik heb er van geleerd. Ik heb wat research gepleegd en ben erachter waar, voor mij, het probleem ligt.

Er zijn 4 slaapfases: fase 1 – fase 2 – fase 3 en fase 4 (ook wel REMslaap genoemd). Een goede nachtrust gaat van fase naar fase.
In fase 1 doezel je weg. Je lichaamstemperatuur daalt en je spieren ontspannen. Toch kun je door het minste of geringste wakker worden. Zie het als mijn dutjes, slapen met 1 oog open.
Fase 2 en 3 zijn de diepere slapen. Je lichaam is volledig ontspannen, je bent weg. Deze fases duren maximaal 45 minuten en zijn ongeveer de helft van je totale nachtrust. Tijdens deze fases herstelt je lichaam grotendeels van de lichamelijke en geestelijke inspanningen van de dag.
Fase 4 is de REMslaap. Je bent dan volledig van de wereld, je lichaam is in wezen verlamd. Je ogen gaan als een dolle heen en weer (rapid eye movement = REM), waarschijnlijk omdat je hersenen aan complete dataverwerking doet.
Maar naast de ogen is er nog 1 lichaamsdeel hyperactief tijdens deze fase 4: het geslachtsorgaan! Kijk, en dat wist ik dus niet. Research doen is cool!
De penis, de piem, de klavots, de taas en bij vrouwen de vagijn, de vulva, de flamoes, de mossel (haha, er zijn mensen die dàt een vies woord vinden! Hahahahaha) is dus maar een druk baasje/bazinnetje tijdens de REMslaap.

Dààr ligt dus mijn probleem bij het rusten (ik slaap niet, ik rust). Ik doe niet aan fase 2 en fase 3. Ik knal gelijk van fase 1 naar fase 4 en weer terug. En herhaal dat de hele nacht. Dàt moet de reden zijn dat ik af en toe zo kapotstuk ben. Ik lig de helft van de nacht met 1 oog open en de andere helft staat mijn piemol gewoon in vol ornaat een beetje als een dolle heen en weer te zwaaien. Weet je hoe vermoeiend dat is!
Zucht.

Lag er maar een vrouw naast me om deze theorie van mij te beamen.

 

Gebroken

GEBROKEN NACHTGisteren ging ik rond half twaalf naar bed. Ik had CSI NY nog even gekeken (Sela Ward! *ontzettend mooie vrouw*) en vond het mooi geweest. Ik noemde het een dag. Ik zei dat ook tegen m’n moeder; ‘Ik noem het een dag’. Ze begreep ‘m niet.
Ik deed nog een laatste plas, keek nog even hoe zeun erbij lag en dat was vredig maar weer in een hele vreemde pose. deze keer met z’n benen buiten boord (ik kijk er al helemaal niet meer van op). Ik kroop bij zoonlief in het grote bed en ben nog exact 13 seconden wakker gebleven. Ik viel in diepe rust. (je weet het inmiddels hè? Ik slaap niet, ik rust)

Om 02.35 uur hoorde ik de deur van de slaapkamer van zeun. En kort daarna slepende geluiden. Huh??? Meneertje had alle knuffels bij zich en schoof ze over de grond naar het grote bed. Ja hallo! Hier had ik dus geen sin an. ‘Het is nog heel vroeg, Teun. Ga maar weer naar je bedje!’, zei ik. Hij begreep het, draaide zich om en rende weg. BOINK!!! Met z’n voorhoofd vol op de wastafel. Ik vloog uit bed en drukte hem tegen de tors. Ik wilde niet dat hij de hele buurt bij elkaar zou janken immers. Ik stopte hem bij mij en zoonlief in bed. Tegen de klok van 3-en was de situatie onder controle en lag zeun weer in diepe slaap. Ik sloot m’n ogen en doezelde ook weg.
03.44 uur: FUK! Wat een hitte! Ik trok de string uit maar bedacht me toen dat een naakte volwassen man tussen 2 kinderen in 1 bed misschien niet helemaal 2014 is. Ik slipte zachtjes uit bed, bedekte het dekbed over de benen van mijn 2 jongens en ging naar zeun’s kamer. Ik ging op dat bed liggen en sloot m’n ogen. Ik doezelde weg.
04.09 uur: Hoestbui van moeke. Ik zat rechtop in bed! WTF?! 04.12 uur: Einde hoestbui van moeke. Ik sloot mijn ogen en doezelde weg.
04.47 uur: Hond blaft. Waarschijnlijk omdat de krantenjonen in de buurt was. Ik ging naar beneden en slapte het beest. Ik klom weer in bed, sloot m’n ogen en doezelde weg.
05.10 uur: Hond blaft weer. Of was het moeke? Vloekend en tierend schoot ik uit bed. Voor de zekerheid slapte ik ze allebei. Eenmaal weer op bed sloot ik m’n ogen en doezelde weg.
05.48 uur: Mijn 2 jongens staan te fluisteren naast mijn bed. Ze hadden er een speurtocht van gemaakt om mij te zoeken. Zodra ik m’n ogen opendeed sprongen ze me op de testikels. Ik was klaarwakker. Tijd om op te staan en met weer een doldwaze vakantiedag te beginnnen!

Man, ik heb een fantastische vakantie……………………

Heb ik weer……..

ZuchtJa inderdaad, Zucht. Met een grote Z zelfs. Ik heb het weer eens voor elkaar hoor. Zucht. Moedeloos word ik ervan.
Wàààààààt? Vertèèèèèèèèèl Manus! Hou me niet langer in spanning! Ik hoor het je schreeuwen.
Nou, komtie. Ik ben weer eens een keer m’n droomvrouw misgelopen. Vanochtend. Aan de Hoornse plas.
Tja, het is niet anders, zal ik maar zeggen. De volgende kandidaat meer succes, zal ik maar zeggen. Volgende ronde, nieuwe kansen, zal ik maar zeggen.

Ik toog vanochtend met m’n kinds naar het meer hier om de hoek, het is tenslotte vakantie voor ze. Dikke pret natuurlijk. Met zand smijten. Met water gooien. En de jongens speelden ook leuk. En na een uur of anderhalf kwam ze op me af. Ik zat de tors te bruinen en ik zag haar vanuit mijn linkerooghoek van rechts aan komen lopen. Goed lijf, woest aantrekkelijk haar, een lief gezicht en ja, tetten, die waren ook aanwezig. Een witte bikini op een mooi gebruind lijf. Iphone 5S (witte!) in haar hand. Maar echt gedetailleerd heb ik haar niet gezien.
Ze ging voorover gehurkt naast me zitten. “Mag ik je wat vr……….”. “Nee!”, antwoordde ik zonder haar aan te kijken.
“Maar ik……..”, probeerde ze weer. “Uh”!, interrumpeerde ik haar weer. Ze haalde adem om weer iets te zeggen maar ik was haar voor. “Uh uh uh!”, en ik wapperde mijn vinger in de richting van haar gezicht. En stoïcijns bleef ik de andere kant op kijken.
Hierna stond ze op en liep bij me weg. Wulps bewoog ze haar strakke billen.

Ja, kom op zeg. Ik heb zeun al eens van een wisse verdrinkingsdood moeten redden (Schitterende David Hasselhoff-Baywatch-actie) en ik was vandaag voornemens om mij door niets en niemand af te laten leiden. Ik heb m’n jongens dan ook continu in ’t oog gehad. Tja, soms moet je als ontzettende vrijgezelle hunkvader hard zijn.
Vandaag was zo’n dag.

En dat het uiteindelijk hard voor mij was? Swa! Het is niet dat ik er niet aan gewend ben.
Het is tenslotte inmiddels de story of my life. Het is niet anders. De volgende kandidaat meer succes. Volgende ronde, nieuwe kansen.
Zal ik maar zeggen.

 

Ik vrouwonvriendelijk. Pfffffff

SorryIk attende pasgeleden weer eens een verjaardagspartijtje. Zo af en toe maak ik daar tijd voor. Je hebt tijdje, prioriteitje en partijtje, dat zeg ik! Is goed voor mijn eenzame sociale kringleven en het is voor de jarige tóch ook een enorme opleuking van het partijtje. Ik merkte dat bij binnenkomst. De mondhoeken gingen bij een ieder net dat ene kleine beetje omhoog. De jarige wenste een fashioncheque en ze kreeg een fashion sjek van me. Dat vind ik dus vrouwvriendelijk. Ik bedoel, ik had ook met iets totaal onzinnigs aan kunnen komen.
Na een eerste ronde felicitatiezoenen, koffie en wat rake (woord)grappen vond ik het tijd voor een in-de-tuin-sigaartje. Net op dat moment kwamen er een stel ontzettend mooie vrouwen (vrouwvriendelijk!) binnen. (je kent mijn definitie van mooie vrouwen toch? Vrouwen waarmee ik het zeker een volledige maand mee uit zou kunnen houden. Ontzettend mooie vrouwen (vrouwvriendelijk!) zijn dat ook echter zijn ze getrouwd).
Ik stond op om mijn stoel aan één van deze vrouwen aan te bieden. Vrouwvriendelijk!
Bij mijn terugkomst weigerde de vrouw de stoel weer aan me af te staan. Ik besloot haar niet te petsen (vrouwvriendelijk!) en nam plaats op de bank.
Hier werd ik aangesproken door de andere ontzettend mooie vrouw. Haar ken ik vrij gedetailleerd (oink oink). Zij haalde mijn vrouwonvriendelijkheid aan. Ik was met stomheid verbaasd. Ik? Vrouwonvriendelijk? De man die ooit een bosje bloemen aan een vrouw gaf omdat ze meeëters had. De man die tot vroeg in de ochtend bij een autopech hebbende vrouw bleef terwijl hij gewoon om 7 uur moest werken. De man die elk jaar nog zijn ontmaagding herdenkt. Nah zeg!
Ze kon niet precies duiden wat ze bedoelde maar het had alles te maken met mijn schrijfselen op dees jolijtsijt. ‘Stel dat je iemand ontmoet en ze gaat je Googlen en dan al die verhalen van je leest’, was haar onderbouwing. Ik vroeg haar een anekdoot te noemen waarin ik vrouwonvriendelijk overkom. Ze wist zo gauw even niets te noemen en hief haar beide armen omhoog. ‘TETTEN’, riep ik. Vlug deed ze haar armen weer omlaag. ‘Ja nou, dat onder andere ja’, zei ze. ‘Dat verhaal over dat je je lat wat lager had gelegd’. ‘Dat trekt niet echt vrouwen’, vertrouwde ze mij toe. Ik kon en kan me er totaal niet in vinden. Sorry hoor. Ik vind dat juist één van m’n sterkste punten, eerlijkheid. Als je als vrouw mijn mening niet wilt horen, vraag me dan niks. Dat zeg ik!
Vind je me dik in dit jurkje? Zit m’n haar zo goed? Wil jij even afwassen? Zullen we sexen of wil je voetbal kijken? Dat zijn vragen waar je van mij een eerlijk antwoord op krijgt. Ik zie het punt niet zo.
Maar, laten we eerlijk zijn, ik kom natuurlijk ook niet vanonder een steen. Ik begrijp heus wel dat tetten geen aantrekkelijk woord voor vrouwen is. Linx-Marga liet dat al doorschemeren. Ze noemt me zelfs al de tettenman! Nu vraag ik je!
Maar lieve vrouwtjes (vrouwvriendelijk!), voor jullie gaan vingerwapperen, verdiep je even een klein beetje in mijn achtergrond. Ik ben een Grunninger en in Groningen zijn borsten tit’n. En ik heb dat een beetje verbasterd naar het Hollands door er tetten van te maken. En als je het op de juiste toon uitspreekt klinkt het best lollig. Probeer het maar eens. En dan moet je de T’s hard en die laatste E als een lage U uitspreken. TeTTùn. Zie je wel? Is toch best grappig?
En trouwens, hoe moet ik ze dan noemen? Ballen? Meloenen? Koplampen? Hoeters? Zeg het maar.

Zaterdagavond zat ik naast weer een ontzettende droomvrouw (vrouwvriendelijk!) en zij zei magische woorden toen ik haar vroeg naar mijn vrouwonvriendelijkheid en vertelde over de avond ervoor; ‘Als een vrouw daar niet tegen kan, is ze ook niets voor jou’.
Ze zei dat zij erg tevreden was over haar tetten en trok haar truitje omhoog om ze aan mij te tonen.
Maar dat laatste heb ik gedroomd, volgens mij.

Paarden

PaardenPaarden zijn stom. Dat zeg ik!
Afgelopen dinsdag liep ik met zoonlief de 2e dag van de wandelmarathon van in totaal 4 x 3 kilometer. En daar kwam ik en kwamen wij in aanraking met een stom paard. Zal het hele waargebeurde verhaal hier opnoteren.
Het eerste, enige en tevens laatste rustpunt was op het grasveld aan de rand van ons pittoreske metropooldorp. De 5 à 600 kinderen kregen hier koek en sopie, de 4 à 50 begeleidingsmedewerkers werden getrakteerd op koffie en ik bestelde gewoon een meter bier. Dit serveerden ze niet, het is immers een kinderfestijn, zo’n wandel4daagse. Ik ging dan ook maar voor de koffie. En een sigaartje. Had er tenslotte al een kleine 1500 meter opzitten. En waar ik één brok rust uitstraalde, stond de begeleiding te popelen om weer verder te gaan. Zoonlief was even van z’n propos af maar ik stelde hem gerust en zei dat ik nog even m’n koffie op zou drinken en dat ik hem voor hij het wist weer ter hand zou nemen. Een kleine 5000 wandelaars liepen verder het achterpad op, ik bleef alleen achter. Genietend van de koffie, het sigaartje en toch ook wel het zonnetje.
Enkele minuten later stiefde ik stevig door, grote groepen passerend, op weg naar het handje van zoonlief. En toen gebeurde het.
In de wei links zag ik dat een paard redelijk opgewonden werd. En vòòr ik goed zicht op de doorgaans enorme geslachtspiemol had, sprong het beest als een dolle over en door het hek. Over een drooggevallen slootje, een stukje berm en zo het achterpad op. Juist bij de plek waar volgens mijn berekeningen mijn zoonlief met zijn groep moest lopen. En waar jij zojuist ‘over een drooggevallen slootje’ las, klonk een donkere stem door de lucht “LEESBRILMÈÈÈÈÈN”.
Ik beukte, gooide, smeet kinderen, begeleiders en ouders aan de kant en zette een volle sprint in. De grote groep wandelaars werd in 2 groepen gesplitst door de capriolen van het malle dier. Een voormij groep en een achtermij groep. Ik kwam oog in oog te staan met het paard toen ik naast hem stond. Ik gaf het monster een hoek. Het deed ‘m niks. Hij trok een lang gezicht naar me. Ik keek eens in z’n bek. Ja hoor, daar stonden zijn gegevens. Ik trapte tegen z’n zere been. Hij raakte gepikeerd. Ik gaf een ruk aan de paardenstaart maar daar zat een meisje aan vast. Hè, klut! Heb ik weer. Het dier werd wilder en wilder en begon om zich heen te steigeren. Ik deed de kraanvogel en bewoog m’n lippen nasynchronisch. Op de achtergrond was ‘You wanna fight?’ hoorbaar.
Plots besefte ik me dat ik zoonlief uit het oog was verloren. Zat hij in de voormij groep of zat hij in de achtermij groep? Ik raakte in paniek. Oh wacht, ik verlegde m’n aandacht. Ik scande de voormij groep, ik zag zoonlief niet. Vlug draaide ik me om en liep richting de achtermij groep. Ook hier zag ik hem niet. Het zweet brak me uit. Oh wacht, ik dacht logisch na. Als hij een achterwaartse trap van paardmans had gehad moest hij ergens in het weiland aan de overzijde liggen. Ik maakte vliegensvlug een natuurkundige berekening; gewicht zoonlief x paardentrapkracht x windsnelheid / de wet van Newton + actieradius.
Ook op die plek van impact was geen spoor van m’n kanjer. WHAAAAAAAAAAAAAAAA!!!!!! “WAAR ISSIE?, blèrde ik.
Een vriendelijk lachende oma had mijn spruit stevig vast. Ik duwde m’n hart terug uit m’n keel. Gelukkig!
Het paard was nog steeds in uiterst opgewonden staat. Ik zei nog; ‘ik vind dattie er nog uiterst opgewonden staat’ en ik was voornemens om hem de definitieve nekslag toe te dienen. Was er zat van. We hadden wel meer te doen, we moesten verder, kilometers maken. Tot mijn grote verbazing zag ik meerdere ouders het paard kalmeren en uiteindelijk naar het weiland begeleiden. Nou weet je, dan niet, dacht ik. Tsssss.
Ik pakte zoonlief bij de hand en samen liepen we de finish tegemoet.
Hij had niets van mijn heldhaftige optreden meegekregen. En dat is misschien maar beter ook.
Sommige van mijn schimmige zaken als Leesbrilman zijn immers niet voor kinderogen bedoeld.

Orgasmisch

HannibalMan man man, wat  ik het toch als mijn plan samenkomt. Niets zo charmant als wanneer je alles strak hebt gepland. Dat zeg ik.
Voormaligje vroeg laatst of ze de jongens een weekendje mee weg mocht nemen. Het was tenslotte mijn weekend met m’n jongens. Dan is het wel zo netjes om mijn toestemming te vragen. Me dunkt. Het zou ook een beetje gek zijn als ik voor de deur zou staan en er zou niemand thuis zijn. Of gek? Gevaarlijk, dat zou het zijn. Gezien mijn professioneliteit dat is. Je wilt natuurlijk niet een operatie ‘Klopjacht’ door een nietsontziende omlegger achter je bips aan hebben. Laat dat even duidelijk zijn. Nee, wij overleggen dat gewoon. Zo oudersen wij. Zouden meer gescheiden lieden moeten doen.

Ik opende m’n agenda en bij dit weekend stond een piemol getekend. Ah, een orgasmisch weekend! Ik teken piemols bij orgasmische dagen in m’n agenda. Ik kan ook een driedimensionale Nachtwacht tekenen bij dit soort speciale dagen maar ik kan nou eenmaal beter piemols tekenen. Ik gaf direct toestemming.
Ik kroop achter m’n tekentafel. Het krioelde ervan. Zucht. Omdat ik geen zin had ze te verwijderen en ik ook niet zo snel een pincet kon vinden, ontvouwde ik mijn plannen maar aan de eettafel. Ik zuchtte nogmaals.
Vrijdag de 13e; Spanje – Nederland
Zaterdag de 14e; WK finale dameshockey
Zondag de 15e; WK finale mannenhockey en tevens het 10.000 dagen jubileum van mijn ontmaagding (da’s trouwens de oplossing van de Prijsvaag van 5 juni! Niemand had het goed. Jammer. Volgende keer meer succes, mensen!)

Spanje – Nederland. De herhaling van de finale van 4 jaar geleden. De finale waar we genaaid zijn. Genaaid door Howard Webb, de scheidsrechter. Hij had moeten zien dat Casillas overduidelijk met tè grote schoenen speelde. Ik zag het op tv dus hij had het zeker moeten zien en in moeten grijpen. De lul! En die oplichtersbende van een FIFA maar hameren op fair play. M’n kont!
Omdat ik als een van de weinigen in de wereld niet zo’n hoge pet van het huidige Spanje op heb en omdat ik de Johan Cruyff onder de voetbalkijkers ben (ik kijk 5 stappen vooruit), noteerde ik een overwinning voor Nederland in m’n plannen. Een klinkende overwinning zelfs, 1-3. Ook schreef ik in m’n plannen dat ik in volledige zen omgeving de wedstrijd moest bekijken. Ik heb niks aan gillende kinderen, loomende mannen, opgewonden standjes en/of vrouwen met hun geliefde standje op hun oranje shirt. Ik moet zo’n orgasmische wedstrijd in alle rust en analytisch bekijken.
Deze rust en analytisme duurde tot de 65e minuut. Ik ging volledig los. Ik liet me volledig gaan. Ik kreeg een erectie en schonk nog eens bij.
Zelden ben ik zo opgewonden geweest. Ik bestelde een portie tapas bij de plaatselijke Spanjaard en toen el bezorgo voor m’n deur stond, lachte ik hem keihard uit. Pang! In your face!

Zaterdag was de dag van de damesfinale van het WK hockey. Ik ben fan van ons Oranje hockey. Dat is al sinds Floppy Bovelander. En sinds jaar en dag volg ik ons Nederlands dameshockeyteam. Ik  Maartje Paumen. Wat een wereldwijf is dat! Bloed en bloedfanatiek. De strafste corner ter wereld. En de liefste glimlach waar zelfs uw nietsontziendste omlegger van smelt. Ik wil met haar trouwen………………….
Ze scoorde de 1-0 uit een strafbal en haar manier van juichen (gebalde vuist omhoog BAM JONGUH!) vind ik prachtig. Ik werd er opgewonden van.
Het is 2-0 geworden, de eerste wereldkampioen van deze zomer is binnen.
Vanmiddag volgen de mannen. En ook zij spelen tegen Australië. Ik zeg; Makkie.

En dan tenslotte ga ik vanzelfsprekend vanavond klokslag 20.24 uur uitbundig stilstaan bij het 10.000 dagen jubileum van het breken van mijn maagdenvlies. Dat ik voor het eerst het vlezige met het vlezige vereeuwigde. Dat ik de knuist inwisselde voor de vagijn. Over een hoogtepunt in mijn leven gesproken!
Ik ben voornemens vanavond het complete ritueel na te spelen. Ben nog op zoek naar een tegenspeelster. Reacties zijn welkom.

Nee lieve lezer, ik heb een uitstekend orgasmisch weekend. Alles verloopt volgens plan. Maar dat is logisch.
Er is echter 1 klein dingetje; Weet iemand hoe je van een inmiddels 38 uur durende erectie af komt?

Een spannend avontuur

Slang

Jaren geleden, maar dan ook echt jààààren geleden, toog ik met m’n maat naar het Zuid-Amerikaanse continent om daar een avontuurlijke vakantie te ondernemen. Ik zal het pittoreske landje niet noemen omdat het niet echt relevant voor dees anekdoot is maar het begint met een V en eindigt op enezuela. En dan praat ik over jàààààààren geleden hè? Misschien dat jij, lezer, toen nog niet eens geboren was. Hell, ik had zelf nog maar pas okselhaar. Ik was 26, toen in 1997.

We verbleven in een hotelletje in het prachtige plaatsje Geenideemeerië. Ons hotelletjekamer was een van de eenvoudige soort. Een kamer, een douche, een toilet en een balkonnetje. In de hotelletjekamer stond een tweepersoonsbed die wij vanzelfsprekend, met ons meegebrachte toolkitje, vakkundig in twee delen hebben gemonteerd. We waren dan wel samen maar ‘bij elkaar’ hoorden we natuurlijk niet. Vanuit ons hotelletjeraam keken we uit op de doorgaande weg en zagen we links de rest van het hotelletje en rechts een gigantische berg liggen. Die reus trok me. Weet niet wat het is maar dat soort mystieke natuurmonumenten trekken mij op de één of andere manier. Ik zie een berg en ik wil naar de top. *help me ff onthouden dat ik nooit een hotelletje boek naast de Mount Everest!*

Bij het ontbijt op een zonnige en bloedhete zondagmiddag besloten we de massieve blok steen te bedwingen. We hulden ons in gepaste bergbeklim kledij, t-shirt – kort broekje – slippers, namen het noodzakelijke bergbeklim equipement, pakkie sigaretten, mee en gingen op weg. Hoe ver kon het zijn? Nou! Lees verder dan!

Dat Geenideemeerië was toch iets metropoler dan we dachten. Na een klein uurtje bereikten we de rand van het stadje en stonden we aan de voet van een bossage wat we ook gerust een jungletje mochten noemen. Maat toverde een Zwitsers zakmes uit zijn kort broekje, keek even goed en trok er toen een 89 cm lang kapmes uit. Ik keek versteld opzij. ‘Zit zo’n ding ook in zo’n klein mesje?’, vroeg ik. ‘Oh, dat is nog niks hoor’, zei hij en hij trok achtereenvolgens een kettingzaag, een vishengel en een steelpan tevoorschijn uit het kleine rode mesje. Ik was er van onder ingedrukt en zwoer dat ik ook zo een ding zou kopen. Na 2,5 uur kappen, hakken en maaien door het jungletje stonden we eindelijk oog in oog met een zandpad. Het pad liep glooiend en bochtend omhoog en ik kon me niet aan de indruk onttrekken dat dit het pad was dat rondom de berg liep. Ik zei ook; ‘ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat dit het pad is dat rondom de berg loopt’. Maat knikte bevestigend en vond mijn welbespraaktheid op zo’n moment zichtbaar flink. Na een welverdiend sigaretje gingen we verder. Het avontuur in. Halverwege de berg, ik schat op 263 meter van de grond, troffen we ineens een stel spelende kindertjes aan. Vrolijke kindjes. Prachtig getint, gescheurde kleertjes, blote voetjes, vliegen in de ooghoekjes, je kent ze wel. Ze schrokken toen ze ons zagen en renden weg. Tussen de struiken door de berg omhoog. Maat en ik keken elkaar even aan en vervolgden vervolgens onze weg. Na weer een bocht stuitten we op een nederzettinkje wat tegen de bergwand was gebouwd. Een stuk of 8 plaggenhutjes met hier en daar wat stevige stenen en met golfplaten als daken. Een typisch Novib-dorpje. De bewoners stonden buiten. Vrouwen met baby’s op de armen en 17 kinderen. Het ging ons aan het hart. Zelden zoiets armoedigs gezien. We benaderden de mensen met een glimlach. We kwamen tenslotte in vrede. ‘Dinero, dinero?’, zei één van de vrouwen en ze keek ons beteuterd vragend aan. Dinero, dat woord hadden we eerder gehoord. Geld! ‘Oh, dat hebben wij genoeg’!, zei maat. En hij pakte een stapel Bolivar uit zijn kort broekje. Gelukkig had hij voor aanvang van onze expeditie 200 Dollar gewisseld tegen een zeer gunstige koers. (Om je een beetje een idee te geven hoe de verhoudingen qua financieel geld in dit pittoreske landje waren: 2 Dollar = 128 Bolivar. daarvan kon een compleet gezin een week eten). We vroegen in ons beste Spaans of de mensen wat te drinken hadden. ‘Cerveza?’ De sip kijkende vrouw schudde haar hoofd en zei dat ze wel aqua hadden. Maat stak 4 vingers in de lucht ten teken dat we 4 flesjes aqua wilde. Hij gaf de vrouw een briefje van 500 Bolivar. Een brede lach toonde haar tandenloze grot. Maat stak zijn hand uit om het wisselgeld te innen maar het wisselgeld bleef uit. Hij keek verbaasd en pakte de 500 Bolivar uit haar handen. Dan maar geen water. We zwaaiden hartstochtelijk toen we verder gingen. ‘Goh, je zal hier maar zonder wisselgeld wonen, dan ben je een zakelijke nono’, zei maat. Ik zuchtte en kon het alleen maar met hem eens zijn.

Voorbij de boomgrens waren we inmiddels aanbeland toen er ineens vanuit de struiken 17 meter voor ons een enorme bad ass zwarte slang over het zandpad gleed. Er kwam geen einde aan. Het ding moet zeker 8,57 meter geweest zijn. ‘Hé, een Bamba’, zei maat. Ik begon te zingen, muzikaal als ik immers immer ben. “Bala bala la bamba” en wiegde m’n heupen Merenguegewijs heen en weer. Maat haakte in, samen zongen en dansten we vrolijk in het rond. Plots stopte de slang met vooruit glijden en keek onze richting op. Priemende ogen keken ons strak aan. We stopten terstond met ons showtje. De slang kroop onze kant op. Ik duwde maat achter me, dit kon wel eens smerig worden. Op een meter voor me ging de slang in een grote M-vorm liggen. ‘Ah! McDonald’s’, riep ik enthousiast uit. De slang begon te sissen, hevig te sissen, keek nog kwaaier en maakte zich op om aan te vallen. Ik was plotsklaps op m’n qui vive en deed “De kraanvogel”. Het monster viel met een gerichte aanval op mijn boventorso aan. Met een snelle draai om mijn as ontweek ik de happende kop. Ik sprong achterop het beest en greep ‘m bij de keel. Worstelend rolden we over het zandpad. Het immense lijf van de slang kronkelde zich om mijn lichaam, ik beet de moederneuker in zijn hals. Het was duidelijk dat geen van ons zich vrijwillig over zou geven. Het werd een gevecht op leven en dood. Maat was ondertussen op een rotsblok gaan zitten en had een encyclopedie uit zijn korte broekje gehaald. ‘Oh, het is een Mamba’, riep hij mijn richting op. ‘EEN MAMBA?’, schreeuwde ik terwijl ik de slang een rechtse directe uppercut verkocht. ‘DUS GEEN BAMBA?’ Dit was voor het dier het teken om op te geven en kroop terneergeslagen richting de bossen rechts van het zandpad. Uitgeput stortte ik op de grond en wierp mijn waardige tegenstander nog 1 blik toe. De Mamba richtte zich op, nam nogmaals de M-vorm aan en met een laatste knik verdween ie.

Na een sigaretje klommen we de laatste 37 meter naar de top verder. En 3 uur en 12 minuten later bereikten we de top van de berg. Een machtig mooi uitzicht was wat ons getrakteerd werd. We genoten van elke windstreek waarnaar we keken. Tot we plotseling geritsel in de struiken hoorden. Trrrrrrrr. Trrrrrrrr. Van alle kanten hoorden we het angstaanjagende geluid. Ik keek naar de hemel. Gieren cirkelden rond boven onze hoofden. Maat en ik keken elkaar aan. ‘RATELSLANGEN!”, schreeuwden we beiden in paniek uit.

 

We hebben het niet overleefd.

Sindsdien heb ik een gruwelijke schurft aan slangen.

*En zo, lieve lezer, heb je met het lezen van dit spannende avontuur weer eens 10 minuten van je leven weggegooid. Maar wat denk je hoe lang het me heeft gekost om het te schrijven?*

Superheld

LeesbrilmanHet superheld zijn is ook niet meer wat het geweest is. Er is totaal geen respect meer voor. En geen waardering. En soms word je gewoon recht in je bek uitgelachen. Nu vraag ik je!
Vandeweek nog. Ik trad weer eens levensreddend op en wat kreeg ik er voor terug? Hoongelach.
Ik knalde een snelweg op middels de oprit. Een lange oprit is het. Sterker nog, de oprit loopt door tot een andere snelweg. Op de invoegbaan reden 2 van die extra lange vrachttrucks achter elkaar. Ik trapte het gaspedaal in om ze voorbij te zoeven en, toen ik de voorste truck voorbij was, stuurde ik met Mach 2 de snelweg op. Precies op dat moment zag ik vanachter de truck een bus met schoolkinderen naar rechts invoegen. En met rechts bedoel ik naar rechts. Helemaal naar rechts, de oprit op. Met een ruk aan het stuur schoot ik terug, met 2 banden de berm in. De buschauffeur kreeg me in de spiegel en corrigeerde zijn vehicel. Met moeite. Ontzettend veel moeite. De bus begon te slingeren en ook zijn wielen ploegden door het gras in de berm. Het werd een netelige situatie waarin dringend hulp nodig was. Ik trok aan m’n handrem, parkeerde de wagen in de berm, sprong de auto uit en stak een sigaartje in de brand. Maar toen besefte ik dat de tijd voor ontspannen roken even geen optie was. Ik opende mijn kofferbak en pakte m’n SuperAnus-outfit. In een oogwenk en een denkbeeldige tornado had ik het pak aan. Hoewel ik de legging iets te heet had gewassen, zat ie nog als gegoten. Ik was trots. Ik kreeg een licht stijfje. Maar toen zat de legging toch best wel strak. Hmmmm, aandachtspuntje.

Door mijn uitstekende verkeerregelaars skills kwam de bus hortend en stotend tot stilstand. Een dikke stofwolk ontwikkelde zich na de dubbele Rietberger en de kwart schroef die bus had gemaakt. Bloed, gekrijs en gehuil was wat ik aantrof toen ik de deur van de bus opende. Maar niet alleen de buschauffeur was er aan toe, ook de kinderen waren van slag. Eenmaal allemaal buiten de bus, zittend in het gras van de berm probeerde ik de groep te kalmeren. Precies op dat moment keek één van de kinderen mijn kant op. Hij begon hard te lachen. De anderen keken verschrikt op. Ook zij wendden hun hoofd naar mij, de man die ze gered had. Gieren, brullen, omrollen, in de broek piesen, dat is wat ze deden. En maar naar mij wijzen.
Ik besloot m’n weg te vervolgen en keerde me om. Ik liep beteuterd en met gebogen hoofd naar m’n auto.

Eigenlijk heb ik wel begrip voor die kinderen. Hoe vaak komt het nou voor dat een man van middelbare leeftijd in een strakke legging en met een grote kont op zijn borst genaaid voor je staat? Volkomen logisch dat men gaat lachen dan, toch?
Het heeft me aan het denken gezet. Het kan inderdaad niet langer zo. Ik loop voor lul.
Ik heb daarom een moedig besluit genomen: SuperAnus is niet meer. SuperAnus is een rituele dood gestorven. SuperAnus is per heden Uitus.
Daar staat tegenover de geboorte van jullie nieuwe Superheld: De LEESBRILMAN.
Zelfde krachten. Zelfde skills. Zelfde charmes. Maar dan in een iets toepasselijker outfit.
Ik hoop je binnenkort weer ouderwets van m’n diensten te kunnen voorzien.
Je weet me te vinden!

Tata en dag hoor.

Weekend

WeekendWat te doen? Wat te doen? In een vrij weekend? Met al die vrije tijd? Mèn, weekend. Hoe werkt dat ook alweer? Ik heb het even opgezocht, 17 en 18 augustus van het vorige jaar. Toen had ik voor het laatst een weekend volledig vrij. En dat weekend viel ook nog eens in m’n vakantie.
Nu ik daarover nadenk, dat is wel heul fukking lang geleden! Vind je het gek dat ik af en toe lichamelijk instort? Oh, dat heb ik nog helemaal niet met je gedeeld. Ik was een kleine 4 weken geleden presumed dead. Ik zat in m’n nachtdienstcyclus. Het was woensdag, ’s avonds moest mijn favoriete club voetballen tegen Frankrijk dus ik dacht rond de klok van half 5 dat ik alvast wel even het voordutje kon gaan doen. Dan de wedstrijd kijken om daarna om 22.15 uur door te gaan naar kantoor. Strakke planning is everything zeg ik altijd.
Ik werd wakker van de deurbel. Met een half oog keek ik op de klok in de master bedroom. Half 12 gaf ie aan. Slaapdronken dacht ik nog dat de batterijen de geest hadden gegeven. En toen ineens kwam het besef. Ik sprong uit bed, rende de kamer in en pakte m’n telefoon. Het ding was roodgloeiend aangelopen, 36 oproepen gemist. Kantoor, collega’s, sjef, HeadQuarters, zelfs Barack had me gebeld. Terwijl ik de speeddial intoetste trok ik de gordijnen open. Daar hingen ze, m’n collega’s. Klaar om binnen te abseilen. Ik hoorde de blackhawks boven m’n penthuis circuleren. Ik riep vlug de code voor het afblazen van de reddingsactie door de telefoon. Pfeuw!

Goed, een vrij weekend dus. Ik kan natuurlijk even het penthuis spik en span maken. Ik kan natuurlijk even een wasje draaien. Ik kan natuurlijk even het bed verschonen. Ik kan zoveel doen. Maar wat? Wat doen mensen eigenlijk in een vrij weekend?
Het leuke is wel dat er mensen zijn die me een keer weer hebben uitgenodigd voor een feestje. Vanavond. Ik heb het even opgezocht, 15 mei. Toen had ik voor het laatst een feestje. Zaterdag 15 mei 2011 dat is. Nu ik daarover nadenk, dat is wel heul fukking lang geleden! Vind je het gek dat feestjes tegenwoordig een stuk minder lollig zijn?
Ik ben gisteravond even bij ze langs geweest om mijn eisenpakket op tafel te leggen. Die status heb ik wel verdient, vind ik. Ik wil best op een feestje komen maar dan wèl onder mijn voorwaarden. Geen QutMusic op veel te hard volumeniveau.  Uitsluitend Heineken bier. Men dient steeds te lachen om mijn 1982-grappen. Er moet een mogelijkheid gecreëerd zijn om mijn Saturday Night Fever-moves ten toon te spreiden. Lichamelijk contact is welkom zij het beperkt blijft tot soft erotisch niveau. En de dresscode voor vrouwen is diepe decolletet.
Nah, valt mee toch?

Maar ik ga nu eerst eens even op de bank hangen.
Vink een uitstekend begin voor een vrij weekend.

 

Fuk man!

As3IwwkCQAEyoUb

Man man man, daar zakt je string toch tot op de enkels van af? Daar word je toch niet goed van? Het weer, daar heb ik het over. Het weer van heden ten dage. Van tegenwoordig. Van nu. Kijk ’s naar buiten. Is toch van de gekke, dolle en ook van het leipe? Wat denkt dat weer wel niet? Zomaar een beetje bepalen dat de zomer nu al komt. Ik vind dat best van enige arrogantie getuigen. Om maar niet te spreken over misplaatste opportunisme. Fuk man! Ik ben er nog helegaar niet klaar voor. Ben geen vrouw. Vrouwen, die zijn er altijd klaar voor. De zomer, dat is. Ze trekken een rokje of jurkje aan, dragen daarboven een decolletetten truitje en hup, klaar. Klaar voor welke zomerse dag dan ook.

Nee, dan wij mannen. Dat is even compleet andere koek. Nou ja, ik. Ik wens niet voor alle mannen in te staan. Laat ik dees anekdoot vooral op mij toespitsen.
Ik ben nog één en al winter. Bleke porem en overige lichaamsdelen, diep in het vel verzakte spierbundels, een buik waarin de navel volledig verborgen ligt, hangborstjes enzowijd. Normaal gesproken ga ik rond de klokwisseling (wat nog zo’n dikke 3 weken duurt vernam ik gisteren) toewerken naar mijn zomerse hoogtepunt. Je kent het wel, zoals de vrouwtjes de mannen graag (in de zomer) zien. Maar ja, zoals het er nu uitziet komt de zomer extra vroeg dit jaar. Ik moet dus als de greased lightning aan de slag. Werken aan een lichtgetinte exotische teint en dito lijfkleur. Met de dumbells stoeien om de onderliggende spierbundels bovenliggend te krijgen. Daarbij vanzelfsprekend de buik niet te vergeten! Corrigerende bh’s dragen (oh wacht, dat was eigenlijk een goed bewaard geheim. FUK!). M’n armen opsleeven met plaktattoo’s. Nog wat spannende plaktattoo’s bewaren voor op m’n kuiten. Borsthaar kweken. Qutmusic downloaden om in de auto loeihard en met het linkerarm lafjes uit het raampje te draaien. En natuurlijk mijn gele Dries Roelvinkzwembroek strijken.

Dus vrouwtjes, vrees niet. Waarschijnlijk kunnen jullie deze zomer extra lang naar mijn zomerse hoogtepunt smachten.

Zal je net zien dat die horrorwinter nog keihard toe gaat slaan. Halverwege april ofzo.

Kopje koffie

Koffie

Weet je, ik raak er inmiddels aan gewend. Het is nu eenmaal zo en ik ga me er niet meer druk om maken. Kost me klauwen vol met energie en ik heb er simpelweg de puf niet meer voor. Ik ben tot het besef gekomen dat het niet aan mij ligt maar dat er bij de anderen een defect in de hersenen is. Tegenwoordig lach ik vriendelijk, knik ik instemmend en mocht ik in een goeie bui zijn, wil ik er ook nog wel eens een laf zwaaitje uit gooien. En dat die anderen dan uiteindelijk teleurgesteld en gedesillusioneerd achter blijven, nou ja, fuk ‘m.
Rob Geurts (als ik in een eettent zit), Anton Jansen (als ik op het voetbalveld sta), Wouter Bos (als ik een rode jas aan heb), ik heb ze allemaal al een keer gehad. Maar wat me vanochtend is overkomen, NAH!, dat geloof ik zelf bijna niet.

In een niet nader te noemen etablissement in mijn niet nader te noemen dorp sta ik vanochtend aan de bar te genieten van een kopje koffie. Aan de bar inderdaad, het was er druk. Alle tafels waren bezet en buiten op het terras was een vrijgezellenfeestje gaande. Een hele bult vrouwen. En je raadt het al, de toekomstige bruid zag er het aantrekkelijkst van allemaal uit. Heb ik weer……..

Op een gegeven moment komt een meid van het toilet en ze loopt, al snuffelend in haar tas, de zaak in. Ze botst tegen me aan en ik giet een deel van mijn koffie over de bar. Terwijl ik me zuchtend omdraai en ademhaal om haar een flinke pets te geven, rent ze keihard naar buiten. Naar het vrijgezellenfeestje.
Ik besluit er verder geen aandacht aan te schenken en herstel mijn zenhouding.
Ik bestelde nog zo’n heerlijk bakje koffie. Als ik het eerste slokje naar binnen werk, wordt plotseling de voordeur opengesmeten en komen de vrouwen van het vrijgezellenfeestje binnengestormd. Gillend en krijsend. Duwend en trekkend. Tafels vielen om. Glazen vielen om. Barkrukken vielen om. De gordijnen begaven het. Een wat oudere vrouw werd onder de voet gelopen. Haar echtgenoot probeerde haar omhoog te helpen maar werd door de uitzinnige menigte vrouwen pardoes voorover een plantenbak ingeduwd. Het was totale chaos. Gasten doken in totale paniek de keuken, de toiletten en de garderobe in. “Wat zullen we nou krijgen?”, dacht ik en ik zette me schrap om de stampedende vrouwen tegen te houden. Of in elk geval te ontwijken.

Zo abrupt als ze binnenkwamen, zo abrupt stopten ze ook ineens met gillen, krijsen, duwen en trekken. Één van de meiden werd door de bruid mijn richting opgeduwd. Ze begon me aandachtig aan te kijken. Ik fronste mijn wenkbrauwen. “Wat zullen we nou krijgen?”, dacht ik. Het werd doodstil in de zaak.

‘Nee, volgens mij niet nee’, zei het mij aanstarende meiske. Ze schudde haar hoofd heftig heen en weer. ‘Weet je het zeker?’, werd er vanachter uit de groep geroepen. ‘Nee, George heeft een vollere kin. Dit is hem niet’, antwoordde het meiske. Ze dropen af naar het terras en vervolgden hun vrijgezellenfeestje.

En het enige wat ik dacht was; “Nou, dat hebben we ook weer gehad. Wat kan ik vandaag nog meer verwachten? What else?” En ik bestelde nog maar eens zo’n heerlijke Nespresso.

BHV

BHV

Sjeesus, wat een flauw plaatje heb je er weer bij gemaakt, Manus. De borstel van dees anekdoot is “BHV” en jij verzint er een BH met vee erop bij. Sjonge jonge, hoe oud ben je? Ik hoor het je denken.

BHV, Bedrijfs Hulp Verlening. Brandje blussen, ontruimen, EHBO encetera. Heb jij het ook? Ja, tuurlijk heb jij het ook. Heel Nederland heeft BHV. Heel Nederland zit gedwongen 1 of 2 keer per jaar in zo’n duf lokaal te luisteren naar zo’n wèl enthousiaste ambulancebroeder of brandweerman. En dat is nu mijn punt. Zij zijn wèl enthousiast. Kijk, er zullen ongetwijfeld een heleboel mensen zijn die zich geroepen voelen om de medemens te hulp te schieten en eventueel (proberen) te repareren mocht dit nodig zijn. Maar het overgrote deel geeft geen fuk om het repareren van mensen. En met het overgrote deel bedoel ik moi natuurlijk. Ik repareer geen mensen. Fuk ‘m. Ja, mijn zoontjes maar voor de rest niemand hoor. Sterker nog, in mijn vak zit ik aan de andere kant van de medaille. Ik breng schade toe aan mensen. Zou wat zijn zeg, leg ik eerst iemand voor 89% om, moet ik ‘m daarna weer repareren. Tsssss, dat zou even conflicterend werken!

Deze stellige mening mijnerzijds levert trouwens wel mooie discussies en ernstig verbaasde gezichten op. De vraag was eens tijdens een BHV-les; “Je rijdt in je auto in een afgelegen gebied en je ziet iemand gewond op straat liggen. Wat doe je dan?” Sneuert bij mij de groep reageerde direct uitbundig door te zeggen dat hij de auto uitspringt en eerste hup verleent. Een staande ovatie van de rest van de groep viel hem nog net niet ten deel en ik ontwaarde zelfs een licht stijfje bij sneuert. ‘Ik zou op een afstandje gaan staan, in de auto blijven, 112 bellen en wachten tot de hulpdiensten er zijn. Fuk hem’, zei ik. Verbaasde gezichten all over the place. ‘Dat doe je toch niet? Je biedt toch gelijk hulp? Het kan een situatie van leven of dood zijn!’, gilde een zeikmuts. ‘Ja hallo, voor hetzelfde geld is het een ambush, zit er iemand in de bosjes en word je overvallen. Duhuu’, antwoordde ik uiterst kalmpjes. En dan die reacties joh, HI LA RISCH!

En bij de laatste BHV-les stoorde ik me aan het feit dat men er maar van uit gaat dat alle aanwezigen hulp bieden bij ongelukken. Toen ik kenbaar maakte dat ik dat dus niet doe ging er een golf van verontwaardiging door het duffe lokaal. ‘Dus, als ik hier neer zou vallen, zou jij mij niet helpen?’, vroeg een wat oudere suflul. ‘Neuh. Fuk jou’. En dan die gezichten joh, HI LA RISCH!

Nee, laten ze dat hele BHV-gedoe maar aan een select groepje enthousiastelingen toebedelen. Ik ga bij helemaal niemand levensreddend handelen.
Ja, bij mijn zoontjes. En m’n familie. En m’n Facebookvrienden. En m’n Twittervolgers. En m’n Webloglezers. En interessante vrijgezelle, goed geproportioneerde projecten.

Maar voor de rest; fuk ‘m.

Snelwegperikelen

Politie

Ik moest gisteravond overwerken. Dat mot zo af en toe en ik doe er vanzelfsprekend helemaal niet moeilijk over. Je hoort mij er niet over. Ik ga het niet aan de grote klok hangen. Ik geef er verder geen ruchtbaarheid aan.
En dat je het hier nu leest, tja, vergeet dat ook maar.
Het werd gisteren dus een latertje. Maar ik deed er niet moeilijk over. Oh wacht, dat had ik al geschreven.

Ik stapte in het holst van de nacht in mijn bolide en Dieter Koblenzde naar huis. Oh, die zal ik even uitleggen.
Ik zapte eens langs een voorprogramma van zo’n talentenshow en voor de jury stond een meiske. Ze ging iets doen van Dieter Koblenz. Huh?? Wie?? Was de reactie van mij maar ook van de juryleden. Nou ja, lang verhaal. Het meiske werd vriendelijk en uitgelachen de vloer af gebonjourd en ze mocht nog voor de camera een napraatje maken. Ze vertelde dat ze groot fan van de ‘Duitse’ schlagerzanger was en dat ze niets liever wilde dan hem ontmoeten. Natuurlijk had de regie hierop gerekend want Dieter kwam aangelopen. Of zou het ècht toeval zijn geweest? Nee, dat denk ik niet. Leer mij de televisiewetten kennen. Dieter handde, zoende en knuffelde het meiske en zei toen in zijn  slechtste Duits Beste Nederlands; “Toen ich hörde dat jij grosse fan von mij bist, bin ich gleich die schnelweg aufgeknald und hier nachtoe geräd’n”. Ik rolde van de bank van het lachen en pieste de thong vol. Wat een vent!

Goed, ik ben dus die schnelweg aufgeknald om naar huis te gaan. Ik moest ontzettend mijn neus snuiten dus trapte ik de 6,8 injectie Turbo intercooler vol op z’n staart. Nog op de oprit tikte ik de tweedertig aan.
Op een gegeven moment zag ik een vent op de vluchtstrook achter z’n auto staan. Hij stond tegen de vangrail. Broek op de enkels en hij ging als een bezetene tekeer. Heen en weer schudden met zijn hele lichaam en hij schreeuwde alsof hij op de markt stond. “Goh, een wildplasser”, dacht ik.
En een paar kilometer verder zag ik een wat oudere gast volledig naakt op de afrit naar het tankstation liggen. Hij lag op zijn buik en maakte rare heupwiegende bewegingen. “Goh, een wegmisbruiker”, dacht ik.
Weer wat verder zag ik in m’n binnenspiegel 2 koplampen erg snel naderen. Ik keek eens op mijn machteller. Ik reed 3 mach. “Goh, die heeft haast, die rijdt nog sneller dan ik”, dacht ik. Hij zoefde me voorbij en ging plots voor me rijden.
‘POLITIE’ en ‘VOLGEN’ las ik zonder leesbril op de achterruit van de auto.”Fuk! Vergeten de stealthmodus aan te zetten”, dacht ik.
Maar tegelijkertijd dacht ik dat het ook wel weer lollig is. Ik passeerde de auto, ging voor hem rijden en opende het bordje op mijn achterruit. ‘LEUK! IK DOE MEE’ was er te lezen. Weer ging de wagen voor me rijden en weer lieten ze me ‘POLITIE’ en ‘VOLGEN’ zien. Ik ging weer voor hem rijden, toonde ‘IK ZEI TOCH DAT IK MEEDOE’ en trapte m’n peddle bijna tot de bodem in. Wèèr ging hij mij voorbij en nu liet hij ‘FF SERIEUS, VOLGEN!’ zien.
Ik kreeg meer en meer jolijt. Het was toch iets anders dan zo’n lange saaie rit door de duisternis. ‘VOLGEN JULLIE MIJ MAAR. IK BEN TOCH SNELLER. LEKKER PUH’ liet ik zien en duwde mijn gaspedaal helemaal in.
Maar ik was niet sneller. Ze knalden mij voorbij alsof het niks was. ‘NU ZIJN WE ER HELEMAAL KLAAR MEE. STOPPEN! NU!’ lieten ze me zien.
Ik wist dat ik mijn meerdere had getroffen en op zo’n moment moet je gewoon een vent zijn en je verlies accepteren. We stopten op de parkeerplaats bij de plaatselijke McDonald’s. De agent stelde zich voor en begon zijn riedeltje af te draaien. De beste man had een Limburgs accent. Zo van, achter elke zin een vraagteken, je kent het wel. Ik overhandigde hem mijn rijbewijs. Hij bekeek het rijbewijs aandachtig, liep naar zijn collega in de auto en ze overlegden wat. Ik wandelde ondertussen naar het loket van de McDrive en bestelde 2 Quarterpounders en een kleine cola. Oja, en flink wat servetjes, ook voor m’n neus. Ik was er nou toch. Terwijl ik genoot van de geneugten des Macs kwam de Limbo-agent weer naar me toe. “Uw rijbewijs is verlopen?” “Nee hoor, hij ligt in het dashboardkastje”, antwoordde ik en ik besefte me dat ik hem het verkeerde rijbewijs had overhandigd. Ik had hem per abuis de papieren van mijn laatste deepst undercoverklus, die van Egyptische homofiele internationale wapenhandelaar Assikye Anusosie (jeweettog), gegeven. M’n eigen echte papieren bleken helemaal in orde te zijn. “Jack”, zei de agent, “het ziet er allemaal prima uit maar zou ik nog even in je auto mogen kijken?” Hij opende de bijrijderdeur en scheen met zijn zaklamp op het futuristische bedieningspaneel van mijn auto. Hij bukte voorover en klom half in de auto. “Pas op dat je niet…….”, waarschuwde ik. Te laat. Hij had het knopje van de bijrijderschietstoel per ongeluk ingedrukt. ‘Late at night’ knalde door de speakers over het parkeerterrein. Gelukkig waren de knopjes in de hightechkelder op de zaak omgewisseld tijdens het installeren. Dit om eventueel misbruik van autodieven te voorkomen vanzelfsprekend. Ik was al blij dat hij het hendeltje van de airco niet had aangeraakt. Anders was de schade aan het grote witte gebouw achter ons niet te overzien geweest. De agent sprong geschrokken met een enorme hup achteruit. Hij keek me ietwat meewarrig aan. “Hé, ook een Maywoodfan?”, riep hij enthousiast. Ik knikte glimlachend. Samen deden we het beroemde dansje. Schik hadden we. Schik zoals alleen mannen van middelbare leeftijd dat kunnen hebben.
Uiteindelijk namen we met een ferme handdruk afscheid van elkaar. “Jack, het was me een genoegen eindelijk eens iemand van jouw statuur tegen te komen”, zei de agent. Ik gaf hem m’n befaamde glimlach en mikte mijn shaken not stirred cola argeloos in de prullenbak 30 meter verderop.
“Oja, Jack, voor ik het vergeet. Waarom ligt er eigenlijk een gigantisch Rambo-mes in jouw auto?”, riep de agent vòòr hij instapte. Ik draaide me om, keek hem met m’n wenkbrauwen op de hoogste stand aan en zei; “Die is voor als er plotseling een exotische giftige 14,68 meter lange Tijgerpython in m’n auto ligt. Duhuu.” Hij knikte begrijpend en hij liep een beetje rood van schaamte aan.
Voetstaps zijn we gezamenlijk weggereden. Bij de snelweg knalde zij rechts en ik linksaf.

En zo, lieve lezer, heb je de afgelopen paar minuten van je leven verspilt aan het lezen van één grote brok onzin.

Over en uit

Gebroken hart

Het nieuwe jaar is begonnen en hoe kun je dat beter beginnen dan met een nieuwe start?

Ik loop al vanaf een paar dagen voor kerst te piekeren. En als iets slecht voor me is, is het wel piekeren. Ik wilde mezelf niet langer voor de gek houden. Het moest stoppen. En hoe dichter we bij het nieuwe jaar kwamen, hoe zekerder ik er van werd. En vandaag heb ik dan definitief de knoop doorgehakt. Ik was er helemaal klaar mee. Ik heb gebroken met mijn geheime liefde. De geheime liefde waar niemand vanaf wist. De geheime liefde die al zeker 10 jaar duurde. Ja inderdaad, zelfs tijdens mijn relatie met voormaligje was ik met enige regelmaat bij en met mijn geheime liefde. Mea culpa.

Ik weet niet meer precies hoe het gekomen is maar opeens zat ik in die draaikolk die affaire heet. En eruit komen lukte me niet. Denk toch dat de spanning tè spannend was. De afgelopen 2 jaar is de spanning wel wat afgenomen, ik vond het meer handig. Handig om erbij te hebben. Maar ik kreeg meer en meer het idee dat ik misbruik maakte van de situatie. Begrijp me niet verkeerd, het is een hartstikke leuk ding hoor maar ik wilde niet meer liegen. En vanaf vlak voor kerst begon het aan me te knagen. Tot vandaag.

Ik was op tijd wakker en maakte een afspraak om elkaar te ontmoeten. De begroeting was hartelijk. Zoals altijd trouwens. Maar het gesprek sloeg al gauw om toen ik m’n verhaal deed. Het werd een eenzijdig gesprek. En ik was degene die praatte. We gingen als vrienden uit elkaar maar diep van binnen weet ik dat we allebei een zware tijd tegemoet gaan. Het is niet anders. A man’s gotta do what a man’s gotta do.

Vanaf vandaag gaat het vizier op de nieuwe start. Vanaf vandaag kijk ik vooruit. Vanaf vandaag ben ik die vrijgezel zonder geheime agenda.

Want vandaag heb ik het uitgemaakt met doucheputje.

Machtigst

rijk

Als je geld hebt, heb je macht. Als je heul veul geld hebt, heb je heul veul macht.
En als je de familie Rothschild bent, ben je het machtigst. Gevaarlijk en spooky machtigst zelfs.
Die lui hebben zoveel geld dat je, na dit gelezen te hebben, denkt; “$%$#$%^&%%domme, doe ’s uitdelen en geef mij ‘s 0000,000001 % van jullie vermogen”.
Zij kunnen zum bleistift cash een kast van een huis laten bouwen ter grootte van Australië. En dan hoeven ze niet eens Poolse arbeiders in te huren.
Ze geven mijn jaarsalaris als fooi als ze een pakkie shag kopen. Ze kopen de duurste auto ter wereld (Ferrari 250 GTO uit 1963, waarde $52 miljoen) uit de achterzak. Laten ‘m volledig volhangen, bekleden, beplakken en bespuiten met de ruwste diamanten en gaan er dan overheen pissen. Ze hebben een levensgroot schilderij van Dagobert Duck in de meterkast hangen en 3x per dag openen ze de deur en lachen ‘m vierkant in de bek (snavel) uit. Ze kunnen met 1 druk op de Enterknop de staatsschuld van ons landje kwijtschelden. En die van Amerika erbij!
En ze hebben zoveul geld dat ze elke bewoner van dees kloot het luttele bedrag van $7.000.000 kunnen geven. Elke bewoner!
(Volgens dit artikel is het zelfs $70.000.000 maar dat klopt volgens mij niet. Wellicht dat mijn goede vriendin en rekenwonder er even zijn licht over kan laten schijnen?).
Ze hebben een vermogen van 490 en dan met 15 nullen. En dat spreek je uit als vierhonderdnegentig biljard.
Goed, ze zijn dus rijk. En ja, ook jij denkt nu “$%$#$%^&%%domme, doe ’s uitdelen en geef mij ‘s 0000,000001 % van jullie vermogen”. Geef het maar toe.
Maar ze zijn ook machtig. Heul machtig. Spooky machtig!
Lees en huiver het volgende waargebeurde verhaal dan.

Nachtdienst. Tussen alle xxxxxxxx, xxxxxxxxx, xxxxxxx en xxxxxxxx (classified information) door genoten collega’s en ik van een pauze. Op één of andere manier raakten we aan de praat over bovenstaande familie. En hoe meer we Google-den en Wiki-den, hoe meer we met verbazing stijl achterover vielen. Ze beheren en beheersen de hele wereld! Zij zijn dè oplossing voor mijn armoede!
Toen we aankwamen bij hun duistere kant, ze worden o.a. verdacht van Satanische en tevens rituele moordpartijen, ging bij mij het licht uit en veranderde mijn verbazing in regelrechte woede. Wat de fuk denken die lui wel niet!
Ik bezigde zinnen als ‘ik maak ze kapot’ en ‘ik ga ze ontvoeren’ (vrees niet, ik ben niet vaak woedend hoor) en toen gebeurde het. Van het ene op het andere moment werd mijn internetverbinding op de phone afgebroken. ‘U heeft geen internetverbinding’ gaf een melding op de phone aan. Collega, met dezelfde provider en bijna dezelfde phone (ik heb er een S achter) had nergens last van. Hij kon gewoon gebruik maken van het 7G-netwerk (wij hebben op het werk allang 7G, 4G is ècht voor paupers!).

HUH??? WTF!
Dit heeft zo’n 20 minuten geduurd en eenmaal buiten, onder het genot van een sigaartje, kon ik weer gewoon surfend de phone gebruiken. Maar toen ik mijn rookgezelschap vertelde over bovenstaande en ik weer de woorden ‘Rothschild’, ‘Dood’ en ‘Ontvoering’ in één zin gebruikte, PAF!, weer werd mijn internetverbinding afgebroken.

Spooky hè?

Die lui zijn ècht machtigst!

Ik heb het een dikke week stilgehouden. Ik heb een dikke week niks gezegd over de familie en ik ga ervan uit dat ze nu hun spionagedrones en verborgen bugs wel bij mij vandaan hebben gehaald.

Maar lieve lezer, het is bij mij nog steeds prio 1. Houd het nieuws in de gaten, binnenkort is de armoede in de wereld opgelost.

As we speak rol ik de plannen uit voor de ontvoering van de eeuw.
Ik zal mezelf wel weer eens voor jullie opoff
PAF!

Mijn mannelijkheid

Echte mannenMet ‘je mannelijkheid tonen’ bedoelen ze niet dat je heel den dag geblotepiemold over straat moet lopen. Of dat je je als een enorme slappe tamp moet gedragen.
Nee, je mannelijkheid tonen betekent eigenlijk min of meer zijn zoals ik ben.
Ik ben een echte mannen man. Oh wacht. Ik ben een echte mannelijke man. Je hoort mij niet piepen als we ‘de zaak’ met 2 man minder moeten bemannen. Je hoort mij niet mekkeren als een scheetje een afdrukje in de thong achter laat. Oh wacht. Je hoort mij niet zeuren als het even tegenzit. Ik zeg, wat koffie, bier of vlees (al naar gelang het tijdstip van de dag) erin en gaan. Niet van dat benauwde.
In de tijd van de Homo Sapiens zou ik de homo zijn. Oh wacht.
Nou ja, je weet wat ik bedoel. Maar mijn mannelijke mannelijkheid heeft vorige week een klein knauwtje gekregen. Ik zal het vertellen maar je moet me beloven dat dit nooit openbaar wordt! Kom op zeg, ik heb een imago hoog te houden. Beloofd?

Ik krijg al sinds het buiten beneden de 23 graden is mijn kachel niet aan de praat. Dat kloteding wil maar geen vlammetje geven. Ik doe het exact volgens de beschrijving. Zet de dikke grijze knop op de S, druk de knop volledig in en druk tegelijk de ontstekingsknop in. Houd de dikke grijze knop even ingedrukt om het gas de gewenste toevoer te geven.

NOU, HOELANG IK DIE FUKKING KNOP OOK INGEDRUKT HOUD, ER KOMT NOG GEEN VONKJE!!!!!!!!!!!!!!!!!

En als dat knopgebeuren nou op een makkelijk te bereiken plek zou zitten. Nee, ik moet plat op mijn buik liggen om erbij te kunnen. Met een zaklamp in m’n muil. Ja, en druk dan maar die 2 knoppen tegelijk in. En vergeet niet dat je je hoofd ook nog omhoog moet houden. Inderdaad, je moet bijkant een Epke zijn om zoveel spiermassa op hetzelfde moment op spanning te krijgen.
Maar ja, je bent een mannelijke man of je bent het niet. Ik moest en zou warmte in m’n penthuis krijgen. Dus had ik 36 elektrische kacheltjes strategisch door het huis geplaatst. Haha, knappe kou die mij klein krijgt!
Maar dat werkte niet. Heel gek maar mijn jongens vertoeven vaak op strategische plekken in mijn penthuis. En ik kan je zeggen dat een voorhoofd op zo’n elektrisch kacheltje best hard aan komt.
Ik moest maatregelen treffen. Ik heb een hekel aan bloedvlekken op mijn houten vloer. Ik belde een mannetje. Jazeker hoor, dat doen echte mannen ook. Gewoon een mannetje bellen als ze er zelf niet uitkomen.

Hij kwam afgelopen vrijdag. En hij heeft mijn kachel aan de praat gekregen!!!!!
Ik kon ‘m wel kussen. Oh wacht. Hij ging op zijn hurken zitten, draaide de dikke grijze knop op de S en 8 seconden later was mijn kachel aan.

Oja, en hij draaide het gaskraantje open.

 

………gepaste stilte lijkt me wel op z’n plaats……..

Ik mis je

MissenJa hoor. Daar ben ik mans genoeg voor om het hardop te zeggen. Durf ik heus wel. Ben ik niet te beroerd voor. Kom op zeg! Ik ben 42 (en wat maandjes). Zou ik dan niet m’n emoties mogen laten spreken? Nou, dacht het dus mooi wel.
Sterker nog, ik ga het even HARDOP zeggen zodat de hele wereld het kan horen:
IK MIS JE!!!!!!!!!!!

Jarenlang heb je me vergezeld en waren we maatjes. Ik hield jou op de been en jij mij. Man, mooie tijden hebben we gehad. En jongens, wat zou ik willen dat die tijd weer terug komt.
Ik begin echt een burgerlul van middelbare leeftijd te worden. En dat allemaal door jouw afwezigheid.
Maar daar gaat verandering in komen. Hoe je het ook wendt of keert, ik ga actie ondernemen om je terug te veroveren. Ik ga m’n leven veranderen om de adrenaline weer terug te krijgen. Want daar heb ik het over, hè mensen. Adrenaline. (pffff, wat dacht jij dan? Hahahaha!)
Wat is er nou mooier dan strak van de spanning staan als er een buurman achter je aan rent als je weer eens bij hem deurtje gebeld (geleld zeggen ze hier, geloof ik) hebt? Of die onbeschrijfelijke kick als je een portemonnee met een visdraadje hebt vastgemaakt, jijzelf achter de bosjes zit en er een nieuwgierigaard aan komt lopen? Je kent het wel. Mèn, dat is toch fantastisch!?
Of dat ‘knock out-spelletje’? Waarbij je met één vuistslag een willekeurige voorbijganger bewusteloos slaat? Oh wacht, dat is een ontzettend achterlijk iets.

Wat ik eigenlijk bedoel is dat ik gewoon wat spanning in m’n leven mis. Het enige wat tegenwoordig nog een beetje spannend is, is of m’n auto wil starten. Of dat m’n tegenstanders mij een keer gaan verslaan met Wordfeud (@Slinzelf, dat ben ik!). Of dat m’n pielemoos een keer niet in hoerastemming schiet bij de zwoele aanblik van het doucheputje.
Ik zeg, het is tijd om het roer om te gooien en op ramkoers richting de spanningsboog te varen.

Rest mij nog even stil te staan bij de verwelkoming van mijn 500ste reactie op dees jolijtsijt. Ik vind het een mijlpaal. Weliswaar een kleintje maar toch één om in te lijsten.
Eens even zien wie de gelukkige is en wie een boterhamzakje huidschilfers van een lichaamsdeel naar keuze tegemoet kan zien.
………………………………………………………………………………….

Oh, ik ben het zelf.

Zucht. Zelfs daar valt niets spannends uit te halen.

 

 

Vrijen

VrijenIk dacht, het is vrijdag, laat ik eens gaan oreren over het veelal onderschatte vrijen. Goed vrijen is namelijk best een ontzettend lastig onderdeel van het liefdesspel. Het is niet even met de koppen tegen elkaar, muilen open en je lap tong bij de ander naar binnen proppen.
NEEN! Het is een kunst. Vergt oefening. Veel oefening.

Waar laat je bijvoorbeeld je handen? Welke kant ga jij met je hoofd op? Hoever moet je mond open? Tot waar gaat je tong naar binnen? Hoelang blijf je aan elkaar gekoppeld? Tja, dat zijn toch allemaal vragen waar een veelal luitjes niet over nagedacht hebben op het moment supriem.
Gelukkig dan voor deze luitjes dat ik een sensei in de vrijologie ben. Ik zal proberen het in klip en klare taal uit te leggen. Schrijf gerust mee.

De vrouw bepaalt!
Het begint met oogcontact. Dit voorkomt een schrikreactie bij de ander. Op gespreksafstand van elkaar dien je elkaar zeker 4,8 seconden recht in de ogen te kijken. In deze 4,8 seconden zullen de ogen van de vrouw een smachtende blik moeten tonen. En als bij de man een flauwe glimlach tevoorschijn komt, is de tijd rijp om tot elkaar te komen. (Mannen, ontbreekt de smachtende blik, laat dan de flauwe glimlach achterwege, het wordt niets! De vrouw bepaalt de doorgang op dit eerste moment.)
Bij het nader tot elkaar komen gaan de handen van de vrouw richting achterhoofd van de man en worden haar onderarmen op de schouders van de man gelegd. Dit is het moment dat de man de leiding van de vrijpartij overneemt. Pak de vrouw sensueel met beide handen bij haar zij.

Links!
Het moment is daar om lichamelijk contact te maken. Onthoud dat links heilig is! De man hevelt zijn hoofd iets naar links, de vrouw doet hetzelfde. Dit voorkomt onnodige en ongemakkelijke botsingen. Bij de eerste aanraking zijn beide monden gesloten, de ogen geopend. Raak elkaar vol op beide lippen gedurende 3,3 seconden. De man trekt hierna zijn hoofd van het gezicht van de vrouw maar zorg dat de afstand tussen beide gezichten nooit meer is dan 2,6 centimeter.

Verander van positie!
De man verplaatst zijn handen van de zij naar de zijkant van het hoofd van de vrouw. Plaats de handen teder langs de oren van de vrouw. De oren kunnen vrij gehouden worden door de duim boven en de overige vingers onder haar oren te plaatsen. Bedek nooit de oren! Niets zo vervelend dan als een dove te moeten vrijen! Vanzelfsprekend is een wirwar aan armen rond de hoofden ongewenst, de vrouw moet haar handen op een willekeurige plek op het lichaam van de man plaatsen. Veel voorkomend plaatsplekken zijn de biceps en de onderarmen van de man. Maar de broekrand is ook zeker een optie!

Sluit de ogen!
Sluit de ogen. De man zoent de bovenlip van de vrouw zachtjes met beide lippen. De man opent langzaam zijn mond en duwt met zijn onderlip de mond van de vrouw lafjes open. De man gebruikt zijn tanden om heel kort liefdevol op de onderlip van de vrouw te nibbelen. Dit is het teken voor de vrouw om de mond verder te openen. Maar nooit verder dan de kaak aangeeft! Niets zo vervelend om slurpende geluiden te horen echoën.
Breng het puntje van de tong gezapig bij de ander naar binnen. GA VOOR LINKS! Binnensmonds kunnen de puntjes van tongen contact maken middels curvende bewegingen. Houd deze move nooit langer dan 14 minuten aan! Vooral bij een verkoudheid is het lastig ademhalen door de neus.

Laat los!
Het moment van loslaten is voor een ieder anders. Dit kun je naar eigen inzicht doen. Op het moment van loslaten is het een vereiste om de gezichten nooit verder dan 17,2 centimeter uit elkaar te houden. Wederom is het van groot belang dat je elkaar recht in de ogen kijkt. Nu is het voor de man wachten op een flauwe glimlach van de vrouw. Deze komt meestal zeer spoedig na het loslaten. (Mannen, komt deze glimlach niet of komt er helemaal geen oogcontact, heb je je niet goed aan bovenstaande instructies gehouden en ben je als een hyperventilerende lama met je tong bezig geweest).

Met nog steeds de handen aan de zijkant van het hoofd van de vrouw, geef je de vrouw een korte kus op haar voorhoofd en laat je haar los. Doe als man een stap achteruit en wacht op de eerste woorden van de vrouw. In negen van de tien gevallen begint het met ‘hmmmmm’.
Dat was het wel zo ongeveer. Meer kan ik er niet van maken.

Maar ehm, Manus: Er zijn natuurlijk ook mensen zonder vrijpartner.

Dat klopt. En voor de mannen kan ik alleen maar zeggen; Vette pech joh!
Voor de vrouwen kan ik de hand aanraden. Op de rug van je hand kun je perfect oefenen op de kunst van het vrijen. Gebruik het gedeelte tussen duim en wijsvinger maar eens.
Succes.

Ps. wist je dat ‘Hand’ in het Latijns ‘Manus’ is?
Just saying.

Sinterklaasinkopen

SinterklaasMèn, wat een gedoe is dat! Die Sinterklaasinkopen.
En duur! Goeiendag zeg!
Sommige mensen kopen de kantjes er een beetje van af, doen een beetje van ‘mwah, boeiuh’ en zijn blij als het hele feest weer voorbij is.

Ik niet! Ik vind dat je er werk van moet maken. Want wij kopen de presentjes hè, lieve lezers?
Daar heeft Sinterklaas helemaal geen tijd voor immers. En omdat de oude baas mij deze verantwoordelijkheid heeft gegeven, zal ik deze taak dan ook tot in de perfectie uitvoeren. Als ik iets doe, doe ik het goed. Da’s het minste wat ik kan doen. Ik had aldus besloten vanmiddag Sinterklaasinkopen te doen.
En dus reed ik rond de klok van 14en richting een kostuumverhuurbedrijf. Ik moest me een Sinterklaasoutfit aan laten meten. Ik had bovenstaand plaatje meegenomen als zijnde voorbeeld. Al gauw kwamen we erachter dat de kleur niet helemaal tot z’n recht kwam. Ik besloot eerst een zonnebankje te nemen.
Eenmaal terug bij het kostuumverhuurbedrijf kwamen we een vriendenprijsje overeen. Ze zouden me tevens dressen en schminken. Na anderhalf uur was ik een evenbeeld van bovenstaand plaatje. Ik rekende gewillig af.
Eenmaal bij m’n auto merkte ik dat hoe ik ook wilde gaan zitten, de mijter niet paste. #%^^%%E$$#@@#$%%, vloekte ik op z’n Gronings.
Ik belde een taxi en zei erbij dat ik een grote auto met dakraam wilde. Een kleine 10 minuten later stopte er een witte stretched Hummer. Ik stapte in. Gelukkig, de mijter bleef zitten.

Bij m’n bestemming zei ik tegen de chauffeur dat hij moest stoppen. Tot mijn verbazing reed hij gewoon door. Ik realiseerde me dat de chauffeur mij natuurlijk niet had gehoord omdat hij 36 meter voor me zat. Ik keek eens in het rond en vond een volle Champagnefles in de minibar. Ik mikte de fles tegen de voorruit en gebaarde dat hij moest stoppen. De chauffeur begreep de hint.
Ik stapte het autoverhuurbedrijf binnen en vroeg om een cabrio en wees naar de mijter. De beste man had alleen nog een Aston Martin DBS Volante staan. Ik streek over m’n harde en verzuchtte dat die dan maar moest. Ik knoopte de mijter rond m’n kin en plankgaste richting eerste de beste speelgoedwinkel.
In de speelgoedwinkel werd ik door allerlei gepeupel aangesproken, aangeraakt en betast. Het irriteerde me. Ik begon om me heen te meppen. “Zucht, kan ik niet even gewoon Sinterklaasinkopen doen?”, schreeuwde ik door de winkel. Het werd een moment doodstil in de winkel.

Er lag vanzelfsprekend voor miljoenen aan speelgoed in de speelgoedwinkel en juist datgene wat ik zocht was niet te vinden. Ik werd een beetje moedeloos.
M’n aandacht richtte zich op een meisje met een chagrijnige moeder. “Kijk mam, dit is leuk”, zei het meisje. Moeder kwam het gangpad inlopen, keek niet eens wat het meisje aanwees en zei alleen “NEE”. Bij een volgend leuk iets was het weer alleen NEE en bij een volgende weer. Ik kreeg met het meisje te doen.
Ik liep naar de moeder toe en verkocht haar een lel.
Ze gaf me er 4,50 voor! Mooi meegenomen, dacht ik.
Plotseling zag ik waar ik voor gekomen was. HOEZÉÉÉÉÉÉ!!!! Fluks betaalde ik en ik sprintte de winkel uit. Het was me gelukt!

Ik ben nu dan wel 849, 36 euro lichter maar zoals ik al zei; als je iets doet, moet je het goed doen.

Nu morgen iets voor de jongens kopen en laat dan het feest maar beginnen!

Ik ben niet zielig

Niet zielig

Je hoort het nog al eens, mannen zijn aanstellers als ze ziek zijn. Vaak Meestal Altijd zijn het de vrouwtjes die dit verkondigen. Want ‘duw jij maar ’s een homp vlees door je pisbuis’. Dat is pas pijn! Duhuu, dooddoener vind ik het.
Toevallig is het wel wetenschappelijk bewezen dat een flinke trap tegen de units 10x pijner doet. En dat dan gemiddeld 15 uur lang is dus 10 x 15 = 150.000 keer pijnlijker ja!
Dus.

Maar ik moet de vrouwtjes toch wel een klein beetje gelijk geven. Er bestaan mannen die bij één niesbuitje in de zieligmodus kruipen, zich voor het werk ziek melden en zich een week lang laten pamperen door vrouwlief. Ik vind dat misbruikmakenvandesituatieërs. Zieligerds.

Ik zal dat nooit doen. Ik ben ook nooit ziek. Tenminste, niet gewoon ziek. En mocht ik één keer per jaar de piem zijn, dan ben ik ook gelijk superziek. Killerziek.

Zo ook nu. Ik heb een killergriep. Zo eentje waar zelfs de bacteriën van denken ‘nou, die slaan we even over’. Het snot loopt Niagariaans uit beide neusgaten. M’n hoofd voelt als een dichtgeknepen mayofles bij een setje frikadellen. Er hebben al 3 prostitutiehoeren gebeld om een kamer te huren op m’n wallen. M’n keel voelt alsof er al weken geen bier doorheen is gestroomd. Op m’n stem zou Barry White wit van jaloezie zien. En de koorts tikt tropische temperaturen aan. Ik heb vanochtend een thermometer in 2 lichaamsholtes geduwd, m’n ingang en m’n uitgang, en beide keren sloeg de meter dieprood aan. *tipje voor een volgende keer; de thermometer eerst in m’n mond doen, voorkomt nare smaak*

Maar hoor je mij daar over? Meld ik me ziek? Laat ik me door vrouwlief pamperen? Nee, ik dacht het niet.
Ik ben niet zielig.

Of eigenlijk wel.
Maar dat zul je mij nooit hardop horen zeggen.

Verkeerd beeld

Ik heb me daar toch even sterk het idee dat er een compleet verkeerd beeld van mij rondwaart op dees kloot.

Hé, da’s toevallig! Ik had het er gisteravond nog over. Nah zeg!

Zo schijnen er zum bleistift mensen te zijn die denken dat ik ècht een arrogante, superieur voelende, alleen maar vet vretende, alleen maar bier drinkende, denkend in een Audi A3 rijdende, prachtlijf hebbende, nooit serieus zijnde, einzelgängende, vrouwenverslindende geheim agent ben.
Hahahaha, tuurlijk niet! Ik heb namelijk al best een buikje.

Je moet niet alles geloven wat op dit weblog staat.
Ja, goed. Al mijn anekdoten bevatten een kern van waarheid maar het meeste wat ik hier neerplemb is flauwekul.
En ik doe dat niet zomaar, ik doe dat met een reden. Ik doe dat voor jou. Ja, jij.  Jij lezer/leester. Om je een (glim)lach te bezorgen. Om je iets mee te geven om over na te denken. Of gewoon om je een inzicht te geven in mijn complexe persoontje.
Kijk, dat jij daar dan een beeld van mij van houwt, dat is jouw recht. Zou ik ook doen. Maar houw dan wel het juiste beeld.

Zo schijn ik best een aardige gezelschapspartner te zijn. Ik schud nog wel eens uit het niets een grap, grol of dijenkletser uit mijn rechtermouw. Ik kan erg leuk meedoen met spelletjes. Ik heb een universele muzieksmaak. Zolang er vlees geserveerd wordt, heb je aan mij geen kind. Ik heb een brede kennis van zaken. En ik weet wanneer het tijd is om er weer vandoor te gaan. En dat is toch ook niet onbelangrijk, me dunkt.

En dat brengt me op mijn favoriete ‘laat ik eens iemand verrassen met een bezoekjedagen’. De kerstdagen. Ze komen er weer aan.
Zal het een klein beetje uitleggen voor de nieuwelingen in mijn leven. Op een willekeurige kerstdag rijd ik naar één van m’n vele vrienden toe en bel spontaan en onaangekondigd aan. De bedoeling is dan dat je me met open armen ontvangt en dat we er een gezellige morgen/middag/avond van maken.
Leuk hè? M’n vele vrienden kijken elk jaar weer reikhalzend uit naar dit moment. “Zou ie dit jaar bij ons komen” brandt half oktober al op ieders lippen.
Ach, ik doe het graag hoor.

Ik kreeg gisteren mijn rooster door voor de kerstdagen en ik kan melden dat ik alle tijd heb om verrassingsbezoekjes af te leggen. Ja, je leest het goed, bezoekjeS. Ben van plan dit jaar meerdere te plegen.    

Dus vele lieve vrienden, de kogel is door de kerk. Ook dit jaar gaat deze traditie gewoon door!

Romantiek

Ik plempte net weer eens een statusupdate op het wereldwijde web en fluks werd er gereageerd door mijn goeie vriend en ultieme stommerd Linda. Ik schreef dat een romantische strandwandeling er vandaag niet in zat. Zij schreef dat anders het weer wel roet in het eten zou gooien.
Een zielscheurende opmerking. Maar wèl een lollige, dat wel.

Romantiek, wat is dat nou eigenlijk? En waarom is romantiek in vredesnaam zo belangrijk in een relatie. Ik ben er nooit een ster in geweest. Maar dat komt omdat ik nog nooit de definitie ervan begrepen heb.
Een romantische strandwandeling zum bleistift. Wat is er mis met een gewone strandwandeling? En waarom zou je trouwens kilometers door het mulle zand moeten sjouwen? In mijn optiek kun je beter de eerste de beste strandtent naar binnen gaan en wat drinken/eten.

Of romantisch op een tijgerkleed voor de open haard hangen/liggen/zitten. Ja? En dan? Dat verveelt volgens mij ook wel na een dikke 7 minuten. En als je geen open haard hebt? Moet je dan maar voor de verwarming of kachel (die heb ik, kutding doet het nog steeds niet) gaan hangen/liggen/zitten?
En een tijgerkleed? Waar haal je zo’n ding? Ze zien me al aankomen bij Ouwehands. Dat ik het tijgerverblijf afdaal en met een mes zo’n prachtbeest van z’n velletje ontdoe.
Je kunt volgens mij beter op de bank plaatsnemen. Een stuk zachter voor de bips! Maar ja, ik vind dat een bank om op te liggen is. Dus zou jij op een aparte stoel moeten zitten. Maar waar dan de romantiek moet inkicken, ik heb geen idee.

En kaarsjes? Wie heeft dat verzonnen? Waarom denk je dat elektriciteit is uitgevonden?

Nee. Romantiek, ik vind het maar een vaag iets.
Misschien dat jij me op een andere gedachte kan brengen?

De lijnen staan, zoals gebruikelijk, open.

Recensie

SuperAbusMet trots kan ik melden dat de opnames zijn afgerond van de nieuwste film in de SuperAnus-zoveelogie. “SuperAnus goes los op flinkertjes” gaat de film heten. Wederom zien we SuperAnus en zijn trouwe hulpje Hermie in dit vervolg. Een leuk detail is dat ze dit keer een omgebouwde Volkswagen T1, de SuperABus, tot hun beschikking hebben.
De producers hebben deze keer niet gekozen voor één vijand maar voor honderden tegenstanders. En dat komt de film ten goede. De actie spat van het scherm! U heeft geen seconde rust.
Goed, het verhaal lijdt er een beetje onder maar de vele visuele effecten maken een heleboel goed.

Zoals in elke film begint het ook hier in zijn hermetisch afgesloten en voor de buitenwacht volkomen onzichtbare penthuis.
SuperAnus zit op zijn bank de strips in de krant te lezen als zijn trouwe hulp Hermie binnen komt stormen. SuperAnus moet onmiddellijk meekomen naar het hightech lab. Er is weer een noodoproep uit de hightech Commodore gerold.
Er schijnt een nieuw ras op Aarde te zijn neergestreken. Een gewelddadig ras. Flinkertjes worden ze genoemd. Een ras dat het voornamelijk gericht heeft op hulpelozen, eenlingen, ouderen en jonge meiden. Onder leiding van een zekere A. gebruiken ze onnodig veel geweld, stelen ze kleine bedragen of voorwerpen en bezigen ze uiterst agressieve taal.

SuperAnus staat voor een lastige klus omdat de groep niet alleen in zijn woonplaats opereert maar dat ze landelijk actief zijn. De hightech Dotmatrix printer in het hightech lab spuwt de ene na de andere verdachte uit. Het duurt maar even of alle wanden hangen vol met verdachte rasleden.
Opvallend is dat ze meestens dezelfde soort kleding dragen, dezelfde kapsels hebben en zich voortbewegen op dezelfde voertuigen. Dat maakt de zoektocht voor SuperAnus een stuk eenvoudiger.

Na deze kalme openingsscene trekt de regisseur alle registers open.

In de SuperABus rijden SuperAnus en Hermie stad en land af om de flinkertjes één voor één uit te schakelen. Voor de zwakke magen is dit niet altijd even prettig om te zien omdat er ontzettend veel vuurpower en vechtscènes gebruikt worden en dat bloed en ledematen in het rond vliegen.
Het wordt al snel duidelijk dat de tactiek van SuperAnus is om de groepjes te verzwakken door er telkens één raslid uit te halen.
Na een dik uur actiegeweld gaat de film geruisloos over op de thrillertoer.

Een schitterend en tergend spannend moment is dat SuperAnus een flinkertje in de SuperABus trekt en met het flinkertje geblinddoekt en geboeid naar de straat van Gibraltar rijdt. Hier in een bootje stapt en op precies 7,2 kilometer van de kust het flinkertje overboord kiepert.
Trouwens, ontzettend veel credits voor de tegenspeler die je een kwartier lang laat mee sidderen in zijn doodsangsten. Oscarwaardig.

Het laat zich al raden; SuperAnus zegeviert zoals het een echte actieheld betaamt. De rust is weergekeerd in Downland.
Toch geeft de film ruimte aan een vervolg want de grote leider A. is niet gevonden. Waarschijnlijk bestaat hij ook niet. Wie zal het zeggen?

De recensent.

Lolbroek

Bips

Ik mag dan wel een lolbroek in ruste zijn maar ik kan het nog steeds hoor!

Ik zat vanochtend op de bank achter een bakkie pleuah en keek eens rond in m’n penthuiswoongedeelte. Nou, daar was niets buiten het ordinaire te zien. Ik draaide het lijf richting eetkamergedeelte en toen gebeurde het.
Een ontiegelijke flapperscheet ontglipte m’n bips. Maar dat heeft verder niets te maken met dees anekdoot. Begrijp ook niet zo goed waarom dit erin staat. Raarrrrrrr.

Na een ‘hé, een scheetlachbui’ zag ik m’n pasgeleden afgezaagde eettafel staan. En ik herinnerde me dat zeun kortgeleden een flinke lap uit het tafellaken had geknipt. “Oja, ik moest nog een tafellaken hebben”, dacht ik toen. Dat heeft meneer Evolutie toch maar mooi bedacht. Dat je je iets herinnert en dat je dan gelijk ergens aan denkt. Wat jij?
Ik ging eentje halen, fuk de zondag!

Vanochtendmiddag toog ik dus naar Bataviastad. Je weet wel, dè outletstad van Nederland. Ik was er nog nooit geweest en ik verwachtte eigenlijk een XXXXXL-Action ofzo.

NEEN!!!!!!!!!!! Niets van dat al. Au contraire, mon amis. WAL FUKKING HALLA!!!!!!

Tenminste, als je van degelijke kleren houdt. En ik houd van degelijke kleren. Al mijn merken zijn in dat kleine stukje Nederland te vinden.

Maar ja, ik kwam voor een tafellaken. En een tafellaken zou het worden. De kleren komen wel met m’n eerstvolgende date die niet lang meer op zich laten wachten (ik zal m’n Kaaimaneilandaccount vast ’s even leeg trekken.)
Nadat ik ongeveer 3 kwartier met toch wel stevige lichaamsonderdelen had rondgelopen kwam ik bij het winkeltje genaamd ‘Gant’.
Ik stap er gezonnebrild binnen en zag 2 verkoopsters staan. “Goedemorgen”, zeggen ze simultaan en in koor. Ik stop onmiddellijk en pak m’n telefoon uit m’n broekzak. Mijn telefoon gaf 12.37 aan. Zuuuuuuuuuuuuuuuuuucht. Met m’n schouder en hoofd neerslaand maakte ik dat exacte geluid.

“Dit doen we even over”, zei ik op gebiedende toon. En ik liep de zaak weer uit.
De mevrouwen keken ietwat verbaasd toen ik weer op dezelfde manier binnenkwam. Voor een actiefilmthrillerpornoacteur als ik is dat natuurlijk een schilletje van een peul. “Goedemiddag”, zei de ene terwijl de andere vasthield aan ‘goedemorgen’.
KUT! Riep ik. En weer liep ik naar buiten.

We hebben deze scene in totaal 8 keer over gedaan alvorens de regisseur tevreden was. Dan hadden m’n tegenspeelsters weer een lachbui, dan was er ineens een figurant pontificaal in beeld, dan had ik weer ergens een stevig lichaamsonderdeel. Zucht.
Acteren, het is ook niet voor iedereen weggelegd.

Maar goed, ik heb de 2 dames een hartstikke leuke middag (en waarschijnlijk een hele dag. Wat? Een heel leven) bezorgd en ik heb een nieuw vet cool boomlauw strak bruut flex chill jeweetzelluf tafellaken. (foto op de Twitters en Facebooks).

En daar draaide deze 2e vakantiedag immers helemaal om. Morgen de planten water geven!
Zin an.

Zomertijd

VB zomer

FEESSIES TIME!
Let op, er staat FEESSIES. En geen FAECES!
Da’s namelijk heul iets anders. Ja goed, je spreekt het wel hetzelfde uit maar dan nog, het is heeeeeeuuuuuuul iets anders.
Zou wat zijn zeg, dat ik een feestje zou geven om een partijtje uitwerpselen te vieren. Met shitmuziek, vlaaien, bolussen en alleen maar kakkers zeker? Hoe deranged int hoofd denk je dat ik ben?

Neen, een feessie ter ere van de zomertijd!!!!!!!
Geef toe, ook jij bent inmiddels strontziek (ah, heb je de faeces weer!) van dit schijtweer (en weer! Nah zeg. Taalvirtuoos dat ik me daar ben!).
En juist daarom geef ik een feessie. Zaterdag op zondag gaat de klok vooruit en kickt de zomer keihard in.
En dat moet gevierd worden. Dat zeg ik!
As we speak worden er 34 palmbomen uit Cyprus (koopie joh!) ingevlogen en wordt zaterdagmiddag 259 kuub Grieks strandzand in mijn woonkamer gestort. Ik vind dat je all the way moet gaan met zo’n themafeessie! Een knalfuif wordt het. Het dak gaat eraf! (oh, wellicht dat ik dat zaterdagmiddag vast kan doen. Hmmm, aandachtspuntje)

En net als al mijn voorgaande feessies is natuurlijk de animo niet te harden.
En daarom, mijn lieve lezers, ben ik genoodzaakt een schifting te maken. Het spijt me, ik kan jullie niet allemaal kwijt.

Je bent van harte welkom als:

je weet waar ik woon
je mijn telefoonnummer hebt
je weet hoe mijn zoontjes heten
je weet hoe je faeces schrijft
en als jouw ruwe schatting van de lengte van mijn geslachtsdeel niet meer dan 13 cm verschil bedraagt.

Ik zou zeggen:
TOT ZATERDAG ROND DE KLOK VAN 20 uur

Kep er sin an!!

Zomer

in zeeZomer. Je kunt er niet vroeg genoeg mee beginnen. Dat zeg ik.

Oppekelen (opzouten maar omdat het winter is en ze pekel gebruiken noem ik het oppekelen. Schitterend weer, Manus!) met die winter. Ben er helemaal en dan ook echt helemaal en compleet klaar mee.
Poepziek van vriezen, poepziek van sneeuw en poepziek van piemolkrimpende temperaturen. Oprotten, inpakken en wegwezen en dan hoeft het nog niet eens in die volgorde, wat mij betreft.
Ik ben er zelfs voor om het woordje ‘winter’ helemaal uit onze vocabulaire te schrappen. We noemen het gewoon kutzomer.

Aankomende zomer, wat zal ik daar eens over zeggen.
Dat kon wel eens een hele fijne worden. Zoals het nu lijkt gaat voormaligje met de jongens 2 weken naar La France en dan precies in mijn vakantie. En dus vervalt mijn vakantie met m’n jongens. Let wel, dit is in goed overleg gegaan dus dreigbrieven aan het adres van voormaligje zijn niet wenselijk!
Ik heb dus 2 volle weken volledig vrij om vakantie te vieren. Ik had aangeboden om een paar dagen naar La France te komen maar voormaligje gunde mij en de jongens dit pleziertje niet. Nou, dan niet! Hmm, misschien zijn dreigbrieven toch niet zo’n gek idee.
Ik moet me dus zelf vermaken. Maar ik ben er nog niet helemaal uit hoe dit te doen. Een week of 2 in bovenstaande pose verkeren is vanzelfsprekend een optie. Maar 2 weken rondbanjeren met de witte katoenen broek en ontbloot boventorso behoort ook tot de mogelijkheden. Of een mix van beide?
En dan is er natuurlijk nog de vraag, waar?
Blijf ik in Nederland? Ga ik toch stiekem naar Frankrijk? Stap ik in het vliegtuig op lucht (op weg maar omdat vliegtuigen gebruik maken van de lucht noem ik het op lucht. Schitterend weer, Manus!) naar een tropisch oord? Een stetentrip (stedentrip maar omdat Amerika uit staten bestaat en je het uitspreekt als steten noem ik het stetentrip. Schitterend weer, Manus!) door de USA? Een trainingskamp in een niet nader te noemen Midden-Oostenland bezoeken? Kangoeroes eten spotten in Australië? Wedstrijdje bolle buiken spelen in het allerarmste Afrikaanse land?
Vragen, vragen, vragen. Wellicht heb jij een suggestie?
Ik ben er in elk geval nog niet uit. Maar denk wel dat het een fijne zomer wordt.
Nu eerst nog maar even een maand of 2 door deze kutzomer worstelen.

Knalfuif

knalfuif

Ik had alles tot in de ….. voorbereid. Ik had alle details gedetailleerd en strak als mijn eigen taille gepland. Onverstoorbaar ging ik te werk, niets kon mij tegenhouden. Mijn eerste knalfuif na m’n laatste knalfuif moest en zou een succes worden.
En natuurlijk kreeg ik te maken met tegenslag, what’s new? Mijn zo geliefde partner in crime had er geen zin in. Iets met de accu ofzo. Maar zoals hierboven reeds beschreven staat, liet ik mij door niets of niemand tegenhouden.
Ik duwde dus m’n Peutje die 2 kilometer naar de AH, laadde ‘m vol en duwde ‘m weer terug. Later bedacht ik me dat ik ook gewoon het volle winkelwagentje op m’n schouders had kunnen doen. Maar daar kom je altijd achter als het te laat is.

Tegen vijven arriveerde Jan Vayne. Hij had aangeboden om de hapjes te verzorgen. Blokjes kaas, plakjes worst, bakjes toast, bordjes chips, schaaltjes kaviaar, je kent ’t wel. Maar toen hij om 18 uur nog steeds bezig was z’n haar in het haarnetje te proppen, heb ik hem weggestuurd. Daar had ik geen tijd voor. Ik ging zelf de hapjes wel verzorgen.

Omdat je zo’n knalfuif niet alleen kunt behappen had ik wat werknemers op de kop weten te tikken. Sommige letterlijk. Die Pool, die normaal bij de Total langs de A12 werkt, bijvoorbeeld. Hem had ik gecharterd om als toiletheer te fungeren.
Douchr Hari (inderdaad, de broer van) was de portier van de avond. Hem had ik op het hart gedrukt dat gasten in witte kleding gewoon welkom waren. Hij vertelde dat z’n vriendin helaas niet kon komen, ze was het vergeten. Ze was nogal vergeetachtig de laatste tijd, zei ie. Ik had er begrip voor.
Armin, die de muziek zou verzorgen, heb ik weggestuurd. Hij dacht dat het feest bij de buren was en belde daar aan. Tja, dan ben je een suflul. Toch? Ik kon trouwens zelf die Maywood-knijters ook wel draaien. Jammer, maar soms moet ik hard zijn.
Yolanthe kwam om de garderobe te doen. Ze kon alle jassen mooi in de kas bergen. En tenslotte had ik Wilfred Genee weten te strikken om al zijn ‘maar dat terzijde-grappen’ te vertellen.
Om kwart over 8 zaten we er helemaal klaar voor. The party in tha penthuis kon beginnen. Wat kon er nog fout gaan?

…………………………………………………………………………………………………………………………..

Gasten.
FUK! KLUT! @#$^^%$#@$%^

Hoe kon ik nou de gasten vergeten zijn uit te nodigen?
Zucht, heb ik weer………………..
*PETS* (geluid van mezelf voor m’n kop slaan)

Nou ja, volgende keer weer een poging.
Zaterdag 16 februari 2013 m’n volgende knalfuif.

LET OP!

DIT IS DUS EEN AANKONDIGING/UITNODIGING

ZATERDAG 16 FEBRUARI 2013. AANVANG 20.00 uur.

Ik doe wederom wat leuks aan.

Tot dan.

Twating is zòòòòò 2013

Twating Tja, ik mot toch wat.
En daarom heb ik m’n eigen datingsite maar ’s opgezet. Fuk dat Lexa. Fuk dat dating2000. Fuk dat weet ik veel hoe al die sites heten.
@TWATINGSITE it is vanaf nu mèn!

Het idee is simpel. Je volgt de site en tussen de volgers zoek je jouw date om samen gezellig mee te twaten (Twitter daten). Mocht het klikken, kan er iets moois uit bloeien. Want daar gaat het toch allemaal om in het leven, dat we gezellig in volle liefde met elkaar kunnen leven. Toch?

En dat ik er van uit ga dat de genoemde datingsites hun klandizie weg zien lopen en overstappen naar de gratis Twatingsite en dat zij dus genoodzaakt zijn mijn concept over te nemen tegen een uiterst vriendelijk 6 nullen prijsje, dat heeft er helemaal niets mee te maken.

Om mij zelf en persoonlijk voor te stellen, zal ik hier (opnieuw) mijn vrijgezellen cv plaatsen. Ik zou zeggen, moge de juiste vrouw met mij mogen twaten.

Hallo vrouwtjes,

ik ben een lompe veertiger met een grote bek en een zeer duidelijke mening maar wèl met het hart op de juiste plek. Ik rook sigaren en drink op alcoholgebied uitsluitend bier. Ik barst van de humor, heb een prachtlijf en loop graag op slippers. Ik ben in het bezit van een appartement, een oude auto en heb twee schatten van zoons (2 en 5 jaar). Ik werk in een classified environment en heb discipline hoog in het vaandel staan. Ik heb een hekel aan geweld maar ga het zeker niet uit de weg. Ik houd van rust aan de kop en moet absoluut geen (vrouwen)gemekker hebben. Ik heb ontzettend veel interesses maar de meeste daarvan boeien me vrij weinig. Ik ben een 100% zomermens en ben in winterse tijden meestal niet te genieten.

Ik zoek een partner omdat ik er schijtziek van ben om het huishouden in m’n eentje te doen. Ik heb niet echt voorkeuren voor haarkleur, ogenkleur en huidskleur maar je moet er wel verzorgd uitzien. Je moet tussen de 34 en 40 zijn en je moet wel tetten hebben, ben een borstenman.

Stuur je mail naar bla bla bla en wie weet krijg je wel een berichtje terug.

Lieve groetjes,

Manus.

De beste wensen

2013

Over enkele uren stap ook ik 2013 in. En deze keer ga ik het ’s helemaal in m’n eentje doen.
Altijd (*Hans Teeuwen stem* altijd altijd altijd) heb ik mensen om me heen gehad bij een jaarwisseling. Natuurlijk heul vroeger m’n ouders, later (toen ik Hoofd brandstichting van de buurt was) vrienden, weer later m’n voormaligje en haar familie, nog later mijn gezinnetje en vorig jaar wist ik me omringd door collega’s.
Dit jaar niets niemendal nada. HE LE MAAL alleen.

En nee, da’s niet zielig dus berg die waterlanders en tissues maar op, ik kies er zelf voor. Je moet alles een keer geprobeerd hebben in je leven immers. En trouwens, nieuwjaar vink sowieso een sneu feest. Ik vier een nieuw jaar op m’n verjaardag. Dusssss.

Ik heb uit een oude doos (nee, niet de onderbuurvrouw) een stapel cd’s gevat en daar vermaak ik me kostelijk mee.
“Maar Manus, je kunt toch ook de top 2000 aan zetten?”

NEE!!!
Ik heb elk jaar nog enigszins geluisterd maar die keren dat ik dit jaar luisterde, man man man, wat een bagger.

Ik heb zojuist ‘the best of Maywood’ opgezet. De volgende is ‘Benny Neyman’s meest gelikte hits’. En als afsluiter ga ik volledig los op ‘Der hübschte von Rex Gildo’.

Ik vermaak me dus prima.

Rest mij nog een ieder een heel voorspoedig en gelukkig 2013 te wensen.

En dat heb ik zojuist in bovenstaande zin gedaan dan.

Fijne kerstdagen!

KerstkaartJa, jullie wel.

Ik ga alleen maar één van de beste kerstnummers (zijn die er dan, Manus? Ja, deze met de tranentrekkendste eindzin ooit!) draaien, bier drinken en gewoon hardop KLUT! roepen.
Ofzo.

Maar jullie, lieve lezers die mij ook dit jaar enorm gesteund hebben, jullie wens ik het allergezelligste toe.

OP JORS dan maar.

Gelukkig heb ik m’n eigenste lol-met-m’n-jongenssite nog.
http://www.youtube.com/user/VonGoegelhausen?feature=mhee

The end

 Weet niet of jij er al mee bezig bent maar over een vadsige maand, zeg maar een week of 7 gaan we er aan. Allemaal! Dat heeft Maya voorspelt en ik heb niks gelezen over iets van afwijking of verandering dus bleef Maya de bij (ha! Schitterend gevonden Manus!!!) dat op 20 december aanstaande (2012 2012) de wereld vergaat.

De grote vraag is natuurlijk hoe we kapot gaan. Knalt dees kloot ineens uit elkaar? Komt er een killertsunami? Krijgen we een wereldbeving? Worden we aangevallen from outerspace? Vragen, vragen, vragen. Maar gelukkig voor jou is daar mijn alterego.
In tijden van nood, in heule donkere dagen, als je het niet meer ziet zitten, ligt dood en verderf op de loer, is daar altijd de enige superheld waar je op kunt vertrouwen, de man die niets niet kan, de man die voor iedereen klaarstaat (mits abonnementsgeld is betaald vanzelfsprekend):
SUPERANUS.
Je hebt vast sinds gisteren zijn logo in de lucht al wel zien hangen.
Ik heb namelijk ontdekt hoe we het ootje gaan leggen. De Aarde verandert in één grote Bermuda-driehoek. We verdwijnen gewoon.
Is dat koel ofnie?

Hoe ik dat ontdekt heb, vraag je je af. Nou, dat ga ik uitleggen.
De afslag van de snelweg richting mijn woonplaats heeft 2 banen voor linksaf, de gewone (voor de kijker rechts) en de inhaalbaan (voor de kijker links) voor het grote kruispunt. Op mijn vaste baan, de inhaalbaan, stonden 3 auto’s en een vrachtwagen met oplegger. Ik besloot achter de 5 auto’s op de gewone baan te wachten. Bij groen zou ik dan toch sneller zijn dan de vrachtwagen met oplegger. Het was nogal een forse namelijk en die trekt mijn 5.4 er nooit uit, was mijn achterliggende gedachte.
Bij het sein groen begonnen beide rijen te rijen (ha! weer zo’n briljante!!) en precies als ik in mijn achterliggende gedachte had, knalde ik vòòr de forse vrachtwagen met oplegger de inhaalbaan op.
Ik stoof over de 80 kmweg richting afslag woonplaats. Nieuwsgierig als ik van aard ben, was ik toch benieuwd welke lutser achter die forse vrachtwagen met oplegger was blijven rijden. Ik keek in de achteruitkijkspiegel (702 punten bij Wordfeut).
En wat ik toen zag……………………………………………..je zal het niet geloven.

NIETS, NIEMAND, NADA teken van de forse vrachtwagen met oplegger…………………………HUH???? Ik fronste de rechterwenkbrauw. Ik keek in beide zijspiegels (om de beurt natuurlijk want tegelijk lukt mij fysiek niet) en ook daarin was geen spoor van de forse vrachtwagen met oplegger te bespeuren. Ik fronste m’n linkerwenkbrauw naast m’n rechter en riep nog eens hardop HUUUUUUUUUUH???
Dat kon toch eigenlijk niet? De forse vrachtwagen met oplegger was linksaf geslagen, hoorde op dezelfde weg als ik te rijden en toch was ie er niet. Ik keek eens naar m’n ballen. Die snapten er ook niks van. De forse vrachtwagen met oplegger was in het niets verdwenen. Raar hè?

Nu ben ik er dus van overtuigd dat het einde der tijden begonnen is en dat we er weinig aan kunnen doen. We kunnen het wellicht hooguit een beetje sturen. En dat is exact wat SUPERANUS gaat proberen te doen.
Wat zullen we het eerste laten verdwijnen? Ik denk zelf dat ik bij de zorgverzekeraars begin.
Suggesties zijn welkom.

Ted

Zag gisteren dat Maurice, m’n goeie vriendin en tevens echtgenoot van m’n goeie vriend Linda, een soort van ‘Wiesdanou?©’ deed op Facebook. (Voor m’n nieuwe schare fans ; Wiesdanou?© is een briljant, leerzaam en hartstikke lollig online 2011 kwisje welks ondergetekende verzonnen heeft.)
Ik heb er totaal geen moeite mee dat Maurice mijn concept een nieuw leven in probeert te blazen. Sterker nog, ben er zelfs wel trots op dat juist Maurice het is die dit doet en niet één of andere nono. Hoop dat het een succes wordt.
Maurice toonde een foto en de vraag was wie de persoon 2e van links is. Een hele bult reacties volgden, ik besloot ook te reageren.
Ted van de Parre, reageerde ik. En ik schoot in een enorme lachbui. Ik lachbui vaker om mezelf en deze keer was het omdat de gevraagde persoon absoluut en totaal niets van Ted van de Parre weg heeft. Ik vond dat zó lollig! (Maurice ook, dat moet wel).

Ted van de Parre is een iconische cultheld. Ted van de Parre roelt boven alle andere roelers uit. Ted van de Parre is het ultieme wat de mensheid ooit heeft voortgebracht. Ted van de Parre is een kruising tussen Hercules, Magnum en een Jumbojet.
Hij is voormalig sterkste man van Nederland, Europa en de wereld. Met z’n 6 meter 24 was hij jarenlang geen partij voor de overige deelnemers. Hoe ze hun stinkende best ook deden, Ted was altijd 10x beter.
Een boomstam van 150 kilo boven het hoofd tillen? Ted legde ‘m op z’n wenkbrauwen, rolde een sjekkie en met de rook van ’t sjekkie blies hij de boomstam secondenlang in de lucht.
Zoveel mogelijk liters water binnen een minuut verplaatsen? Ted nam een slok uit de Noordzee en pieste het even later weer uit. (Zo is trouwens het Sneekermeer ontstaan).
Een vrachtwagen vooruit trekken? Ted ging er mee winkelen. Onder z’n arm!
Afleveringen van ‘De sterkste man’ duurden dikwijls een week, simpelweg omdat Ted met gestrekte armen 2 personenauto’s zolang in de lucht hield.
Nee, niemand kon ook maar in z’n schaduw staan. Of ja, eigenlijk wel. Een hele tribune toeschouwers zelfs.

Geen idee wat de man tegenwoordig doet. Maar dat is ook helemaal niet belangrijk, hij moet gewoon Ted van de Parre zijn!
Ze moeten bij wet vastleggen dat vanaf heden Ted van de Parren een werkwoord is. Ted van de Parren = Bruut zijn. Er moet een Ted van de Parre-monument komen, een Ted van de Parretoren. De badplaats heet vanaf nu Ted van de Parrenesse.  Ze moeten per direct criminelen Ted van de Parresteren.
(meer woordspelingen kan ik niet vinden. En trouwens, is ook flauw, doet afbreuk aan deze ode aan Ted).

TED VAN DE PARRE.
Zijn naam schrijf ik met hoofdletters.

Neus

Er zijn af en toe mensen die over m’n neus vallen. Niet letterlijk natuurlijk. Dat zou wat zijn zeg. Dan moet je een flinke unit hebben!
Nee, ze vinden dat ik een ietwat fors exemplaar heb. En als je goed kijkt klopt dat ook wel een beetje.
Het ding neemt een substantieel deel van m’n gezicht in maar ik kan dat verklaren. Het is een speurneus.
Naast mijn werk als, oh floeps, dat mag ik niet vertellen. Laat ik het er op houden dat ik in mijn werkzame tijd sneue onverlaten preventief uit de samenleving haal. Je kunt mij bijvoorbeeld leasen mocht je een sneuerd opgeruimd willen hebben. Tegen een vriendelijk prijsje zorg ik er voor. En op woensdag geen bezorgkosten!!!!!!!
Maar daarnaast ben ik ook een speurder van jewelste. En ik ben iets groots op het spoor!!!!

Ik heb al eens verteld over m’n onderste buren toch? De man en vrouw van gezamenlijk 367 jaar oud? Ken je wel hè? Nou, die spelen de hoofdrol.
Ik had een frituurpan, een dvd van Buurman en Buurman en een waterkoker bij Bol.com besteld. De frituurpan moet een vrijgezelle prachtlijfhebbende vent gewoon standaard in huis hebben. Buurman en Buurman zijn hilarisch en niet alleen voor zoonlief. En de waterkoker is voor de massa’s vrouwen die ik in mijn penthuis ontvang. En juist daarom wilde ik eentje hebben want (veel, de meeste, alle) vrouwen drinken thee.
Mocht het zo zijn dat hier nooit vrouwen zouden komen, zou ik geen waterkoker nodig hebben. Ik drink geen thee en eigenlijk drinken echte mannen geen thee. Thee is gay immers.
Maar ik dwaal af.
Vorige week zat ik in de nachtdiensten en lag ik net ’s ochtends in m’n nest toen er werd aangebeld. Scherp als ik ben had ik direct door dat het mijn bestelde waar was.
Maar om daar nou voor uit m’n warme bed te komen, nee. Die komt vanzelf terug, dacht ik.
In de middag, toen ik het haar, de oksels en de pielemoos weer schoon had, liep ik naar beneden om m’n brievenbus te ledigen.
Op de trap voor de deur van de oudjes stond 1 doos en 1 doosje. M’n bestelde waar hadden de onderste buren in ontvangst genomen.
Sympathiek van die fossielen, dacht ik. In de doos zat m’n frituurpan en in het doosje de dvd.

Vandeweek ruimde ik m’n bureaula op en kwam de pakbon tegen. Een frituurpan, een dvd èn een waterkoker stond erop.
Huh? waterkoker? Had de hoeveelheden pils die ik tegenwoordig naar binnen werk een gat in m’n geheugen geslagen of zat de waterkoker er niet bij?
Ik gokte op het laatste. M’n speurneus begon te vibreren.
Na enig speur en tevens denkwerk kwam ik tot 2 conclusies;

1. De koerier dacht bij zichzelf “Hé, ies leuk voor vrouw”
2. De onderste buren hebben ‘m achterover gedrukt.

Ik gok het laatste. Die ouwe taart drinkt nu gewoon thee van mijn waterkoker à 29,95!!!!!!!

Ik ben woest……………………………………
Zijn ze nou helemaal vant pad af?
Een beetje jatten van mij.

Morgen ga ik een inval bij ze doen.
Twijfel nog of ik als mezelf ga of dat ik m’n haar in een zijscheiding leg, m’n snor bij knip en de zwarte laarzen aan trek.

Lenny Kuhr

Er begint me nu een hoop duidelijk te worden.
Goeiendag zeg, met al m’n intelligentie, gezonde wantrouwen en een basis van expect the unexpected kom er nu pas achter. Je wilt het niet geloven maar ik ben momenteel een beetje teleurgesteld in mezelf. Kan mezelf wel voor m’n kop slaan. Word er zelfs een beetje emotioneel van.

Natuurlijk had ik wel een vermoeden, in m’n relatie viel het me heus wel op. Zo af en toe zat ik ernaast en ging ik maar weer van het beste uit. Gezellige avonden waren dat, ook al waren ze sporadisch en zeldzaam. Maar heel vaak werden mijn vermoedens toch wel bevestigd en lag ik weer alleen op de bank een beetje naar de tv te staren terwijl voormaligje aan tafel op de laptop bezig was. Ik ging er van uit dat het aan voormaligje lag en legde me er maar gewoon bij neer dat het nou eenmaal zo was en niet anders. De tol van een relatie, zal ik maar zeggen. Geven en nemen, zoals het in elke relatie gaat. Maar ik had niet verwacht dat het dus aan mij ligt.

Nu ik volledig solo woon gaat het namelijk gewoon op de oude voet verder. Tot mijn verbijstering kan ik zeggen.
Ik, één van de leukste mannen die ik ken lig weer avond aan avond op de bank naar de tv te staren.

God, was ik Lenny Kuhr maar.

Ik word niet begrepen

Soms hoor, niet altijd.
Over het algemeen genomen kom ik redelijk bij de mensen door maar m’n flauwe grappen willen vaak nog wel eens niet begrepen worden.
Vandeweek bij de AH zum bleistift (Jenni, is een woordgrapje!). Ik kocht een homp kaas en bedacht me dat ik geen kaasschaaf heb. Dus die mikte ik ook in het mandje (ja, ik loop met een mandje door de AH, kun je het je voorstellen?).
Bij de kassa zat een lief meiske waarvan de geslachtsrijpheid nog discutabel was.
Ze scande mijn 5 produkten met als laatste de kaasschaaf.
Ik zei; “Ik vind die kaas gaaf, wat jij?”.
Ze kijkt me stomverbaasd aan. “Pardon?”, zei ze.
“Ik vind die kaas gaaf”, herhaalde ik en ik wees naar de kaasschaaf.
Ze kreeg een enorme boei en keek me verontschuldigend en vragend aan. Ik zei dat het een grapje was en liep hoofdschuddend de winkel uit.
Ik deed de 3 kratten bier, de homp kaas en de kaasschaaf in de auto en ben weggegaan.

Ik had later nog wel begrip voor haar reactie. Het komt natuurlijk niet dagelijks voor dat een woest aantrekkelijke veertiger tegen zo’n jong ding een flauwe woordgrap maakt.

Misbruik

 Kolere zeg! Heb ik net even eigenhandig een compleet arrestatieteam uit moeten schakelen. Heb ik weer.
Ik bracht net zoonlief naar bed toen ik door de gordijnen een schimp vanaf het dak naar beneden zag glijden. Onmiddellijk drukte ik zoonlieven onder het bed en gebood ze daar stil te blijven liggen. Ik slipte snel in m’n commandopak. In de douchekamer camoufleerde ik vlug m’n gezicht en bovenbiceps, föhnde m’n haar en stormde de trap af. Hier overrompelde ik de eerste linie AT-ers.
Via de voor -en de tuindeur kwam de rest van de AT-ers met een hoop kabaal binnen. Middels koprollen, flikflakken, vuistslagen en flying kicks van bank naar bank en muur naar muur vloerde ik ze één voor één.  Binnen een mum van tijd en in een knipoog lag het huis bezaaid met 24 arrestatieteamleden.
Omdat ik geen idee had waarom er een inval bij mij thuis was, rende ik naar de controlewagen die op de parkeerplaats stond.
Ik trok de zijdeur opzij en vroeg aan de vent met de koptelefoon wat de fuk er aan de hand en going on was. (Ik vroeg het voor de zekerheid ook in het Engels, ik wist immers niet of het Nederlandse of buitenlandse  diensten waren).

Een man in grijs C&A-pak, overduidelijk de man in charge, vertelde me dat ik verdacht word van internetmisbruik. Met deze man was goed te praten en ik bood aan om bij mij binnen de boel op ons dooie gemak uit te zoeken. Met een knikje beveelde de man de AT-ers op te zouten.
Puffend en kreunend verlieten ze mijn bunker.
Ik vertelde de man dat ik sinds gisteren problemen heb met de mail. Kan niets ontvangen en niets versturen. Hij stelde voor om de provider te bellen.
Het meiske van UPC zei dat mijn account inderdaad stond genoteerd op de “abuselijst’.
Naar alle waarschijnlijkheid is mijn account gehackt en heeft UPC daarom de boel geblokkeerd. Met het wachtwoord wijzigen en 3 werkdagen wachten moet het probleem opgelost zijn. De C&A-pakman toonde begrip, bood z’n excuses aan en zei terloops of ik geen interesse had bij zijn dienst in dienst te willen. Hij kon iemand als ik goed gebruiken. Ik heb vriendelijk bedankt en wenste hem een fijne avond.
Ik liep naar boven en stopte zoonlieven in bed, ze konden vredig gaan slapen. Papa had het alweer opgelost.

Maar hoe erg moet een misbruik zijn om bij mij binnen te vallen vraag je je toch af?
Raarrrrrrrrrrrrrr.

Tietanus

  Zoals bekend ben ik tha bomb met muziekspelletjes. We spelen een muziekspel en ik win. Als je in het woordenboek naar het woordje “Muziekspelwinnaar” zoekt, staat mijn foto erbij. Da’s geen verrassing, iedereen weet dat.
Behalve mijn goeie vriend Linda. Hij heeft het idee dat, en ik citeer, ‘aan elkaar gewaagd zijn’.
WHOEHAHAHAHAHAHAHA (MET HOOFDLETTERS DUS KEIHARDE LACH)

Al tijden zijn we een avond aan het plannen en steeds komt hij wel met een excuus en drukt hij z’n snor. Natuurlijk wil hij meer tijd om voor te bereiden, dat ziet iedereen. En let wel, het is het muziekspel van hem, ik heb geen idee welk spel het precies is.
Ik heb het trouwens wel steeds over hem maar het schijnt dat zijn vrouw Maurice ook mee zal spelen.
WHOEHAHAHAHAHAHAHAHAHAHA, BONK (Keiharde lach gevolgd door van de stoel vallen). Nee, die tel ik sowieso niet mee.

Het zal gaan tussen Linda en moi. Oeioeioeioeioei, spannunnnnnnnd! NOT!

En om jou als lezer mee te laten interactiveren, kun je hieronder aangeven wie volgens jou de “ULTIEME MUZIEKSPELWINNAAR” zal worden.
Wie wint deze titanestrijd? Wordt het TIETanus of wordt het tietANUS?

Place your bets.